vrijdag 20 juni 2014

Verbazing over salaris(verbazing) banken: lakmoesproef voor de eed

Deze week is er de nodige ophef over de verhoging van vaste banksalarissen in de subtop van ABN AMRO en Rabo met 20%. Ook zijn er de nodige partijen die zich niet verbazen: de verhoging is immers een logisch vervolg op de politieke bash-je-bank wraakactie waardoor een nationale 20% top op bonussen ontstaat.

Mijn persoonlijke conclusie is dat de banken in kwestie bij deze gezakt zijn voor hun eindexamen financiële eed voor de sector. Het bonusgereutel is te zien als een lakmoesproef die zowel de onvolwassenheid van de Tweede Kamer als die van de betreffende banken toont. Juist de recente eed (en eer) van een bankier zou namelijk met zich brengen dat hij/zij ook subjectief onrechtvaardige, doch juridisch adequaat vastgestelde regelingen, accepteert en niet met een slimmigheidje ontduikt.

De vervolgconclusie is overigens vrij desastreus. De eed voor de financiële sector is, alle goede voornemens en initiatieven van Chris Buijink van de NVB ten spijt, meer een schaamlap dan een erezaak. Immers: als de politieke context de bankiers raakt waar het pijn doet (in de portemonnee), dan vertonen ze onvolwassen uitwijkgedrag waarvoor een integere bancaire compliance officer niet zou schromen zijn bestuur of Raad van Commissarissen te waarschuwen.

Conclusie
Waar de hele samenleving op allerlei manieren de financieel-economische crisis ervaart en de tering naar de nering moet zetten in toenemende onzekerheid over de eigen baan- en inkomenspositie, kiezen bankiers met een riant salaris, benijdenswaardige inkomenszekerheid en bijpassend pensioenpakket vanuit een wereldvreemde ivoren toren benadering voor een graai in de kas van de eigen klanten, om het ervaren subjectieve leed - veroorzaakt door een eigen serie aan PR-fouten en bancaire overmoed - recht te trekken.

-----

De analyse: inhoudelijk
1. Bonussen werken niet; dat weten we al jaren (zie deze aparte blog). Ze zijn de weerslag van een denkfout waarin extrinsieke motivatoren als zwaarder worden gewogen dan intrinsieke. Dit leidt hoe dan ook tot abberaties in de onderneming omdat disbalans ontstaat in de factoren waarop een bonus wordt gelegd en die waarop dat niet gebeurt.

2. Eén van de abberaties die het bonus systeem oplevert is dat een bonus geen bonus meer is (letterlijk: extra-tje) maar inkomen. De permanente bonusafspraken worden gezien als inkomen en daarmee gezien als verworven inkomensrecht. Dat lijkt me een denkfout. Een bonus is geen vaste toekomstige inkomensclaim maar een conditionele toelage die afhangt van voorwaarden die door wet of werkgever gewijzigd kunnen worden.

3. Een morele of ethische claim op de werkgever om bij het wegvallen van de bonus gecompenseerd te worden in inkomen is een contradictio in terminis. De bonus is een extra, geen inkomen. Daaruit kunnen geen rechten worden ontleend.

De politiek/tweede kamer
4. De Nederlandse politiek is rechtstatelijk gezien in ontbinding: adviezen van de eigen institutionele risico-manager: de Raad van State worden genegeerd. Waarschuwingen op dit gebied worden genegeerd alhoewel er wel een obligatie discussie over het onderwerp rechtstaat is gevoerd. Men deed een plas en alles bleef zoals het was.

5. De teloorgang van politieke mores om acht  te slaan op het advies van de Raad van State raakt in het bijzonder ook de banken. Politici zijn op electorale bonusjacht en leggen de adviezen over de nieuwe structuur van DNB (kritisch), zorgplicht (niet doen), de eed voor individuele medewerkers bij banken (niet doen), de bonuscap 20% (niet doen) naast zich neer.

6. Temidden van dit politieke haantjesgedrag weet de Tweede Kamer niet de juiste aandacht te geven aan de zorgvuldige behandeling van een kerninstituut in onze samenleving: de Nederlandsche Bank. Het gestuntel rondom de opvolging van Wellink was van betreurenswaardig allooi.

Kortom, de Tweede Kamer houdt zich incidentgewijs bezig met wat zich voordoet en vergeet naar de bal te kijken. Het is een beetje als een huismeester die elk probleemsituatie in een pand oplost met hetzelfde rolletje ducktape. Je kunt je voorstellen dat de bewoners van dat huis steeds minder fiducie in hem hebben en het huis er niet echt beter van wordt.

De banksector
7. De banken staan er gekleurd op in Nederland. Niet ten onrechte. We hebben de afgelopen jaren overmoed gezien (SNS, ABN AMRO) onvoldoende interne controle (Rabo), overcomplexiteit (ING) en opportunisme (DSB, Icesave). Natuurlijk kunnen we dan wijzen naar de toezichthouder, maar die doet er in de kern van de zaak niet toe. Banken dienen voldoende zelfreinigend en zelfcorrigerend vermogen te hebben en dat was er niet.

8. Groot pluspunt is dat de banksector een Code Banken inrichtte, de eigen interne controlestructuren verbetert, meer aandacht heeft voor governance en risico's. De geformuleerde eed voor de financiële sector werd onderdeel van de regelgeving. Ik haal daar voor deze blog even deze 2 delen uit:
Ik zweer/beloof dat ik een zorgvuldige afweging zal maken tussen alle belangen die bij de onderneming betrokken zijn, te weten die van de klanten, de aandeelhouders, de werknemers en de samenleving waarin de onderneming opereert.
...
Ik zweer/beloof dat ik mij zal gedragen naar de wetten, de reglementen en de gedragscodes die op mij van toepassing zijn.
Van houdgreep naar dialoog, visiedocument en consultatie
9. De afgelopen jaren was lange tijd sprake van een uitermate ongezonde houdgreep waarin de politiek, media en bankiers elkaar gevangen hielden. Makkelijke maar onjuiste of uit Anglosaxische wereld geïmporteerde noties en denkbeelden (lees Kahneman) beheersten het debat. Een heel spectrum usual suspects kwam herhalend op televisie om hetzij het ene, hetzij het andere kamp schematisch neer te zetten. De polariserende rol van de media moet daarbij niet onderschat worden.

10. De afgelopen tijd was te zien dat er, met het aantreden van Chris Buijink bij de Nederlandse Vereniging van Banken (NVB), een nieuwe dialoog op gang kwam met de samenleving. Ik herinner me in het bijzonder een buitengewoon goed geleid debat door Felix Rottenberg in de Balie. Ook individuele bankiers mengden zich in het debat en brachten meer inzicht. Het meest recente voorbeeld zie je in dit stuk van de ING waarin men uitlegt hoe het zit met de geldscheppingsparadix voor banken.

11. Begin dit jaar werd duidelijk dat er ook wat zelfvertrouwen groeide bij bankiers. Zalm zette een smakeloos sexistische act neer als nieuwjaars-speech en toen die ook de Financial Times groeide en trots in Nederland over 'onze Gerrit' als had hij zelf de wereldbeker binnengehaald. Er was in mijn ogen te weinig aandacht voor een onderliggend probleem: de hele act en publiciteit ademde de sfeer van een organisatie waarin te weinig tegenspraak was georganiseerd, alle bankcode's en financiële eed ten spijt.

Bankieren, voldoen aan regels en dilemma's
12. Bankieren zit vol regels. Daar is feitelijk weinig spannends aan, alhoewel het best wel veel regels zijn en ze niet altijd even goed op elkaar passen. In de loop der tijd is zo het beroep compliance officer ontstaan om goed bij te houden en te volgen of de bank netjes aan de regels voldoet. Zulke compliance officers houden de bank bij de les en hebben een onafhankelijke positie zodat ze in geval van nood richting de Raad van Bestuur of Raad van Commissarissen kunnen om hun signaal af te geven.

13. In de praktijk lopen compliance officers ook tegen vragen aan op het grensvlak van recht en moraliteit. Stel dat in een bepaalde situatie een bank een plicht heeft om te voldoen aan een bepaalde controle of meldings-procedure, maar in de praktijk de commerciële jongens binnen de bank de klant te adviseren/informeren dat die plicht niet geldt als hij in plaats van één grote transactie in feite twee opvolgende kleinere transacties doet.

Aan de ene kant kun je zeggen: die twee opeenvolgende transacties zijn helemaal binnen de regels van het recht. Dus er niets aan de hand en de bank zou dit de klant kunnen adviseren. Aan de andere kant is duidelijk dat de bedoeling, de geest van de wet, ondergraven wordt. Dat is nou typisch zo'n moment waarop de eed van de financiële sector juist de compliance officer een duwtje in de rug kan geven. Daar staat immers met zoveel woorden de norm om je te gedragen naar de wetten en regels van het land, met een afweging van alle relevante belangen.

In de hier geschetste situatie moet je als bank je - in mijn ogen - verre houden van adviezen of handelingen die beogen om de toepassing van de wet te ontlopen. Het is niet aan een individuele bankmedewerker om met een slimmigheidje de wetstoepassing in de praktijk te onlopen. Wet is wet en daar heb je je aan te houden, zowel naar de letter als naar de geest.

Toegepast op de bonussen en salarisverhogingen
14. De discussie over bonussen en daaropvolgende salarisverhoging is in de kern van de zaak een compliance discussie. Er is een wet met een bepaald effect. Die heb je te respecteren, ook als het alleen een wet is die komt vanuit nationaal perspectief. Al het bankieren is Europees en het voelt voor bankiers logisch onrechtvaardig aan dat Nederland gaat afwijken met een 20% bonuscap. En al helemaal als je in een land zit waar de wraakstemming bij de politiek nog zo onvolwassen heftig is. Maar goed, een wet is een wet en als je die niet bevalt moet je maar proberen de wet te wijzigen.

15. De context en geest van de wet over maximale bankbonussen is dat de governance van banken door eigengereide belonings-structuren is ontspoord en maatschappelijk ongewenste neven-effecten heeft veroorzaakt. Dit vertaalt zich in een maximering, die inderdaad een zeker strafkarakter heeft. En hoe arbitrair en onrechtvaardig die straf-exercitie ook is; het is óók de consequentie van een belabberd PR-beleid en het disfunctioneren van de sector in de afgelopen jaren.

16. Ondernemingsgewijs kun je nu twee dingen doen.
A- Je incasseert als bank je verlies en vertelt je medewerkers dat de bonussen naar het 20% niveau gaan zonder verder iets te veranderen. Dat kan pijn doen in de portemonnee van je medewerkers maar die leg je dan uit:
- dat de gouden tijden in het bankwezen definitief voorbij zijn,
- dat de sector de billen heeft gebrand en op de blaren moet zitten,
- dat een bonus geen inkomen is maar een extra-tje,
- dat de leiding van de bank zich conform wet én de eed financiële sector te houden heeft aan de wet, hoe onrechtvaardig ook,
- dat het uitermate slecht voorbeeldgedrag zou zijn om de toepassing van die wet te ontlopen door de salarissen van de bonuskrijgers evenredig te verhogen,
- dat het bonus-offer, geplaatst in de context van de ontwikkelingen in de samenleving van dit moment (flexibilisering, werkloosheid, baanonzekerheid etc), relatief is
- dat het de medewerkers uiteraard vrij staat om op te stappen en ander werk te zoeken als deze bonus nu datgene was wat hen aan de bank bindt.

B- Je bent boos op politiek, staat onder druk van managers die ten onrechte een inkomensclaim neerleggen en dreigen op te stappen en denkt: ik trek mijn eigen plan en verhoog de salarissen. Kortom, waar de politiek besluit om beloning af te pakken van de medewerkers van de instelling haal je het zelf terug van de klanten. Daar kun je dan duizend rechtvaardigingen aan hangen (waarvan ik de onderliggende verontwaardiging overigens volledig onderschrijf) maar het blijft weinig passend gedrag.

