Vanavond zit Nederland, net als vroeger, weer op het puntje van de stoel voor het Songfestival. Als het bijna-ondenkbare gebeurt en Anouk inderdaad hoge ogen gooit hoop ik dat onze politici zich de les van de avond in de oren knopen: een consistent eigen verhaal blijft ook temidden van populistisch geweld staan.
De verplatting op de puinhopen van Pim
Jaren hebben we geprobeerd om mee te gaan in de verplatting van liedjes en moesten we het onderspit delven door de massa's stemmen uit andere landen. We hadden geen rol van betekenis meer. Totdat eigenzinnige Anouk de boel op zijn kop zette. Niet meedoen aan een populariteits-wedstrijd maar gewoon het eigen gewicht en eigen verhaal als artiest in de strijd werpen.
En warempel; voor het eerst in jaren zijn we door naar de finale. En vanavond ontdekken we hoe ver we komen. Na alle verdriet rond het treurige anti-voetbal-bijna-wereldkampioenschap vinden we misschien de weg terug. En groeit onze nationale trots weer een beetje. De kroegen stromen vol en Rutte denkt stiletjes: 'ja hoor, nog even doorgaan zo en dan hoeven we die 4,3 miljard in oktober niet te bezuinigen'.
Een les voor onze politici?
Een hoge notering voor Anouk zou ook zomaar een teken aan de wand voor onze politici kunnen zijn. Die lijken nog steeds gevangen te zitten in het nutteloos achter de polls en de stemmen van het publiek aan te rennen. Het gestuntel in de Nederlandse politiek doet me gewoon net iets te vaak denken aan de act van Montenegro met de ruimtepakken. Is al die opsmuk wel nodig?
Ook als we niet eerste worden vandaag, zouden we als Nederland kunnen winnen. We zouden winnen als de massaal meekijkende politici zich gaan realiseren welke kracht, inspiratie en erkenning een goed en consistent eigen verhaal voor het grote publiek kan hebben. En daar vervolgens hun conclusies aan verbinden.
Verbazing over (Nederlands) publiek en politiek
Een weblog dat gaat over verbazing en verwondering.
zaterdag 18 mei 2013
zondag 5 mei 2013
Nijvere Beatrix maakt de puinhopen van Pim zichtbaar
Ziezo, het zit er bijna weer op. Abdicatie, herdenking 4 mei en vrijheidsdag 5 mei. Het waren fascinerende dagen. Bij de inhuldiging verschoven we de tectonische platen van onze constitutionele monarchie waarop tegelijkertijd onze politici aan het kaatsenballen waren. Of het nu over de partijdigheid van van Miltenburg ging of de ongelukkige discussie over fraude met zorgtoeslagen. Onze Kamerleden en regeringsleden toonden zich van hun 'beste' en meest vluchtige kant.
Dienend leiderschap wordt herkend
Beatrix heeft laten zien dat het ook anders kan. Oog houden voor de lange termijn, oog houden voor de verbinding tussen mensen, voor de vrede die voorvloeit uit Europa. Met niet aflatende professionaliteit gaf ze vorm aan haar rol als Koningin temidden van een sterk veranderend politiek landschap. De waardering voor de solide en integere koers die ze daarbij voer, leidde de afgelopen maanden tot talloze spontane koortjes 'Bea bedankt'. En ook bij de abdicatie in de Nieuwe Kerk was duidelijk dat de aanwezigen nog wel een uur door had willen klappen om haar te bedanken.
Wat mij betreft mogen de politici een voorbeeld nemen aan Beatrix. Met besef van je taak, dienend vormgeven aan het land, omwille van het welzijn van ons allemaal. Niet jezelf, of je laatste kamervraag of de volgende peiling op de voorgrond zetten, maar blijven kijken naar de mens en de verbinding. Open en nieuwsgierig de wereld tegemoet treden. En vooral niet meedansen naar de luimen van de dag, maar de ogen op de bal houden. De abdicatie toonde, wat mij betreft, dat lange termijn visie, koersvastheid, integriteit en dienstbetoon wordt herkend door het volk en op grote steun kan rekenen.