De consequenties
17. Hoe begrijpelijk de stap van ABN AMRO en Rabo ook is; ze toont aan dat de antenne voor de maatschappelijke context van banken uitermate slecht ontwikkeld is. Het is duidelijk dat bij de betreffende banken de governance niet op orde is en ook de Raad van Commissarissen niet functioneert. Men heeft dan wel de eed van de financiële sector ondertekend maar men handelt er niet naar of men is bedrijfsblind geworden en miskent de ontwikkeling in de samenleving.

18. Alle energie die door de rest van de banken wordt gestoken in het wél netjes voldoen aan de reputatie als bank en het naleven van de financiële eed gaat verloren. Alle aandacht gaat uit naar de partijen die zich niet conform de eed gedragen en als geheel wordt de banksector weer drie stappen terug gezet. Dat is buitengewoon jammer, want er ontspon zich net het begin van een gesprek.

19. Het hoofdsignaal is: banken laten zich gewoon aan niemand iets gelegen liggen en die mooie consultaties en toekomstvisies van de Nederlandse Vereniging van Banken zijn inderdaad meer een schaamlap dan een erezaak. De NVB is natuurlijk ook niet bij machte om de grootbanken écht bij de les te houden.

De weg vooruit: eerste casus in tuchtrecht?
20. Natuurlijk gaan we de komende dagen met zijn allen weer veel verontwaardiging over dit thema zien, maar laten we een stap vooruit denken. Hoe breng je dit tot een oplossing?

Mijn suggestie zou zijn dat ABN AMRO en Rabo hun besluit aanhouden en zelf inbrengen als proefcasus voor de tuchtrechter die er zou komen bij de beoordeling van de toepassing van de eed voor de financiële sector voor bankiers. Stel je open op voor de kritiek in de samenleving en laat zien dat je bereid bent erop terug te komen als de (onafhankelijke!) tuchtrechter anders besluit.

Het zou dé lakmoesproef zijn die toont of de eed ook werkt in de praktijk. 

zondag 27 april 2014

Slecht voorbeeld van landelijke politici leidt tot terugkeer van particularisme en clientelisme in de politiek

De druilerige verjaardag van onze Koning leek me een mooi moment om nog eens even wat verbazing van me af te schrijven. Verbazing, gekoppeld aan zorg, want de afgelopen maanden werd geleidelijk duidelijk dat het  Fristi-akkoord dat dit kabinet het regeerakkoord noemt, ook een tweede-orde effect heeft op gemeentes.

Het eerste orde effect is gevoeglijk bekend: de gemeentes zijn opgezadeld met onuitvoerbare gedecentraliseerde taken waarin een bezuiniging verborgen zit. De timing daarvan is zodanig dat de recente gemeenteverkiezingen in feite inhoudsloos waren. De werkelijke consequenties van de decentralisatie zijn op lokaal niveau namelijk nog lang niet bekend. De visies van lokale partijen op dit meest wezenlijke punt konden dus niet voorgelegd worden aan de kiezer, die dus in feite overal een best guess heeft moeten doen. Dat is een slechte zaak.

Het tweede-orde effect: landelijk voorbeeld wordt gemeentelijk nagevolgd
Zorgelijker vind ik het tweede orde effect dat dit kabinet en dit parlement heeft op de verhoudingen in de samenleving. Dat effect bestaat eruit dat we het geleidelijk aan normaal gaan vinden dat je, zonder op zoek te gaan naar wezenlijke verbinding, met elkaar electorale sinterklaaslijstje gaat uitruilen om een coalitie te vormen waarmee je aan de macht komt. 

Nu het kabinet een tijdje bezig is zie je allerlei criticasters geleidelijk aan op hun schreden terugkomen en zeggen: goh, ze hebben eigenlijk best veel in gang gezet op allerlei gebieden. Nu is het feit dat er gewerkt wordt natuurlijk niet te ontkennen, maar de diepgang en kwaliteit van de regeringsactiviteiten is ernstig onder de maat. Het kabinet struikelt voort zonder enige visie en zonder enige poging om de lange termijn in de gaten te houden. Intussen houdt het parlement zich onledig met hoorzittinkjes over incidenten en thema's (Fyra, ICT) waar in de kern van de zaak het juist de politieke grilligheid is die mede leidt tot de problemen in die beleidsvelden.

De landelijke stijl van compromissen maken en uitruilen van belangen wordt echter nu ook op gemeentelijk niveau gemeengoed. Ik vind dat een slechte zaak, want het leidt ook op lokaal niveau tot adhoc politiek waarin zonder visie niet langer de verbinding, maar slechts een 'werkbaar compromis' wordt gezocht. De oorzaak is simpel: als de aapjes bovenaan de apenrots zich allemaal op een bepaalde manier gedragen, gaan de aapjes daarbeneden dat gedrag imiteren.

Netto effect: particularisme en cliëntelisme komt weer terug
Het netto effect laat zich raden. Gemeente's gaan elk een eigen begroting krijgen die meer of minder zwaar belast wordt met zorgtaken. Er komen rijkere en minder rijke gemeente's en zorg-regime's die per gemeente verschillen. Daarbij heeft de gedecentraliseerde bevoegdheid tot beleidsbepaling tot gevolg dat het loont om op lokaal niveau goede maatjes te zijn met wethouders, zorgverleners enzovoorts. Die hebben immers wat te verdelen.

Het gevolg is dat, net als momenteel in de landelijke politiek, er op gemeentelijk niveau een opeenvolging van adhoc akkoorden en afspraken is te verwachten, gekleurd door de belangen en beïnvloeding van het moment. Het effect op de burgers is een nog grotere ongelijke behandeling die slecht uitgelegd kan worden omdat er geen landelijke regie/controle meer is. In zo'n situatie kiezen ook de burgers eieren voor hun geld en gaan ze op zoek om de lokale politici of ambtenaren te bewerken en te beïnvloeden ten behoeve van eigen gewin. 

Zo boekt de landelijke politiek, vanuit een ivoren toren benadering gericht, een besparing van enkele miljarden in. Tegelijk zet ze een trend/toon/cultuur neer die op gemeentelijk niveau wordt nagevolgd en zal leiden tot de terugkeer van particularisme en cliëntelisme.

Het is pennywise en pound-foolish, maar dat ontdekken latere politici vast wel in hun parlementaire enquête die over 6 jaar pas wordt gehouden. 

dinsdag 4 februari 2014

Hulde aan Rottenberg en de Balie voor het gesprek over toekomst bankwezen !

Gisteravond keek ik via Salto mee naar de discussie in de Balie over: 'het verweesde bankwezen'. Er vond een gesprek plaats tussen twee bankiers: Nagel (ING) en Oostendorp (SNS) en de heren van Wijnbergen en Engelen. Dankzij het uitstekende modereren van Felix Rottenberg werd het ditmaal meer dan het betrekken van de klassieke en karikaturale stellingen.

Ik hoop van harte (zie mijn eerdere blog over de beperkte dialoog tussen politici, wetenschap en bankiers) dat journalisten, debatcentra, parlementariërs en alle betrokkenen in het debat een voorbeeld nemen aan de stijl en benadering van Rottenberg. Want alleen op die manier vinden we geleidelijk de weg terug naar een normale dialoog over de rol van banken en politiek in de samenleving.

Voor wie zichzelf wil informeren en uit eerste hand terug wil kijken verwijs ik naar de video alhier. Let wel: het is een lange zit van twee uur (voetbalwedstrijd met verlenging), maar er gebeuren mooie dingen.


Het Verweesde Bankwezen - Debat over de toekomst van de banken in Nederland in De Balie.

De methode Rottenberg: de gedwongen vraag, erkenning van ander en zelfreflectie
Zoals gezegd heb ik met veel plezier en bewondering gekeken naar de manier waarop Felix Rottenberg het gesprek in de Balie aanpakte. Het basisrecept was daarbij heel simpel. Hij liet de deelnemers aan het gesprek eerst de ruimte om een eigen visie op de toekomst van het bankwezen over tien jaar schetsen. Dat is een sterke keuze, aangezien je dan een inspirerend vertrekpunt voor het gesprek neemt en niet de neus naar achteren richt.

Een ander sterk punt was dat hij de deelnemers aan het gesprek consequent dwong om:
- niet (slechts) uit te weiden met een visie over het eigen gelijk,
- vooral een vraag te formuleren die meer inzicht zou bieden,
- aan te geven wat men waardeerde in het antwoord van de ander,
- te schetsen wat het antwoord de vragensteller geleerd heeft.

Rottenberg voerde hier een strakke regie op maar liet tegelijk ook ruimte voor stevige statements. Op deze manier dwong hij feitelijk alle deelnemers aan het gesprek uit de loopgraven te komen en te kijken naar en vanuit de positie van de ander. Dat zit heel dicht aan tegen de richtlijn van Kant ('wat gij niet wilt dat u geschiedt, doe dat ook een ander niet') en dat creëerde in mijn ogen meer ruimte en zicht op de materie dan de gebruikelijke loopgraven-quotes.

Hoe ziet die toekomst van banken eruit?
Over de inhoud van het debat is probleemloos een grote blog te maken. Ik bewaar dat voor een latere keer. Meest saillant vond ik dat één van de thema's die, dankzij Sweder van Wijnbergen, terug bleef keren, betrekking had op de versterking van het eigen vermogen van banken, door kapitaal aan te trekken. Juist de herziening van de bancaire leningboeken door de toekomstige Europese toezichthouder zou een moment kunnen zijn om dat te gaan doen.

Op de herhaalde vraag van van Wijnbergen aan de heer Nagel van ING waarom men die route niet koos, kwam slechts beperkt antwoord. De heer Nagel gaf aan dat die uitgifte niet nodig zou zijn vanuit het perspectief van verdere kredietverstrekking aan MKB, omdat daar een grens bereikt is en er te weinig kwalitatief goede kredietaanvragen zijn.

Op dit punt bleef Nagel echter zodanig op de vlakte dat het mij voor de hand lijkt te liggen dat ING na aflossing van de Alt-A en met het oog op de Europese bankensituatie, een emissie gaat aankondigen. En ik deel op dit punt de mening van van Wijnbergen dat het goed zou zijn als alle Europese banken dit spoor gaan volgen (met aandelen en niet zozeer achtergestelde instrumenten) om de crisis achter zich te laten.

Het vervolg: uitbreken uit het karikaturale vertoog
Naar ik uit de uitzending begreep komt er een vervolg sessie, middag of dag, georganiseerd door de Balie. Ik hoop van harte dat ook dan Felix Rottenberg weer de gastheer van dienst is. Het zou een goede stap kunnen worden waarin alle deelnemers aan de discussie over de toekomst van het bankwezen los komen uit hun eigen hokjesdenken en elkaars positie erkennen.

Kortom: hulde aan de Balie en Rottenberg voor deze mooie avond: ik zie uit naar het vervolg.

zondag 2 februari 2014

Verbazing over parlementair micromanagement van banken, belasting en spoorwegen

Deze week is er weer een druppel teveel in mijn emmertje verbazing gevallen. Het was niet de verbazing over het feit dat Wankele Weekers moest opstappen; dat zat erin namelijk. Nee, het blijft me telkens weer verbazen hoe onze Tweede Kamer in staat is zonder benul van de eigen historie en rol door te gaan met micro-managen. Laten we de situatie bij banken, belastingdienst en spoorwegen als voorbeeld beschouwen.

Banken
Natuurlijk is er veel verontwaardiging denkbaar over banken, de crisis en wat daar aan voorafging. In een strijd om de populairste en daadkrachtigste politicus te zijn, zien we echter de Tweede Kamer zich verliezen in een debat over hoe hoog welke buffers precies moeten zijn. Met weinig oog voor de wereld om hen heen en als enige gedachte:  'wat de banken ook zeggen, het is niet waar en wij weten het beter'.

Ik verbaas me daarover want in de kern van de zaak is het de politiek geweest die eind jaren negentig ernstig heeft meegedaan aan de verruiming van hypotheekregels en die zelfs nu nog probleemloos roept om meer kredieten in een tijd van recessie. De financiële geschiedenis staat vol van voorbeelden hoe onrealistisch dat is, maar onze kamer blijft micromanagen.

Belastingdienst
Het deugde niet met Weekers. Hij had de bulgarenfraude niet in de smiezen en het rommelde bij de belastingdienst. Maar nu was er in een streven naar voorkomen van fraude weer gelazer. En dus alle reden voor de Kamer om er weer bovenop te zitten. Met het vertrek van Weekers als resultaat.

Waar ik me dan weer over verbaas is over de eerdere debatten in de Kamer. Over de invoering van een toeslagen stelsel, tegen allerlei adviezen in. Over de opgewonden standjes die riepen dat fraude moest worden voorkomen. Vervolgens neemt de belastingdienst het zekere voor het onzekere en dat is dan ook weer niet goed. Zo blijf je van incident naar incident rennen.

Spoorwegen
Deze week rolde er een advies door de media dat het eigenlijk maar het beste was als we Pro-rail en NS maar weer zouden samenvoegen. Het deed me direkt weer denken aan de talloze sessies die we gehad hebben over de Spoorwegen. Over blaadjes op de rails en de te verwachten enquete over de Fyra.

Ik zie vooral de constante factor: een kamer die te dicht op de werkelijkheid wil zitten vanuit een behoefte aan daadkracht en electoraal spierballenvertoon. Het schiet niet op, op deze manier, sterker nog: de Tweede Kamer wordt zelf de oorzaak van toekomstige problemen door deze incidentgerichte zig-zag politiek.

De rol van de media: versterking of demping?
De buitenhof-uitzending met Chris Buijink deed me weer eens beseffen dat ook media een rol hebben in deze dynamiek. Je kunt door verslaggeving en je keuze van interviewen de zaken namelijk opblazen danwel relativeren en in de juiste context plaatsen. Helaas koos Buitenhof ervoor om in een verouderd frame te blijven zitten ('de banken zijn fout en willen niet luisteren') wat tot gevolg had dat de uitzending niet echt leidde tot een gesprek, maar twee sequentiele monologen.

Desondanks meen ik toch links en rechts de eerste sporen waar te nemen van extra reflectie in de media, waarbij men zich afvraagt: moeten we dit allemaal nog wel zo hijgerig volgen. Ik hoop dat die kleine groene sprietjes verder doorgroeien en dat dan ook de parlementaire dynamiek in een nieuw perspectief wordt geplaatst.

En tot het zover is, blijf ik me toch weer verbazen.

zondag 26 januari 2014

Verbazing over de nieuwjaars-act van (Priscilla) Zalm: het begin van 'de Zooi !'

Ruim een week geleden gebeurde het. Via Twitter en Youtube sijpelde de nieuwjaars-act van Priscilla Zalm bij ABN AMRO door in de publiciteit. Mijn directe indruk was: klassiek vrouwonvriendelijk, niet echt leuk en een volstrekt gebrek aan allure. Maar de act bleef knagen. Het was toch ook stoer, lef en relativerend?

Het duurde even, maar na ampele overweging is mijn conclusie dat bij ABN AMRO zich momenteel een vervolg-plot ontwikkelt op de Prooi. Dat plot gaat heten 'de Zooi' en ik zal u, met een lichte omweg hieronder, toelichten waarom. Maar kijkt u eerst, zo u wilt en zo u het volhoudt, nog rustig eventjes naar de act.



Zomaar een etentje in 2011
Ergens in 2011 had ik het genoegen in goed gezelschap in een sterrenrestaurant te eten. Daar verscheen opeens Gerrit Zalm als één van de gasten. Zo te zien was het een etentje met een goede klant en daarbij waren ook wat 'adjudanten'. Wat mij opviel was het klassieke hovelingengedrag dat deze ten toon spreidden. Meelachen met de baas. En wat ook opviel was de onrust bij Zalm zelf. Mogelijk had hij een drukke dag achter de rug, maar ik ervoer vooral veel onzekerheid en ongemak: hij was er wel, maar hij was er niet: vermoedelijk had ie liever achter de flippertafel gestaan.

Het morele kompas van ABN AMRO
Dan een kort stukje tekst dat me de afgelopen maanden opviel. Het ging om de doel-omschrijving van de afdeling Compliance & Conduct. Die vind ik fascinerend:
Compliance & Conduct  maakt onderdeel uit van het bedrijfsonderdeel Integratie, Communicatie & Compliance (ICC). Onze afdeling ondersteunt ABN AMRO bij het identificeren, beoordelen en effectief managen van de Compliance risico’s en fungeert als moreel kompas van de bank. 
De tekst sprong mij in het oog omdat ik ervan overtuigd ben dat je je moraliteit en geweten niet kunt uitbesteden aan iemand anders. Je bent en blijft verantwoordelijk voor wat je doet, ook al richt je er nog twintig afdelingen voor op. En natuurlijk kun je nuanceren dat het goed is dat dit soort afdelingen er zijn en zichzelf een doel stellen, maar het lijkt mij het paard achter de wagen spannen.

We moeten ons in deze financiële - , consumenten- en ecologische crisis vooral beseffen dat iedereen zijn eigen moreel kompas is. Dat is ook precies de functie van een bankierseed voor iedereen. De visie van ABN AMRO op dit punt staat daar haaks op en dat is een teken aan de wand.

Een nieuwjaarscabaret-act: waar zit de baas?
Terug nu naar de cabaret-act van Zalm. Naar verluidt doet hij dit al enige jaren. Dat lijkt leuk, maar is feitelijk onrustbarend. Omdat een baas van een onderneming moet begrijpen dat zijn plek bij een bedrijfs-cabaret op de voorste rij is. Het is onderdeel van de ontlading van emoties en verhalen van zijn bedrijf en daarbij past de Sinterklaas instelling: er komen gedichten, meer of minder duidelijke verwijzingen naar je minder mooie eigenschappen en je wordt op de hak genomen. Dat is om allerlei redenen goed en nuttig. En voor de baas in kwestie natuurlijk niet altijd even vleiend.

Een sportieve baas en echte leider, laat zich zoiets aanleunen en schept ruimte en vrijheid waarbinnen alles veilig op de hak genomen kan worden. Hij of zij geniet van de creativiteit in de acts die worden opgevoerd en weet dat hij/zij zich zorgen moet maken als hij/zij niet vaak genoeg op de hak wordt genomen. Want dan zit er meer angst in de organisatie dan je zou denken.

Een slechte baas en middelmatig leider neemt het roer in eigen hand. Die wil ook bij het cabaret nog zijn stempel drukken op de organisatie. En waar het zelf deelnemen natuurlijk niet aan de orde is, is de andere optie: met een verkleedact het startschot geven. Dat ziet er leuk uit misschien, maar het is fundamenteel fout. Je pikt de ruimte van je eigen personeel in om zelf een punt te maken. Je trekt onnodig de aandacht naar je toe en toont dat je ijdelheid (of onzekerheid) onbegrensd is.

De act van Priscilla Zalm
Tja, hoe leuk ook bedoeld, de act van dit jaar is ontegenzeggelijk sexistisch. Als je terug moet vallen op sexueel getinte dubbelzinnigheden waarin je een bank met een bordeel vergelijkt dan zet je een slechte toon. Dat stoorde me direct al, bijvoorbeeld bij de analogie front-office/back-office. En dan kan het nog zo leuk zijn om vervolgens de kernwaarden van je bedrijf te verpakken in je verhaal; je demonstreert feitelijk een sublimale kernwaarde: 'met man-vrouw verhoudingen gaan we hier bij ABN AMRO onvolwassen en weinig respectvol om'. Het woord front-office heeft zodoende, dankzij de hoogste baas, binnen ABN AMRO (en daarbuiten) een extra lading gekregen waarvan je je kunt afvragen of die gewenst is.

Voor de goede luisteraars en intimi zitten er nog wat extra zaken verstopt in de act. Priscilla toont een duidelijk inzicht in Gerrit Zalm als iemand die misschien niet overal verstand van heeft, maar wel goed kan luisteren. En er volgen wat verwijzingen naar de tweede man; Wijn, die je dubbel kunt opvatten. Als positief, omdat hij niet naar zaken als die van Priscilla gaat, of als negatief, omdat hij de klant niet opzoekt. Die verdere boodschappen laat ik graag voor de diepte-psychologen (ook een mooi onderwerp voor een promotie-onderzoek trouwens).

Tenslotte valt me op dat Zalm, die blijkens een tv-optreden onlangs erg gecharmeerd is van tegenspraak, deze toch volstrekt onvoldoende georganiseerd heeft. Hij is kennelijk omringd door medewerkers die niet tegen hem durven zeggen. Gerrit, deze act is misplaatst, duurt te lang, of anderszins. Men gaat mee in het idee-tje van de baas. Daarmee zijn we dus weer terug bij af, want met net zoveel gemak ging men destijds mee met de ideetjes van Rijkman Groenink.

Je ziet het pas als je het ziet
Afgelopen week werd het rapport van Frijns en Hoekstra over de ondergang van SNS gepubliceerd. En wie dat terugleest kan niet anders dan denken: 'We hebben het gezien, stonden erbij en keken ernaar'. De overnamedrift van SNS was megalomaan, al in de tijd dat ie er was. Maar om onduidelijke reden kon die dynamiek gewoon blijven bestaan en focusten we op de verkeerde details in het plaatje. En zo viel SNS bijna om, tot ze gered moest worden door de staat.

Op eenzelfde manier gaan wij later terugkijken naar het ABN AMRO van nu. En dan beseft opeens een grote groep Nederlanders, met de kennis van straks, dat onze algemene waardering voor de gedurfde act van Priscilla Zalm wel erg tijdgebonden was. En dat de publieke opinie van dit moment ons het zicht heeft ontnomen op wat zich evident voor onze ogen afspeelde.

Het wachten is op: De Zooi !
ABN AMRO is een stuurloos bedrijf, gerund door twee buitenstaanders. Een onzekere ijdele zonnekoning die zichzelf overschreeuwt en een ambitieuze tweede Hekking op de achtergrond. Daaromheen bevindt zich een hofhouding die knipmest naar de baas en geen gezonde tegenspraak durft te geven. En een Raad van Commissarissen die als onzichtbaar op de achtergrond evenmin tegengas geeft.

Het geheel van de organisatie is één grote bank los zand met dubbele en onverwerkte emoties die variëren van heimwee naar de allure van vroeger, frustratie over de overname door Fortis en geleidelijk teruggewonnen arrogantie en eigendunk. Waar de crisis bij een zeker deel van de organisatie een loutering heeft teweeggebracht, is ie bij een ander deel van de organisatie alweer voorbij: daar is men weer terug in de oude vorm gesprongen. Een vorm waarin het morele kompas ge-outsourced is naar de afdeling Compliance.

Het mag ons dan ook niet verbazen als de volgende affaire uit ons bankwezen afkomstig zal zijn uit de hoek van ABN AMRO. Jeroen Smit kan zich alvast gaan warmlopen. En de titel van het boek dat hij zou kunnen schrijven krijgt ie hierbij alvast kado: de Zooi!

donderdag 23 januari 2014

Verbazing over onbeschaamde marketing-misser door Stater en Wooncollect

Deze week kreeg ik via een bevriende relatie een verbazingwekkend onbeschaamd staaltje misplaatste marketing van Stater en Wooncollect onder ogen. Kijkt u gerust even mee met het document dat dit jaar opeens als 'Bijlage' bij het gebruikelijke jaaroverzicht van Stater was opgenomen:

Bijlage bij saldo-opgave?
Nu weet ik niet hoe het u vergaat met een bijlage bij hypotheek-papieren, maar ik denk zelf dan altijd een uitleg van terminologie, fiscaliteit en klantenservicenummers te verwachten. Dit gedrocht lijkt daar niet in de verste verte op. De naam bijlage in dit document suggereert dat het gerelateerd is aan het hoofddocument. En dat zou dan weer suggereren dat de geadresseerde in betalingsproblemen zou zijn.

De brief zelf is treurigmakend amateuristisch, met een pseudo-klantvoorbeeldje om ons te overtuigen. Ook wordt geappeleerd aan het typisch Nederlands 'gratis'-denken in de brief.
       'Geheel kosteloos bespreekt Wooncollect uw situatie.'