Politiek gevangen in de puinhopen van Pim Fortuyn
Ondertussen zit de Nederlandse politiek echter gevangen op de puinhopen van Pim Fortuyn. Fortuyn zag de kloof tussen burger en politiek en bood een bepaalde massa ruimte voor een herkenbare proteststem tegen de elite die de baantjes verdeelde. En passant liet hij zien hoe je met een sterk retorisch en publicitair verhaal de massa (voor even) aan je kon binden. En zo werd hij een voorbeeld voor navolgers als Wilders, Verdonk, Krol. Omwille van lijfsbehoud werden zijn standpunten razendsnel overgenomen door alle partijen van links tot rechts.
Het netto effect is dat Nederland nu gekenmerkt kan worden als het land dat al 10 jaar worstelt met de puinhopen van Pim. De politieke partijen zijn bang voor de kiezer en dansen stuk voor stuk naar wat zij denken dat die prettig vind. Zo kwam een kortzichtige ruk naar rechts op gang die neerkomt op hameren op minder immigratie tot strafbaarstelling van illegaliteit (een punt waarvan ik durf te stellen dat zelfs Fortuyn dat te ver zou vinden gaan). Verder is er op geen enkel front een lange termijn visie te vinden, maar draaien we al 10 jaar lang met variaties van kaasschaaf-politiek om de hete hangijzers van woningmarkt, gezondheidszorg enzovoorts heen.
Wie regeert er nu werkelijk?
Wat in deze uitdagende tijd nodig is, is visie en verbindend vermogen dat uit meer bestaat dan het zoveelste adhoc deelakkoord op een topdown regeerakkoord. Op de puinhopen van Pim zijn er echter weinig partijen meer te vinden die daar nog in lijken te geloven. De wrange constatering moet dan ook zijn dat het niet de koning is, niet de regering en niet de politiek, maar vooral de angst voor stemverlies die dit land werkelijk beheerst en regeert.
Dienend leiderschap wordt herkend
Beatrix heeft laten zien dat het ook anders kan. Oog houden voor de lange termijn, oog houden voor de verbinding tussen mensen, voor de vrede die voorvloeit uit Europa. Met niet aflatende professionaliteit gaf ze vorm aan haar rol als Koningin temidden van een sterk veranderend politiek landschap. De waardering voor de solide en integere koers die ze daarbij voer, leidde de afgelopen maanden tot talloze spontane koortjes 'Bea bedankt'. En ook bij de abdicatie in de Nieuwe Kerk was duidelijk dat de aanwezigen nog wel een uur door had willen klappen om haar te bedanken.
Wat mij betreft mogen de politici een voorbeeld nemen aan Beatrix. Met besef van je taak, dienend vormgeven aan het land, omwille van het welzijn van ons allemaal. Niet jezelf, of je laatste kamervraag of de volgende peiling op de voorgrond zetten, maar blijven kijken naar de mens en de verbinding. Open en nieuwsgierig de wereld tegemoet treden. En vooral niet meedansen naar de luimen van de dag, maar de ogen op de bal houden. De abdicatie toonde, wat mij betreft, dat lange termijn visie, koersvastheid, integriteit en dienstbetoon wordt herkend door het volk en op grote steun kan rekenen.
Politiek gevangen in de puinhopen van Pim Fortuyn
Ondertussen zit de Nederlandse politiek echter gevangen op de puinhopen van Pim Fortuyn. Fortuyn zag de kloof tussen burger en politiek en bood een bepaalde massa ruimte voor een herkenbare proteststem tegen de elite die de baantjes verdeelde. En passant liet hij zien hoe je met een sterk retorisch en publicitair verhaal de massa (voor even) aan je kon binden. En zo werd hij een voorbeeld voor navolgers als Wilders, Verdonk, Krol. Omwille van lijfsbehoud werden zijn standpunten razendsnel overgenomen door alle partijen van links tot rechts.