Natuurlijk.... en daar zit geen adder onder het gras? Onbesproken blijft hoe Wooncollect - bijvoorbeeld via de betalingsregeling - opbrengsten krijgt. Weinig transparant, weinig verheffend en bovenal: te mooi om waar te zijn. Of moeten we concluderen dat Wooncollect optreedt als afdeling debiteurenbeheer van de bank in kwestie?

Irritante spam
Een koe is een koe en een geit een geit. Deze bijlage is niets anders dan onbeschaamde, onbehoorlijke en ongeoorloofde spam. Stater is doorgaans, zover ik weet, slecht de technisch uitvoerder van een hypotheek die elders loopt. Als zodanig heeft Stater niets te doen dan de afgesproken overzichtjes namens de bank te sturen die de hypotheek verstrekt.

Wellicht denkt Stater - in een zucht naar meer inkomsten - handig te zijn door een deal te sluiten met schuldsaneer/hulpbedrijf Wooncollect. Ik zie de Marketeer al vertellen op zijn interne vergadering:
'Wij doen gewoon die bijlage bij ons jaaroverzicht en dan.....
- krijgen we x euro per adres
- krijgen we x procent van een schuldsanering.
- enzovoorts....'

Waar is het zelfdenkend en zelfreinigend vermogen gebleven?
Je zou toch mogen hopen dat in een tijd van aandacht voor adviesprovisies, klant centraal, privacy en dergelijke de bedrijven in dit land stukje bij beetje wat zouden leren. Dat ze begrijpen dat dit soort acties meer bij de jaren negentig vorige eeuw passen dan in het Nederland van nu. Helaas is dat niet het geval.

Eén ding lijkt me duidelijk. Dit is onbeschaamd en ongepast, op allerlei manieren.
Stater en Wooncollect moeten zich schamen.

zondag 12 januari 2014

Verbazing over schizofreen nieuwjaarsartikel ESB en de wisseltruuk ZZP-verzekering

Deze week gooide de secretaris-generaal van Economische Zaken, Camps, de knuppel in het hoenderhok met de suggestie dat de zelfstandigenaftrek opgeheven kon worden. Tegelijk zou er een verplichte verzekering moeten komen voor ZZP-ers ivm de CAO-regelingen (pensioen, arbeidsongeschiktheid) die voor hen doorgaans niet toegankelijk zijn.

Wat mij verbaasde is dat dit weer een klassiek voorbeeld van indicent-gerichte ambtelijke voorstellen is in een tijd waarin de politiek geen doordachte keuze's maakt. Wat het echter extra verbazend maakt is dat het proefballonetje voorafgegaan wordt door een analyse waarin Camps erkent dat er laatstelijk toch wel erg veel incidentgerichte overheidsregelingen zijn ingevoerd.

Leest u even mee?

Snelle veranderingen vergen tijdige en fundamentele hervormingen
In het nieuwjaarsartikel toont de SG zich een realist. Hij juicht de positieve economische ontwikkelingen toe, maar benadrukt dat het een zeer broos herstel is. Tijdige en fundamentele hervormingen van beleid zijn belangrijk voor ons herstel en om mee te kunnen in de mondiale economie. Hij schroomt daarbij niet om de politiek en overheid te verwijten dat ze te langzaam reageren op relevante ontwikkelingen:

"Kenmerkend voor veel hervormingen is dat er lang wordt gewacht met het in gang zetten van robuuste wijzigingen. De ernst van het probleem wordt onderkend, maar het maatschappelijk draagvlak is veelal te smal om tijdig noodzakelijke aanpassingen te doen. Vaak wordt eerst volstaan met incrementele beleidswijzigingen". 

Hij somt vervolgens wat beleidsterreinen op waar dit voor geld: hypotheekrente-aftrek en pensioenhervorming. Feitelijk zit hij dus op hetzelfde spoor als Lex Hoogduin, die eerder deze maand in het FD kritiek uitte op de politiek die geen fundamentele keuze's weet te maken en daarmee de economie geen goed doet. Diens kritiek op angsthazerige politici met een schrijnend onvermogen tot zelfreflectie is mij uit het hart gegrepen.

Dat de kritiek van Camps op het adhoc beleid van de regering ook nu nog actueel is, zien we in de conclusie van het artikel terug. Hij zegt daar:
"De (ook recente) ervaringen leren echter dat hervormingen worden uitgesteld tot het laatste moment."
Kortom: hij verwijt zijn eigen premier, met zoveel woorden zowel visie als daadkracht. Vreemd genoeg werd dat nauwelijks opgepakt in de pers. Maar het maakt duidelijk dat Camps zich in het kamp thuisvoelt waar wel sprake is van visie.

De contouren van de nieuwe arbeidsmarkt
Met grove lijnen schetst de Secretaris Generaal van Economische Zaken vervolgens in zijn artikel dat arbeidsrelaties sterk veranderen en er fundamentele visie nodig is op hoe met die nieuwe dynamiek om te gaan. Hij schetst dat de bestaande, CAO- en werknemergerichte regelingen als pensioen en arbeidsongeschiktheid zijn gebaseerd op een wereld met vaste dienstverbanden die meer van het verleden dan de toekomst is.

Hij schetst dat de primaire beleidsreacties doorgaans zijn gebaseerd op het redeneren vanuit de bekende instituties. Terwijl meer fundamenteler denkbaar zou zijn om na te denken over een passend stelsel van voorzieningen voor arbeidsongeschiktheid en pensioen, passend bij de arbeidsmarkt van de toekomst. Dit vergt een omslag in het denken. Tot zover kan ik hem volgen en denk ik: hier schrijft een man met visie.

En dan komt, als klap op de voorpijl, zijn volstrekt old-school suggestie:
"Concreet kan hierbij worden gedacht aan een basisvoorziening voor alle werkenden op een lager niveau (met een verzekeringsplicht), waarbij op individueel en sectorniveau aanvullende afspraken kunnen worden gemaakt. Bij een fundamentele reactie past ook dat het niveau van de huidige fiscale faciliteiten voor zelfstandigen, zoals de zelfstandigenaftrek, opnieuw wordt bezien."

Dat is dan even wat teleurstellend. Eerst maak je iedereen lekker met een fundamenteel verhaal en dan komt er een voorstel dat uitsluitend voortborduurt op bestaande kaders en neerkomt op een goedkope incident-gerichte wisseltruuk. Een doorzichtige proefballon die past in het huidige incidentgerichte kabinetsbeleid. Want er is nog wel het een en ander op dit idee af te dingen.

De ZZP-verzekeraars wisseltruuk
Allereerst breng ik even de geschiedenis in herinnering. Lang, lang geleden was er de invoering van de studiefinanciering. Die had tot gevolg dat de ouders niet langer zelf de kinderbijslag voor hun studerende kinderen ontvingen, maar de kinderen zélf direkt een basisbeurs kregen. Dat zag eruit als een uitruil die wel min of meer klopte. Totdat op zeker moment de basisbeurs werd afgeknepen, omgezet in prestatiebeurs en nu zo'n beetje bijna uit zicht verloren is. Zo kun je met een handige wisseltruuk stapsgewijs uitruilen en vooral: bezuinigen.

In de situatie ZZP-ers die hun zelfstandigen-aftrek kwijtraken en er een basisverzekering voor terugkrijgen zie je exact hetzelfde patroon. Je suggereert een min of meer gelijkwaardige uitruil van overheidsvoorzieningen, waarna het wachten is tot het moment, drie of vijf jaar later, dat die verplichte overheids basisvoorzieningen wegens hun open-eind karakter moeten worden uitgekleed. En zo kun je op een handige manier de veelbesproken zelfstandigenaftrek tóch afschaffen en pak je mooi je regeerakkoord plannetje mee.

Wat zijn - los van het bovenstaande - de fundamentele denkfouten bij dit idee?

Ik noem er enige, want de kantlijn is daarvoor wat kort:
1- zowel bedrijven, werkenden en overheid zijn niet gebaat bij één one-size fits all werknemer die min of meer gelijke arbeidsbescherming, verzekering heeft, maar bij uiteenlopende types zoals:
* de ambtenaar met lager salaris, contract voor het leven, oog voor en dienstbaarheid naar de samenleving en niet naar de toevallige Minister,
* de vaste werknemer, die voor iets langere tijd zich verbindt aan een organisatie en van daaruit ook sociale voorzieningen opbouwt
* de flexibele werknemers/ZZP-er, die meer risico's neemt, met alle risico's van dien.
Deze mix van arbeidsaanbod zorgt ervoor dat de samenleving het meest flexibel kan reageren op de economische ontwikkelingen.

2- als er één les is die we konden leren uit de afgelopen jaren is dat onze gasbelinkomsten niet tot in de hemel blijven groeien en de sociale voorzieningen volledig uit de hand zijn gelopen. Dat noopt tot grote voorzichtigheid bij introductie van een nieuw type verplichte overheidsverzekering.

3- de fundamentele vraag die beter besproken moet worden is de soort en hoogte van risico's die de overheid zélf bereid is te dragen door bestaande regelingen en de mate waarin voor de overige risico's aan de private sector een bepaalde verplichting moet worden opgelegd.

4- wat over het hoofd wordt gezien is dat juist de zelfstandigenaftrek in de huidige vorm voorkomt dat er een nog groter beroep op de sociale regelingen als bijstand etc. wordt gedaan dan nu het geval is. Een groot bataljon aan kleinere zzp-ers verdient op kleine schaal en ontleent aan de eigen status respect, eigenwaarde en een klein inkomen, mede dankzij de aftrek.

5- Waar een optionele toetreding tot arbeidsongeschiktheid/pensioen een prima idee is, leidt een verplichte basisverzekering vooral tot een kostbare verplichte winkelnering die onnodig geld verplaatst van de verdienende burger naar de kassen van de verzekeraars; het miskent ook dat de zzp-er andere methoden heeft om de relevante risico's te dekken (hetzij in de vermogens-sfeer, in de familie-sfeer of in de relatie-sfeer),

Het nieuwjaarsartikel: een wolf in schaapskleren
Er is maar één conclusie mogelijk. Dit kabinet is nog steeds op oorlogspad om de zelfstandigenaftrek af te schaffen. Alleen is het zoeken naar de beste ingang om de geesten rijp te maken. Het artikel van de SG doet een interessante poging, maar ademt teveel inconsistentie om een echt geloofwaardige indruk te maken.

Het verbaast me en het is ook heel erg jammer. De terechte oproep om fundamenteler na te denken over overheidsbeleid wordt nu toch weer ondergeschikt gemaakt aan het ad-hoc wensenlijstje van de fristi-boys Rutte en Samsom.

zaterdag 14 december 2013

Verbazing over narcistische spruitjeslucht in politiek en media (over bankiers)

Er komt mij de laatste tijd een ongemeen onwelriekende spruitjeslucht tegemoet als ik kijk naar de situatie in de Nederlandse politiek. De goeden te na gesproken, durf ik te stellen dat zowel politiek als media beland zijn in een angstaanjagend narcistisch eigen wereldbeeld waarin geen plaats meer is voor nieuwe ideeën, reflectie en al helemaal niet voor zelfreflectie. Terwijl, ook volgens de signalen van de Raad van State, die zelfreflectie hoognodig is, voor zowel politici als de media.

Casus 1: de situatie rond de voorzitter van de Tweede Kamer
Neem de discussie over de voorzitter van de Tweede Kamer: mw van Miltenburg. Persoonlijk heb ik al sinds haar aantreden mijn twijfels bij deze keuze, maar wat doen de kamerleden in Nederland? Ze gaan anoniem klikken bij de pers. En wat doet de pers? Die zegt niet: ik schrijf alleen als je je naam durft te noemen; nee, die gaan er met de scoop vandoor.

Het is kennelijk de praktijk van alledag, maar doet u dit niet ergens aan denken? Het doet me denken aan een situatie waarin je vanuit moraliteit of normativiteit weet dat iets niet moet, maar waarin je toch meegaat met de dynamiek van de markt om je heen. Zo zien we media wegrennen met anonieme scoops en kamerleden elkaar steeds systematischer uitmaken voor miezerige mannetjes en wat dies niet al meer zij.

Het is behoorlijk onfatsoenlijk en geeft een slecht voorbeeld. Bovenal denk ik dan: dit is precies de situatie in de slechte tijd van de financiële sector. Risicomanagers wezen erop dat de feitelijke rente's zich niet goed verhielden tot de risico's, maar werden uitgelachen door hun commerciële collega's. Die stelden dat de markt altijd gelijk had en je daar maar beter in mee kon gaan, dan je te bewegen volgens die academische risico-inschattingen.

Casus 2: de discussie over banken, bonussen en bankenratio's
Wat mij opvalt is dat momenteel de politiek en media deze week bleven hangen in een groef van vijf jaar geleden. De crisis is de schuld van de banken. De banken zijn autistisch en willen niet luisteren. De bonussen moeten tot het bot worden geminimaliseerd (ook als dat in het buitenland niet gebeurt). De buffers moeten omhoog, ook hoger dan in het buitenland. En het toezicht moet nog strakker, strakker dan in het buitenland.

Wat over het hoofd wordt gezien, is wat er zoal is veranderd in de bankwereld. Het risicobesef is volop doorgedrongen. Er wordt met man en macht gewerkt aan tal van nieuwe regelgeving en er wordt erkend dat verbetering nodig is. Ook zie je bewegingen om de dialoog te blijven voeren met de samenleving, vanuit de sector, maar die bewegingen landen in gortdroge onvruchtbare grond.

Zowel media als politiek hebben namelijk een groter eigenbelang bij het instand houden van de oude karikatuur van banken dan bij het proberen te vinden van een dialoog en het opzoeken van een echt gesprek. Instandhouden van de karikatuur betekent dat je als politicus je populair kunt blijven maken met gemakkelijke uitspraken over banken en dat je als media die lekkere snoepjes kunt blijven serveren aan je publiek. Want van een genuanceerd verhaal wordt je commercieel niet beter.

Penetrante spruitjeslucht
De spruitjesgeur komt me daarbij zo sterk tegemoet omdat al dat gebabbel geschiedt vanuit het mentale model dat Nederland een eiland is waar we dit ongestraft kunnen doen. Ik zou zeggen dat we al vanaf 1672 weten dat onze buitenlanden uitermate bepalend zijn voor ons doen en laten en ons welzijn. Destijds realiseerden we ons dat een neutrale positie bijdraagt aan economie en aan uiteindelijk welzijn. Op dit moment lijken we dat echter volledig vergeten.

Er is volstrekt geen besef bij onze lokale politici/media dat alle geteut en gereutel over foute bankiers direkt terugslaat op de economie van ons land. Het is evident dat er in Nederland, gezien het politieke en regelgevende klimaat, absoluut geen plek zal zijn voor een voldoende grote en diverse bankensector. We zijn sterk op weg om de sector uit te dunnen en de hoeveelheid krediet te beperken door kortzichtige, wraakzuchtige impulsen vanuit de politiek.

Maar liever dan dat onder ogen te zien, wentelt de politiek zich in een moreel eigen gelijk en goed gevoel. Elk signaal vanuit de sector over hoe de situatie werkelijk is, wordt weggehoond als doorzichtig lobby-argument. Sterker nog: de politiek schroomt niet om probleemloos een nieuwe motie te schrijven waarin banken wordt gevraagd om meer geld uit te lenen aan MKB. Het lijkt wat op de linkerhand die geen benul heeft dat er ook ergens een rechterhand is.

Casus 3: de bankenratiodiscussie
Het meest frappante voorbeeld van de bevroren wereldbeelden in de Nederlandse maatschappij is te zien als je kijkt naar de discussie over bankenratio's. De grote vraag is of en hoeveel buffer banken eigenlijk zouden moeten hebben. Sinds kort doen nu ook de bankiers een duit in het zakje bij deze discussie, van de strekking dat sommige van de analyses té academisch van aard zijn en gestoeld op verkeerde aanname's. Dat zou een mooie basis kunnen zijn voor verdere discussie.

Mij valt echter op dat van gene zijde, het complex van politiek, media en wetenschappers, vooral vastgehouden wordt aan het oude wereldbeeld. Dat kwam het meest naar voren in een interview dat ik ergens las met Jan de Wit, de voorzitter van het rapport Verloren Krediet, dat ging over de kredietcrisis. De algehele strekking was dat hij met teleurstelling zag hoe er eigenlijk niets was gedaan met alle aanbevelingen.

Ook was te merken hoe werd omgegaan met het signaal van een externe waarnemer als Anthony Burgmans. Deze heeft de afgelopen jaren alle banken doorgelicht om te zien wat er zoal veranderde en constateerde dat de politiek te makkelijk de banken blijft afserveren. Alom werd dit signaal echter door diversen in het complex van media-politiek-wetenschap weer snel weggezet als een lobby van de banken: daar hoeven we dus niet naar te luisteren.

Nog steeds reden genoeg voor een Nederlandse lente !
Beste mensen, zo komen we er niet natuurlijk. Ik denk dat banken vijf jaar geleden terecht het verwijt gemaakt kon worden dat ze te ver afstonden van de realiteit en de politiek. Nu is het echter volstrekt andersom. Terwijl de banken een omslag hebben gemaakt en midden in de realiteit staan, volharden politiek en media in het oude beeld en tonen ze daarmee verder af te staan van de realiteit dan de banken ooit stonden.

U kent mijn oplossing en mijn antwoord natuurlijk. Die bestaat uit een open gesprek en een onderkenning van de elementen waarop we in de Nederlandse samenleving ontspoord zijn. Gevolgd door ieders eigen aanpassing van zijn gedrag aan een meer verbindende samenleving. Kortom: ik geloof nog steeds in een Nederlandse lente. Een lente zonder spruitjeslucht, maar met de frisse geur van allerlei mooie bloemen.


dinsdag 29 oktober 2013

Verbazing over ongepaste acquisitie van MKB Collectief : het Tom de Ridder effectKvK in het kwadraat

Via een mij bevriend zakelijk kanaal hoorde ik onlangs een verbazingwekkend staaltje acquisitie-misleiding. De truuk wordt uitgevoerd door MKB Collectief en ik doop hem dan maar als de Tom-de-Ridder wervingstactiek. Doen alsof je van MKB Nederland bent, maar ondertussen de boel belazeren. leest u even mee hoe het werkt?

Een zzp-er wordt gebeld door iemand die zich voorstelt als mkb-collectief. Met de mededeling dat ze namens diegene uit de [....]-branche (daar vullen ze dan via een script de branche in waar de zzp-er werkt). Dat geeft de schijn van iemand die namens je branche-organisatie belt en dus het beste met je voorheeft. Vervolgens wordt een heel verhaal opgehangen waarin de beller laat zien dat ze weten in welke branche je zit en welk KvK nummer je hebt (openbaar te vinden natuurlijk).

Er volgt een verhaal met de strekking dat je mee kunt doen aan een collectief voor stroom of telefonie. Als je vraagt of je gebonden wordt, dan krijg je een ontwijkend antwoord over wat de deal is. Je krijgt later een informatiepakket en dan kun je er altijd nog vanaf, dat is de strekking. De feitelijkheid is anders, want deze organisatie (die jou als zzp-er echt niet in de boeken heeft, maar gewoon cold-calling doet) laat je in een voice-log je akkoord op de deal bevestigen. Terwijl jij denkt dat je een machtiging geeft om prijzen te vergelijken, vragen ze feitelijk een machtiging om:

  1. Te onderhandelen over het aangaan van een overeenkomst voor de levering van elektriciteit en/of gas dan wel andere separaat vastgelegde zaken;
  2. Een overeenkomst voor de levering van elektriciteit en/of gas aan te gaan;
  3. Informatie over te dragen;
  4. Informatie op te vragen bij de huidige energieleverancier;
  5. Bankgegevens aan de Winnende Energiemaatschappij te verstrekken en akkoord te geven voor automatische
    incasso van Energie-termijnbedragen door de Winnende Energiemaatschappij;
  6. Hen in de toekomst te benaderen over door MKB Collectieven als relevant aangemerkte zaken.

Kortom, als je niet per direkt de kleine lettertjes leest van hun bevestigingsmail ben je de sigaar want... en nu komt het mooie van de truuk... het intrekken van een machtiging kan maar tot een bepaalde datum die op hun website staat. En aangezien ze er een handje van hebben om te bellen op de laatste dag waarop je de machtiging kan intrekken (volgens hun eigen regels...) betekent dat, dat je tenzij je direkt je contractvoorwaarden herleest op de details, je een dag later te laat bent om te ontdekken dat je gebonden lijkt aan iets anders (en een andere partij) dan je dacht.

Nu is gelukkig ons burgerlijk wetboek prima ingericht en kun je langs allerlei routes (dwaling etc) niet gehouden worden om aan deze onzin mee te doen. En dat kan zelfs op de website van de partij zelf. Maar ja, wie daar netjes zijn machtiging intrekt krijgt als bevestiging niet een bericht dat dat bij deze gedaan is, maar dat er telefonisch contact wordt opgenomen. Zo zien we een organisatie die zichzelf via allerlei wegen toestaat contracten aan te gaan voor allerlei doelen, maar te benepen is om het invullen van een webformulier als een evenzo geldige rechtshandeling te beschouwen.

Tom de Ridder... kent u die nog?
Al met al zien we hier een Tom de Ridder effect in het kwadraat: je denkt gebonden te worden aan je branche-organisatie (not) en aan een opdracht tot prijsvergelijking (not) en eindigt met een ongewenste switch naar een andere energieleverancier.

Verbazingwekkend dit?

Nee, niet echt. Al enige tijd wordt er gewaarschuwd voor acquisitiefraude bij MKB-ers. Deze agressieve werving lijkt daar verdacht veel op. Maar het is reuze vermoeiend dat je door dit soort lastige commerciële vliegen wordt lastiggevallen. Waar is de tijd gebleven dat een man een man en een woord een woord was?

zondag 29 september 2013

De prinsenvlag en de PVV: voer voor de onderbuik?

Deze week gingen de PVV-ers, geschraagd door de prima score's in de verkiezingspolls, overmoedig getooid met de Prinsenvlag het parlement in. Eerder al, in 2011, hadden we zo'n akkefietje en toen werd de door Pvv-ers buiten gehangen vlag, snel weer weggewerkt. Maar de vlag is nu weer terug. En de vraag blijft waarom?

Twee verklaringen
1-Geert Wilders heeft een permanente hang-up en gevoeligheid voor vergelijkingen met de Tweede Wereldoorlog. Geïrriteerd door die vergelijkingen gedraagt de partij c.q. Wilders zich als een weerbarstige tiener. Een beetje met de strekking: 'Als ze ons telkens vergelijken met de populisten uit de jaren dertig, dan gedragen we ons ook zo'. En wie weet speelt er ook wel een soort identificatie met die tijd een rol.

2- Wilders haalt te pas en te onpas het vrije Nederland aan en verwijst naar alle termen uit de gouden eeuw. Hij ziet zich als een directe afstammeling van Johan de Witt (godgeklaagd en historisch inaccuraat, maar wel waar) en een voorvechter van de nieuwe Tweede Nederlandse Republiek. En daar hoort die vlag bij. Binnen de partij is die identificatie met die tijd zo sterk dat men meegaat in het verhaal. Nederland was een land dat bedreigd werd door buitenlandse machten, maar wist zich zelfstandig te ontworstelen aan die druk. En zo kiest men, los van de overige connotaties van de vlag (zie 1) dit symbool.

Voer voor de onderbuik?
Het optreden van de Pvv-ers in het parlement geeft verder te denken. Tot nu toe blijf ik het een stel schoolkleuters vinden, die weten op welke knop je kunt drukken om de publieke opinie te irriteren. Maar ik vraag me wel af: Zou er ook een omslagpunt worden waarop het enger begint te worden? Waarop, los van de partij staande rebelse elementen uit de samenleving, het voorbeeld gaan volgen en in de lijn van de PVV-filosofie geweld tegen andere Nederlanders gaan gebruiken?