Het netto effect is dat Nederland nu gekenmerkt kan worden als het land dat al 10 jaar worstelt met de puinhopen van Pim. De politieke partijen zijn bang voor de kiezer en dansen stuk voor stuk naar wat zij denken dat die prettig vind. Zo kwam een kortzichtige ruk naar rechts op gang die neerkomt op hameren op minder immigratie tot strafbaarstelling van illegaliteit (een punt waarvan ik durf te stellen dat zelfs Fortuyn dat te ver zou vinden gaan). Verder is er op geen enkel front een lange termijn visie te vinden, maar draaien we al 10 jaar lang met variaties van kaasschaaf-politiek om de hete hangijzers van woningmarkt, gezondheidszorg enzovoorts heen.
Wie regeert er nu werkelijk?
Wat in deze uitdagende tijd nodig is, is visie en verbindend vermogen dat uit meer bestaat dan het zoveelste adhoc deelakkoord op een topdown regeerakkoord. Op de puinhopen van Pim zijn er echter weinig partijen meer te vinden die daar nog in lijken te geloven. De wrange constatering moet dan ook zijn dat het niet de koning is, niet de regering en niet de politiek, maar vooral de angst voor stemverlies die dit land werkelijk beheerst en regeert.
maandag 22 april 2013
Een alternatief koningslied... door Johan de Witt !
Jawel mensen. Niet eerder heb ik me zo geschaamd voor de Nederlanders die we zijn. Ok, ik geef toe, het eerdere inhuldigingslied van Ewbank blinkt niet uit in goed Nederlands taalgebruik, compactheid en is aan compromisbereidheid ten onder gegaan. Maar laten we wel wezen, het lied is wél een prachtig geslaagde weergave van de Nederlandse politiek van dit moment. We zijn massaal de weg kwijt en dat hoor je ook terug in het lied.
Toch geeft het geen pas om al die creatieve energie die in het lied is gestoken, zo negatief te benaderen. Het is echt het sjagrijnige geleuter van een volk dat te veel in de kijk- en luistermodus zit en kennelijk niets beter te doen heeft dan te vitten en te sarren en af te kraken.
Ondertussen zitten we maar mooi met de gebakken peren. Want Ahoy is afgehuurd en waar haal je zo snel een nieuw lied vandaan? Dat we ook nog moeten instuderen enzo.
De Witt schrijft voor het Koningshuis !!
Welaan, bij wijze van hoge uitzondering, en geheel tegen de loop van de geschiedenis en oude vete's in, is deze oude heer voor de aanstaande Koning in de pen gekropen. Om ons op de valreep te voorzien van een lied dat compromisloos en duidelijk is. Dat begint met een mineur blues uiteraard (want je zal van dit land en met dit parlement maar koning moeten worden) met daarin de veelgeplaagde en gevraagde W's en tot slot een stukje positieve duiding en opwekking, want dat heeft dit land heel hard nodig.
De tijd ontbrak helaas om vijftig Bekende Nederlanders in te huren om er een goede clip van te maken, vandaar dat u het met een stukje huisvlijt op Youtube moet doen. Zet het filmpje aan en studeer hardop mee met de melodielijn en de teksten die in beeld verschijnen. En voila, met die ingestudeerde teksten kunt u gewoon in Ahoy meedoen.
Veel plezier !!
PS. Niet op te hoge resolutie zetten... plaatjes zijn wat klein.
Toch geeft het geen pas om al die creatieve energie die in het lied is gestoken, zo negatief te benaderen. Het is echt het sjagrijnige geleuter van een volk dat te veel in de kijk- en luistermodus zit en kennelijk niets beter te doen heeft dan te vitten en te sarren en af te kraken.
Ondertussen zitten we maar mooi met de gebakken peren. Want Ahoy is afgehuurd en waar haal je zo snel een nieuw lied vandaan? Dat we ook nog moeten instuderen enzo.
De Witt schrijft voor het Koningshuis !!
Welaan, bij wijze van hoge uitzondering, en geheel tegen de loop van de geschiedenis en oude vete's in, is deze oude heer voor de aanstaande Koning in de pen gekropen. Om ons op de valreep te voorzien van een lied dat compromisloos en duidelijk is. Dat begint met een mineur blues uiteraard (want je zal van dit land en met dit parlement maar koning moeten worden) met daarin de veelgeplaagde en gevraagde W's en tot slot een stukje positieve duiding en opwekking, want dat heeft dit land heel hard nodig.