Ik hoop het niet, maar ben er niet helemaal gerust op. Het huidige ondermaatse niveau van de politiek in Nederland vormt immers een prima voedingsbodem voor tegenkrachten en rebellie.

zaterdag 28 september 2013

Algemene beschouwingen 2013: politiek dieptepunt kabinet Rutte 2

Ik heb weer eens met stijgende verbazing en lichte moedeloosheid onze nationale jaarlijkse spruitjesconferentie gevolgd: de algemene politieke beschouwingen. Nu, één jaar nadat het kabinet is gevormd, is zonneklaar dat fristiboys Rutte, Samsom en de hunnen te overmoedig, te snel en te roekeloos van start zijn gegaan.

Wat we het afgelopen jaar hebben gezien is een treurige aaneenschakeling van reparatiewerk: na een polariserend regeerakkoord is er druk gezocht naar draagvlak bij sociale partners in allerlei akkoorden. En de algemene politieke beschouwingen van deze week mondden uit in een zoektocht naar draagvlak bij alle partijen. De kern blijft echter: hier zit een kabinet dat zonder enige visie over de toekomst probeert kool en geit te sparen.

Probleem één is dat het kabinet zich bedient van opzichtige en foutieve rekentruken en hervormingen (overhevelingsacties gemeentes, uniformeren kinderopvangtoelagen) om diverse virtuele miljarden euro's besparing in te boeken. Probleem twee is dat het van het begin af aan heeft ontbroken aan het besef dat in tijden van crisis een gedegen politiek draagvlak (zowel in Eerste als Tweede Kamer) essentieel is. Daarnaast is het zaak om in deze ontzuilde, mediacratische tijd de band met de samenleving/polder goed te houden.

We zouden positief kunnen zijn en dit kabinet kunnen complimenteren met hun pragmatische aanpak om overal draagvlak te zoeken. Bovenal ontstaat bij mij echter een beeld van twee onvolwassen politici die in een overmoedige bui hun fiets uit elkaar hebben gehaald en nu om zich heen kijken, op zoek naar een fietsenmaker die hen uit de brand kan helpen.

dinsdag 30 juli 2013

Vakantie verbazing (telefonie)

Ik neem u mee, zomaar, op de vroege ochtend van vandaag naar een willekeurige stad van Nederland. Het wolkendek is grijs en de tomeloos hoge temperaturen zijn even verleden tijd. Het is een stad met een oude kern waar de winkelstraat nog niet door de crisis teloor is gegaan. Albert Heijn, Blokker en  C&A worden geflankeerd door Bakker Bart, Kruidvat, HEMA en diverse lokale winkels. Daaronder zelfs een lokale media-markt met voldoende aanloop om te blijven bestaan.

De stad is met zijn tijd meegegaan. Naast de traditionele winkels en klederdrachtspullen zijn er allerlei digitale shops en telecom winkels. KPN, Vodafone en T-Mobile zitten op loopafstand bij elkaar. Gedachteloos loop ik langs een T-Mobile shop, onderweg naar de lokale natuurwinkel. Maar net terwijl ik mijn oog weer op de straat wil richten, realiseer ik me dat ik iets opmerkelijks zie. Een anachronisme. Iets waarvan mijn onbewuste hersenstam heeft gesignaleerd: hier klopt iets niet, kijk nog maar eens goed. Hier gebeurt iets in de winkel dat het bestaansrecht van de hele winkel ondermijnt.

Ik kijk nog eens goed. De winkelmedewerker is, in een lege winkel zonder klanten, verwoed aan het bellen. Hij kijkt naar het scherm van zijn kassa. Hij luistert naar de stem uit de hoorn en drukt wat toetscombinaties in. Hij controleert de snoeren van de kassa en kijkt naar het scherm. Hij schudt zijn hoofd. Hij herhaalt de procedure nog eens. Het gesprek met de andere kant van de lijn wordt intensiever. En dan dringt tot me door wat er niet klopt.

De winkelmedewerker is van T-Mobile en in zijn hand houdt hij een grote zwarte telefoon. En niet zomaar de laatste hippe I-phone, HTC One of ACER...... nee, het was een model uit de vorige eeuw. Uit de tijd van analoge telefonie. Van toen we nog geen mobieltjes hadden. Het was deze:

woensdag 26 juni 2013

Verbazing over bankeneed 2.0 en visiedocument van de banken

Gisterochtend kwam in een handige publiciteitscampagne het nieuwe visiedocument van de gezamenlijke banken uit. Een lovenswaardig document want het is uitermate positief dat de NVB onder hoede van de nieuwe voorzitter, Chris Buijink, zo goed mogelijk de relatie en het gesprek met de samenleving opzoekt. Toch ging er van alles kriebelen bij dit nieuws en dit stuk. Al met al maakte het op mij de indruk van een oppervlakkige, makkelijke en onnodige knieval naar de (agenda van de) politiek, terwijl de meest relevante macro-economische vraag buiten beschouwing blijft: hoe weinig banken en economie houden we nog over straks?

Komt er nu wel of niet een Bankierseed 2.0 en tuchtrecht?
Prominent in het nieuws was de visie van voorzitter Buijink dat wat hem betreft de bankierseed voor alle medewerkers in de banksector moest gelden en gekoppeld moest worden aan het tuchtrecht. Zo te lezen in het FD zijn de Ministeriers van Financiën en Economische Zaken daarover heel positief. Maar ik verbaasde me over twee dingen:

1- de Raad van State heeft dat idee eerder al, als  onzinnig afgedaan in een advies over de bankierseed:
Daarmee is een wettelijke verankering van de moreel-ethische verklaring voor de top van de onderneming als onderdeel van de geschiktheidstoets, als uiting van het belang dat ook de wetgever daaraan hecht, niet onbegrijpelijk.(zie noot 11) ...Dit alles geldt echter niet voor de thans voorgestelde introductie van een eed voor alle medewerkers van financiële ondernemingen. Deze is niet verenigbaar met de hiervoor uiteengezette restrictieve uitgangspunten die tot dusver worden gehanteerd voor de verplichte eed. Er is geen sprake van de uitoefening van publiek gezag door deze medewerkers. Zij zijn, gelet op hun positie binnen de organisatie, niet te beschouwen als exponent of personificatie van de onderneming en dragen geen (eind)verantwoordelijkheid voor het handelen van de onderneming. 

2- de bankierseed 2.0 staat niet genoemd in het visiedocument van de banken zelf.
Er lijkt dus sprake te zijn van een soort solo-actie van de voorzitter van de NVB, gebaseerd op een persoonlijke visie over hoe het verder moet met de sector. Dat is hoogst fascinerend, zeker in een situatie waarin je gerede vraagtekens kunt stellen bij het nut en de werking van die eed. Als het administratief personeel in ziekenhuizen niet de eed van Hippocrates hoeft te zweren, waarom dan wel het administratief personeel van banken?

Wat mij betreft is het onduidelijkheid troef. En wat daarbij de boventoon voert is vooral het: 'wast nu nog schoner gevoel'.

Want de banken hebben gevoeglijk met de invoering en implementatie van de code Banken en bankierseed voor beleidsbepalers een significante duit in het zakje gedaan op de goede weg. Ik denk dat menigeen in de samenleving onderschat hoe groot en wezenlijk die verandering eigenlijk is. En het ligt dan meer voor de hand om daarop herhaald te wijzen dan om nu met een visiedocument nogmaals het boetekleed aan te trekken en beterschap te beloven. Als je als sector op dit moment al op allerlei gebieden in gesprek bent met de samenleving, hoe kun je dan nog méér in gesprek gaan met diezelfde samenleving? Het klinkt mij allemaal net iets teveel als de eerste honderd dagen van Balkenende 4.

Macro-economische en sector beeld is grimmig en zou juist expliciet mogen worden
Boeiend is wat niet in het visiedocument staat: een macro-economische analyse. Het is fascinerend, omdat juist een dergelijke analyse startpunt moet zijn van de inbedding van banken in een samenleving. Zelfs een ultrakorte paragraaf kon er niet vanaf. Zo'n paragraaf zou toelichten dat we wereldwijd de balansen hebben laten ontsporen, dankzij goedkoop geld en overmoed, en dat de schuldenberg ingekrompen moet worden en we overal verlies moeten nemen en niet langer moeten denken dat altijd een lening te krijgen is bij je bank. Daarnaast kun je gevoeglijk aannemen dat ook het bankenlandschap zal versoberen (verdere fusies, verkapte bankliquiditaties enzovoorts). Alleen de sterke banken blijven over en te verwachten is dat de trend naar meer internationale banken voorlopig wel even gekeerd is.

Als je dan vervolgens het visiedocument bekijkt zie je het volgende:"
- de bankbuffers gaan omhoog en kredietruimte wordt minder,
- de depositofunding gap blijft, banken hebben hulp van pensioenbeheerders nodig hiervoor,
- banken kunnen niet alle ziekenhuizen, woningbouw etc blijven financieren, zelfs als ze zouden willen
- de toezichthouders jagen de buitenlandse banken feitelijk het land uit, terwijl de regelgever te enthousiast nationale regelgeving maakt die Nederland als vestigingsplaats onaantrekkelijk maakt,
- in de nationale banksector wordt de broekriem verder aangehaald.

Wat mij vervolgens verbaast is dat vrolijk in het visiedocument wordt gesproken over het belang van diversiteit van de banksector. Het is een mooie knieval naar het politieke agendapunt van dit moment, maar volstrekt bezijden de realiteit. Deze Nederlandse bankensector gaat voorlopig alleen kleiner worden en minder divers. Het gure politieke - en toezichtsklimaat leidt in Nederland versneld tot een uittocht van spelers  en zo wordt het landschap van klassieke banken alleen maar schraler.

Conclusie: knipmessen naar politiek terwijl fundamentele visie ontbreekt
Een verantwoordelijke banksector zou in mijn ogen de morele verantwoordelijkheid én de moed hebben om tegen de politiek te zeggen: hold your horses, we zijn al enkele jaren druk doende de boel te verbeteren; kijk vooral mee naar wat we bereikt hebben. Zo'n sector zou zeggen: het doet pijn, maar het is echt het best om de hypotheekrente aftrek sneller af te schaffen. Zo'n sector zou de politiek durven toelichten dat de politieke grilligheid en het onvermogen om fundamentele begrotingsthema's op te pakken op dit moment een groter rem op de economie veroorzaakt dan beschikbaarheid van krediet. En zo'n sector zou toelichten dat het feitelijke politiek- en toezichthoudersklimaat in de weg staat aan de diversiteit die de politiek zelf zo graag ziet in de sector.

U kunt zich voorstellen dat ik reuze benieuwd ben naar de 100-dagen tour die banken door Nederland gaan maken. Want wie weet komt dan toch die fundamentele kant van hun visie naar voren. Dus als ze ook bij deze oude heer in Den Haag nog langskomen, ga ik zeker eens luisteren. Een goed gesprek kan immers  nooit kwaad.

maandag 24 juni 2013

Politici oogsten straks de volkswoede die ze zelf gezaaid hebben

De komende jaren staat er nogal wat te gebeuren. Geleidelijk aan ontkomen de centrale banken van alle landen er niet aan om te stoppen met het ondersteunen van de economie met goedkoop geld. Zij deden dit om de politici de tijd te geven structurele oplossingen te vinden voor banken- en landencrises. In diezelfde tijd schroomden die politici er niet voor om de volkswoede te mobiliseren richting bankiers en alles wat met de financiële sector te maken heeft. Dat was goedkoop, makkelijk en onverstandig.

Want als centrale banken terugkeren naar hun reguliere geld- en inflatiebeleid betekent dat financieel pijn lijden voor heel veel spelers op de markt. Men zal zich beseffen dat de politici de tijd verklooid hebben die ze van centrale banken kregen om de wezenlijke problemen op te lossen. En de woede die losgemaakt is richting bankiers zal zich probleemloos richting politici keren. Het publiek zal inzien dat de electorale korte-termijn bonuscultuur bij politici zo mogelijk nog negatiever consequenties heeft dan de bonuscultuur van banken.

Met Nederland als voorbeeld: al sinds de crisis van 2007 uitbrak, sterker nog, al sinds Fortuyn, durft de Nederlandse politiek het niet aan om evidente probleempunten zoals hypotheekrente-aftrek aan te pakken. Men danst eromheen, zelfs nu nog. Ons huidige kabinet zet een begroting en bezuinigingsroute neer die uitermate virtueel is. Leuk op papier, maar vrij onrealistisch. De bevolking en lagere overheden worden gedwongen door allerlei hoepels te springen en geleidelijk keert de irritatie zich tegen de politici zelf.

Want wie zaait zal oogsten.

maandag 10 juni 2013

Verbazing over bezuinigings-discussie in Nederland

Vandaag kwamen er weer wat rapporten uit over onze economie en bezuinigingen. Zoals een analyse van DNB die laat zien dat we in economisch guur weer belanden. Krimp van de economie. Met een noodzaak om verder te bezuinigen. Tegelijkertijd roept VNO-NCW dat het allemaal een tandje minder mag, met het bezuinigen en dat we niet moeten doorslaan. Het zijn bijzondere discussies en vooral ook: virtuele discussies.

Feit is dat de hele truuk uit het regeerakkoord van taken naar gemeentes gooien en dan een bezuinigingseis eraan toevoegen gewoonweg niet gaat lukken. Lees deze impact-analyse van het VNG er nog maar eens op na. Die beleidskoers maakt dus de hele begroting van dit kabinet virtueel. Het is onrealistisch om te verwachten dat dit illusoire regeer-akkoord verzinsel realiteit wordt.

Wat mij opvalt is dat we de afgelopen week in Nederland ruzieën over de vraag of de onlangs door de Commissie voorgestelde bezuinigings-eis aan Nederland niet te hoog is. Ons kabinet legt zelfs de Europese eis om te bezuinigen tot 2,8% in 2014 gewoon naast zich neer. En Rutte gaat nog eens overleggen met de Eurocommissaris Rehn over de achtergrond bij de veiligheidsmarge die de Europese Commissie heeft gekozen bij haar eis aan Nederland.

Mij lijkt het antwoord duidelijk: we hebben een boterzacht regeerakkoord dat van zijn levensdagen de beoogde bezuinigingen niet gaat halen. De Europese Commissie ziet dat, weet dat en is met de eis van 2,8% in 2014 nog uitermate coulant.

Dat Nederlandse politici en maatschappelijk middenveld zélf in Nederland die realiteit niet onder ogen zien mag ons zorgen baren.

PS. Ook DNB is overigens sympathiek coulant. Na een gure krimp van -0,8 toveren ze voor 2014 toch een sympathieke 0,5% groei op de borden. 

donderdag 6 juni 2013

Enquete Fyra helpt niet bij een Parlement zonder reflectief vermogen

Hoera. Zoals verwacht heeft de Tweede Kamer in grote snelheid besloten om een parlementaire enquete te houden naar het falen van de NS rond de aanbesteding van de Fyra. Het is een dom en slecht idee.

Eens te meer zien we de Tweede Kamer weer in de rol van micro-manager duiken en de besturende rol van de regering afpakken. Eerder al deed ze dat bij het onderzoek naar de financiële crisis. En evenzo waren drie blaadjes op het spoor voldoende reden om de topmannen van pro-rail en ns een schrobbering te geven en naar de Tweede Kamer te roepen. Alsof er niets gebeurd is wordt nu weer de enquete uit de kast gehaald. En alhoewel het pro forma is om inhoudelijk inzicht te krijgen weten we allemaal wat onderliggende doel is: op zoek naar een stok om de hond te slaan.

Ik verbaas me erover en tegelijk ook niet meer. Het is al langer duidelijk dat de Nederlandse politiek te hitsig en korte-termijn georienteerd is geworden om met afstand en beleid na te denken over de vraag waar je het beste energie aan kunt besteden. Het meest treurig vind ik daarbij het vooruitzicht dat de Tweede Kamer ook nu slechts voor de vorm even zal terugblikken op de eigen rol in het proces.

Terwijl juist in die hitsigheid, dat meebesturen op micro-niveau, een wezenlijke oorzaak ligt van het uit de hand gelopen proces bij het NS. Maar dat willen onze kamerleden niet weten natuurlijk.

Let maar op.

woensdag 5 juni 2013

Verbazing over Teevens onvermogen om 340 miljoen euro te bezuinigen...

Ik luister net even naar het oog op Morgen: de samenvatting is dat het Teeven niet gaat lukken de beoogde 340 miljoen te bezuinigen met zijn slecht doordachte pakket aan bezuinigingen op het gevangeniswezen. En dat doet me deugd enerzijds, maar baart zorgen anderzijds.

Mooi dat het plan van Teeven van tafel gaat.... 
Het is een goede zaak dat het ridicule voorstel van tafel lijkt te gaan waarin niet de rechter maar het Ministerie van Justitie zou bepalen of een gevangene met een enkelband thuis bij een kratje bier kan zitten. Verder is het nog afwachten of ook de overige onzinnige onderdelen van tafel gaan. Er lijkt echter, gezien ook de alternatieve voorstellen uit de sector zelf, ruimte genoeg voor verbetering.

... maar het tekent de hoge nood....
Wat ons zorgen moet baren is evenwel dat Opstelten en/of Rutte hun eigen staatssecretaris met dit kansloze plan de straat op hebben laten gaan. Natuurlijk is er veel te zeggen voor het geven van vrijheid en ruimte aan je medewerkers, maar voor deze fouten hadden ze hem moeten behoeden. Het toont eens te meer hoe blind deze coalitie zich staart op bezuinigen. Voor een lousy 340 miljoen euro worden zelfs fundamentele principes uit de rechtsstaat overboord gegooid. Dat betekent dat de nood hoog is.

..en betekent einde aan hypotheek-aftrek per volgend jaar.
Eerder al schreef ik dat dit regeerakkoord beter het fristi-akkoord genoemd kon worden, omdat het bol staat van illusies en wensdromen waarin bezuinigingen worden gevonden in allerlei hoeken en gaten. We zien dat nu op dossier na dossier de realiteit komt bovendrijven en het resultaat lijkt me evident.

Tegen het eind van het jaar besluit de coalitie, door de nood gedwongen, dat de hypotheekrenteaftrek versneld en geheel moet worden afgeschaft. Want de zeven miljard die erin verscholen gaat is wél hard en nood breekt wet (zie ik Rutte, Samson en Zijlstra al voor mijn geestesoog zeggen).


zaterdag 18 mei 2013

Wijst Anouk de Nederlandse politici de weg vooruit?

Vanavond zit Nederland, net als vroeger, weer op het puntje van de stoel voor het Songfestival. Als het bijna-ondenkbare gebeurt en Anouk inderdaad hoge ogen gooit hoop ik dat onze politici zich de les van de avond in de oren knopen: een consistent eigen verhaal blijft ook temidden van populistisch geweld staan.

De verplatting op de puinhopen van Pim
Jaren hebben we geprobeerd om mee te gaan in de verplatting van liedjes en moesten we het onderspit delven door de massa's stemmen uit andere landen. We hadden geen rol van betekenis meer. Totdat eigenzinnige Anouk de boel op zijn kop zette. Niet meedoen aan een populariteits-wedstrijd maar gewoon het eigen gewicht en eigen verhaal als artiest in de strijd werpen.

En warempel; voor het eerst in jaren zijn we door naar de finale. En vanavond ontdekken we hoe ver we komen.  Na alle verdriet rond het treurige anti-voetbal-bijna-wereldkampioenschap vinden we misschien de weg terug. En groeit onze nationale trots weer een beetje. De kroegen stromen vol en Rutte denkt stiletjes: 'ja hoor, nog even doorgaan zo en dan hoeven we die 4,3 miljard in oktober niet te bezuinigen'.

Een les voor onze politici?
Een hoge notering voor Anouk zou ook zomaar een teken aan de wand voor onze politici kunnen zijn. Die lijken nog steeds gevangen te zitten in het nutteloos achter de polls en de stemmen van het publiek aan te rennen. Het gestuntel in de Nederlandse politiek doet me gewoon net iets te vaak denken aan de act van Montenegro met de ruimtepakken. Is al die opsmuk wel nodig?

Ook als we niet eerste worden vandaag, zouden we als Nederland kunnen winnen. We zouden winnen als de massaal meekijkende politici zich gaan realiseren welke kracht, inspiratie en erkenning een goed en consistent eigen verhaal voor het grote publiek kan hebben. En daar vervolgens hun conclusies aan verbinden.

zondag 5 mei 2013

Nijvere Beatrix maakt de puinhopen van Pim zichtbaar

Ziezo, het zit er bijna weer op. Abdicatie, herdenking 4 mei en vrijheidsdag 5 mei. Het waren fascinerende dagen. Bij de inhuldiging verschoven we de tectonische platen van onze constitutionele monarchie waarop tegelijkertijd onze politici aan het kaatsenballen waren. Of het nu over de partijdigheid van van Miltenburg ging of de ongelukkige discussie over fraude met zorgtoeslagen. Onze Kamerleden en regeringsleden toonden zich van hun 'beste' en meest vluchtige kant.

Dienend leiderschap wordt herkend
Beatrix heeft laten zien dat het ook anders kan. Oog houden voor de lange termijn, oog houden voor de verbinding tussen mensen, voor de vrede die voorvloeit uit Europa. Met niet aflatende professionaliteit gaf ze vorm aan haar rol als Koningin temidden van een sterk veranderend politiek landschap. De waardering voor de solide en integere koers die ze daarbij voer, leidde de afgelopen maanden tot talloze spontane koortjes 'Bea bedankt'. En ook bij de abdicatie in de Nieuwe Kerk was duidelijk dat de aanwezigen nog wel een uur door had willen klappen om haar te bedanken.

Wat mij betreft mogen de politici een voorbeeld nemen aan Beatrix. Met besef van je taak, dienend vormgeven aan het land, omwille van het welzijn van ons allemaal. Niet jezelf, of je laatste kamervraag of de volgende peiling op de voorgrond zetten, maar blijven kijken naar de mens en de verbinding. Open en nieuwsgierig de wereld tegemoet treden. En vooral niet meedansen naar de luimen van de dag, maar de ogen op de bal houden. De abdicatie toonde, wat mij betreft, dat lange termijn visie, koersvastheid, integriteit en dienstbetoon wordt herkend door het volk en op grote steun kan rekenen.

Politiek gevangen in de puinhopen van Pim Fortuyn
Ondertussen zit de Nederlandse politiek echter gevangen op de puinhopen van Pim Fortuyn. Fortuyn zag de kloof tussen burger en politiek en bood een bepaalde massa ruimte voor een herkenbare proteststem tegen de elite die de baantjes verdeelde. En passant liet hij zien hoe je met een sterk retorisch en publicitair verhaal de massa (voor even) aan je kon binden. En zo werd hij een voorbeeld voor navolgers als Wilders, Verdonk, Krol. Omwille van lijfsbehoud werden zijn standpunten razendsnel overgenomen door alle partijen van links tot rechts.

Het netto effect is dat Nederland nu gekenmerkt kan worden als het land dat al 10 jaar worstelt met de puinhopen van Pim. De politieke partijen zijn bang voor de kiezer en dansen stuk voor stuk naar wat zij denken dat die prettig vind. Zo kwam een kortzichtige ruk naar rechts op gang die neerkomt op hameren op minder immigratie tot strafbaarstelling van illegaliteit (een punt waarvan ik durf te stellen dat zelfs Fortuyn dat te ver zou vinden gaan). Verder is er op geen enkel front een lange termijn visie te vinden, maar draaien we al 10 jaar lang met variaties van kaasschaaf-politiek om de hete hangijzers van woningmarkt, gezondheidszorg enzovoorts heen.

Wie regeert er nu werkelijk?
Wat in deze uitdagende tijd nodig is, is visie en verbindend vermogen dat uit meer bestaat dan het zoveelste adhoc deelakkoord op een topdown regeerakkoord. Op de puinhopen van Pim zijn er echter weinig partijen meer te vinden die daar nog in lijken te geloven. De wrange constatering moet dan ook zijn dat het niet de koning is, niet de regering en niet de politiek, maar vooral de angst voor stemverlies die dit land werkelijk beheerst en regeert.

maandag 22 april 2013

Een alternatief koningslied... door Johan de Witt !

Jawel mensen. Niet eerder heb ik me zo geschaamd voor de Nederlanders die we zijn. Ok, ik geef toe, het eerdere inhuldigingslied van Ewbank blinkt niet uit in goed Nederlands taalgebruik, compactheid en is aan compromisbereidheid ten onder gegaan. Maar laten we wel wezen, het lied is wél een prachtig geslaagde weergave van de Nederlandse politiek van dit moment. We zijn massaal de weg kwijt en dat hoor je ook terug in het lied.

Toch geeft het geen pas om al die creatieve energie die in het lied is gestoken, zo negatief te benaderen. Het is echt het sjagrijnige geleuter van een volk dat te veel in de kijk- en luistermodus zit en kennelijk niets beter te doen heeft dan te vitten en te sarren en af te kraken.

Ondertussen zitten we maar mooi met de gebakken peren. Want Ahoy is afgehuurd en waar haal je zo snel een nieuw lied vandaan? Dat we ook nog moeten instuderen enzo.

De Witt schrijft voor het Koningshuis !!
Welaan, bij wijze van hoge uitzondering, en geheel tegen de loop van de geschiedenis en oude vete's in, is deze oude heer voor de aanstaande Koning in de pen gekropen. Om ons op de valreep te voorzien van een lied dat compromisloos en duidelijk is. Dat begint met een mineur blues uiteraard (want je zal van dit land en met dit parlement maar koning moeten worden) met daarin de veelgeplaagde en gevraagde W's en tot slot een stukje positieve duiding en opwekking, want dat heeft dit land heel hard nodig.

De tijd ontbrak helaas om vijftig Bekende Nederlanders in te huren om er een goede clip van te maken, vandaar dat u het met een stukje huisvlijt op Youtube moet doen. Zet het filmpje aan en studeer hardop mee met de melodielijn en de teksten die in beeld verschijnen. En voila, met die ingestudeerde teksten kunt u gewoon in Ahoy meedoen.

Veel plezier !!




PS. Niet op te hoge resolutie zetten... plaatjes zijn wat klein.

zaterdag 6 april 2013

Mijn droom voor ons land: wakker worden uit deze politieke nachtmerrie

Laten we wel zijn. We kunnen nog zoveel analyses maken van woningmarkt, pensioenen, financiële sector en wat dies meer zij, maar de grote blinde vlek die de politiek verlamt is die van de volslagen onbetrouwbaarheid en adhocratie die al jaren vanaf het Binnenhof over het land wordt verspreid op verzoek van een kortzichtig electoraat. Zeker nu we economisch gezien in slecht weer komen, wordt het helaas een tandje erger. Alle ogen worden gericht op de geldbuidel en er is geen tijd/gelegenheid voor fundamenteel doordenken.

En toch moeten we dat doen: doordenken en vooral ook: blijven dromen. Maar dan is het goed om wel eerst wakker te worden uit die nachtmerrie waarin we met zijn allen verzeild zijn geraakt.

Nachtmerrie huizenmarkt: klant, politiek en banken staken kop in zand
Het simpelste voorbeeld is de huizenmarkt en financiële sector. Er wordt nu heel gemakkelijk door politici gezegd dat het van hen een beetje dom was om de hypotheek-rente aftrek zo lang onbespreekbaar te houden. En twee seconden later rennen ze gauw weer achter het eerstvolgende incident aan dat hun een electorale bonus oplevert: de ING cyberaanval bijvoorbeeld. Kamervragen erachteraan. Hoorzittinkje. En maar kantoortje spelen. Het is om moedeloos van te worden.

Wat juist de situatie rond huizenmarkt zo fascinerend maakt is dat eind jaren negentig de Nederlandsche Bank een analyse deed die erop neerkwam dat er risico's waren rond hypotheken. Maar wat gebeurde: zowel politiek als banken commandeerden DNB terug in het hok. Ze bleven geloven in de droom van eeuwige groei. Hetzelfde gold voor de onverstandige belastingverlaging rond de eeuwwisseling. Dat leidde tot een onnodige bestedingsimpuls en extra lucht in de bubbel. Nee, DNB moest zich maar rustig met de rente bezighouden en verder niets. Die zagen spoken.

En zo zijn politiek, consument en banken doorgegaan met wat -met de kennis van nu- toch lichtzinnig gedrag wordt genoemd. Fundamentele vraagstukken rond wonen (doorstromen etc) werden niet opgepakt, het ging om de populariteit. We waanden onszelf gelukkig.

Intussen kwam Fortuyn op en toonde hoe wispelturig het electoraat was. En de kiezer smulde ervan: alle politici moesten uit de hoge toren en zich rekenschap geven van de geluiden en meningen van de straat. En net zoals het blindstaren op kijkcijfers leidt tot meer korte termijn snacks en minder diepgang gebeurde dat in de politiek. En het electoraat deed net zo hard mee.

Het probleem ligt breder: bij het institutionele kader
Eigenlijk kun je het bovenstaande beeld terugzien op allerlei beleidsvelden. Er is een sterke nadruk op korte termijn effecten en er ontbreekt een incentive-structuur om lange termijn beleid te voeren, te gaan voor diepgang en te streven naar verbinding in plaats van polarisatie. Opjutten is makkelijker dan verbinden en levert al snel 20 kamerzetels op. Zie ook mijn langere analyse en pleidooi voor een Nederlandse lente.

Juist in de huidige kortebaan-tijd wordt het belang van instituties groter. Onze rechtsstaat is er op allerlei manieren op ontworpen om bestand te zijn tegen tijdelijke onverstandige bewegingen van politici of groeperingen. En die veiligheidskleppen zitten in instituties, rechtsspraak, procedures enzovoorts. De rechtsstaat creëert zo voor burgers het vertrouwen dat hun bezit hun bezit blijft en dat er een zekere continuïteit te verwachten is in het gedrag van de overheid. Belangrijk is bijvoorbeeld dat niet met terugwerkende kracht regelgeving ten nadele van de burger kan worden gewijzigd.

Kijken we naar de feitelijkheid, dan zien we dat de afgelopen jaren allerlei waarborgen van de rechtsstaat op de schop kwamen te staan. Ik heb daar eerder al eens een blog aan gewaagd. Niet alleen de oude voorzitter van de Raad van State, ook zijn opvolger (Donner) wijst nadrukkelijk in zijn jaarverslag 2012 op het grotere bereik van overheidshandelen. En dat is de moeite van het citeren waard:
Bij de aanpak van de maatschappelijke problematiek zal ook steeds voor ogen gehouden moeten worden dat overheidshandelen in de rechtsstaat nimmer alleen doelmatig is, maar steeds ook rechtsvormend moet zijn. 
..
Met rechtsvorming is in dat verband niet direct en alleen bedoeld wetgeving en rechtspraak, maar het gegeven dat overheidsbeleid en overheidshandelen in de rechtsstaat steeds mede moeten voldoen aan het rechtsgevoel en de fundamentele beginselen van recht.
..
De politieke situatie in het voorjaar van 2012 was uitzonderlijk en bij een snelle wisseling van coalities in de Tweede Kamer bestaat het risico dat wat de ene coalitie aanvaardt snel weer wordt ingetrokken door de volgende. Maar regering en Staten-Generaal zullen moeten beseffen dat dit grote schade kan aanbrengen aan eerbied voor de wet en dat die schade duurzamer is dan het gewin van snelle verandering.

Dit lijkt me toch alleszins klare taal, waarbij de Raad heel diplomatiek zegt dat er in 2012 een uitzonderlijke politieke situatie was. Dat is natuurlijk onjuist. Al sinds de opkomst van Fortuijn wordt er niet echt meer geregeerd en wordt er op allerlei manieren getornd aan het vertrouwen. Er is een electorale en politieke bonuscultuur ontstaan waarbij die van de banken schril afsteekt

Kantelpunt: een nieuwe burger en nieuwe politiek?
Deze verkiezingen leek er even licht aan de horizon te gloren. Samsom zette een ander verhaal neer, soms een eerlijker verhaal en heel Nederland kwam in beweging. De resultante van de verkiezingsuitslag was echter minder gelukkig. Volstrekt top-down draaiden de Fristi-boys Rutte en Samsom een regeerakkoord vol illusiepolitiek in elkaar. Daarin weinig aandacht voor de verbinding, voor het maatschappelijk middenveld en veel aandacht voor pragmatisch elkaar zaken gunnen.

Dat was ons kantelpunt. En dat is nog steeds ons kantelpunt.Want het lijkt me onwaarschijnlijk dat deze tweede gedoogregering Rutte standhoudt onder zoveel economisch politiek pragmatisme. Rutte zelf had voor de verkiezingen nog de mond vol van een benodigde meerderheid in de Eerste Kamer. Om na de verkiezingen, uit pure machtswellust en hoop op een volle termijn als liberale premier, dit principe overboord te gooien. Daarmee zet hij de toon voor de rest van Nederland en geeft hij een uitermate slecht voorbeeld.

De ondoordachte manier waarmee nu inmiddels allerlei kaalslag wordt voorbereid versterkt het volk in haar wantrouwen tegen de politiek, in het gevoel dat je moet pakken wat je pakken kunt (voor het te laat is) want de overheid pakt het jou vroeger of later toch af. Het gebrek aan dieper doordenken op de realiteitszin van allerlei maatregelen (of het nu elimineren van provincies is, lenen voor je studie, mislukte woonmarktplannen of het onzalige herorganiseren van UWV-routes) wordt alleen geëvenaard door het even grote onvermogen om de verbinding met de samenleving tot stand te brengen.

En zo zijn we gevangen in een angstaanjagende spiraal waarin de politiek het volk geeft wat ze denkt dat het volk wil. Het volk doet in dat spel mee en springt van de ene rattenvanger van Hamelen naar de andere. Waarop de politiek denkt dat dat de huidige gang van zaken is en nog beter zijn best doet om ratten te vangen. Enzovoorts. In rap tempo verdwijnen zo de cruciale waarden in onze samenleving: vertrouwen, groepsdenken en hoop op een goede toekomst.

Mijn droom voor Nederland: een Nederlandse lente
Mijn droom voor Nederland is simpel: ik droom dat we collectief wakker mogen worden uit de politieke nachtmerrie waarin we met zijn allen gevangen zitten. Ik droom dat we leren zien hoe we beter met elkaar de verbinding aan kunnen gaan, dat het wél het mogelijk is om niet op elk incident te springen en het tot zinloze proporties op te blazen in de media. Ik droom, als idealist pur sang, nog steeds van een Nederlandse lente.

Wat ik een prachtige Nederlandse lente zou vinden, is een lente waarin regering, politiek en media het voortouw nemen om juist dat sociaal, collectief, respectvol en bindend gedrag te vertonen waar we als burgers trots op kunnen zijn. Een lente waarin ze niet proberen elkaar vliegen af te vangen met het best gepositioneerde populistische betoog. Een lente die gaat over de waarden van onze samenleving en hoe we die zo goed mogelijk kunnen behouden.

Het zou een lente worden die zou kunnen gaan over de belangrijke pijlers van onze democratie en de beste manier om te waarborgen dat we ook op de lange termijn in een leefbare, rechtvaardige samenleving wonen. Het zou een lente zijn waarin we ons realiseren dat het politiek debat in Nederland de afgelopen jaren wel een beetje té veel is uitgelopen op een Sterrenslag-on-Ice in de Tweede Kamer. 

Ik zie een lente waarin de media ook een stap terugdoen en zich afvragen welke rol zij hebben gespeeld in de samenleving die Nederland geworden is. Een lente waarin meer plaats is voor media-formats die recht doen aan de complexiteit van de problemen in Nederland. En voor uitzendingen waarin niet de karikatuur maar de verbinding tussen mensen wordt gestimuleerd.

Bovenal is het een lente waarin wij ook onszelf ook op individueel niveau: als consument, als burger, als werknemer, als wat-dan-ook de maat nemen. Want we weten uit allerlei onderzoek dat het Nederlandse publiek op dit moment vooral ongerust is over de toenemende intolerantie en onverdraagzaamheid. We ergeren ons aan het gebrek aan respect en normen en waarden, asociaal gedrag, de verharding en verhuftering en de ik-cultuur.

En die Nederlanders, dat zijn wij vooral ook zelf.
En daarom moet die Nederlandse lente bij onszelf beginnen.