De tijd ontbrak helaas om vijftig Bekende Nederlanders in te huren om er een goede clip van te maken, vandaar dat u het met een stukje huisvlijt op Youtube moet doen. Zet het filmpje aan en studeer hardop mee met de melodielijn en de teksten die in beeld verschijnen. En voila, met die ingestudeerde teksten kunt u gewoon in Ahoy meedoen.
Veel plezier !!
PS. Niet op te hoge resolutie zetten... plaatjes zijn wat klein.
Labels:
Koning WIllem,
koninklijkuis,
NLPolitiek,
Politiek,
TweedeKamer
zaterdag 6 april 2013
Mijn droom voor ons land: wakker worden uit deze politieke nachtmerrie
Laten we wel zijn. We kunnen nog zoveel analyses maken van woningmarkt, pensioenen, financiële sector en wat dies meer zij, maar de grote blinde vlek die de politiek verlamt is die van de volslagen onbetrouwbaarheid en adhocratie die al jaren vanaf het Binnenhof over het land wordt verspreid op verzoek van een kortzichtig electoraat. Zeker nu we economisch gezien in slecht weer komen, wordt het helaas een tandje erger. Alle ogen worden gericht op de geldbuidel en er is geen tijd/gelegenheid voor fundamenteel doordenken.
En toch moeten we dat doen: doordenken en vooral ook: blijven dromen. Maar dan is het goed om wel eerst wakker te worden uit die nachtmerrie waarin we met zijn allen verzeild zijn geraakt.
Nachtmerrie huizenmarkt: klant, politiek en banken staken kop in zand
Het simpelste voorbeeld is de huizenmarkt en financiële sector. Er wordt nu heel gemakkelijk door politici gezegd dat het van hen een beetje dom was om de hypotheek-rente aftrek zo lang onbespreekbaar te houden. En twee seconden later rennen ze gauw weer achter het eerstvolgende incident aan dat hun een electorale bonus oplevert: de ING cyberaanval bijvoorbeeld. Kamervragen erachteraan. Hoorzittinkje. En maar kantoortje spelen. Het is om moedeloos van te worden.
Wat juist de situatie rond huizenmarkt zo fascinerend maakt is dat eind jaren negentig de Nederlandsche Bank een analyse deed die erop neerkwam dat er risico's waren rond hypotheken. Maar wat gebeurde: zowel politiek als banken commandeerden DNB terug in het hok. Ze bleven geloven in de droom van eeuwige groei. Hetzelfde gold voor de onverstandige belastingverlaging rond de eeuwwisseling. Dat leidde tot een onnodige bestedingsimpuls en extra lucht in de bubbel. Nee, DNB moest zich maar rustig met de rente bezighouden en verder niets. Die zagen spoken.
En zo zijn politiek, consument en banken doorgegaan met wat -met de kennis van nu- toch lichtzinnig gedrag wordt genoemd. Fundamentele vraagstukken rond wonen (doorstromen etc) werden niet opgepakt, het ging om de populariteit. We waanden onszelf gelukkig.
Intussen kwam Fortuyn op en toonde hoe wispelturig het electoraat was. En de kiezer smulde ervan: alle politici moesten uit de hoge toren en zich rekenschap geven van de geluiden en meningen van de straat. En net zoals het blindstaren op kijkcijfers leidt tot meer korte termijn snacks en minder diepgang gebeurde dat in de politiek. En het electoraat deed net zo hard mee.
Het probleem ligt breder: bij het institutionele kader
Eigenlijk kun je het bovenstaande beeld terugzien op allerlei beleidsvelden. Er is een sterke nadruk op korte termijn effecten en er ontbreekt een incentive-structuur om lange termijn beleid te voeren, te gaan voor diepgang en te streven naar verbinding in plaats van polarisatie. Opjutten is makkelijker dan verbinden en levert al snel 20 kamerzetels op. Zie ook mijn langere analyse en pleidooi voor een Nederlandse lente.
Juist in de huidige kortebaan-tijd wordt het belang van instituties groter. Onze rechtsstaat is er op allerlei manieren op ontworpen om bestand te zijn tegen tijdelijke onverstandige bewegingen van politici of groeperingen. En die veiligheidskleppen zitten in instituties, rechtsspraak, procedures enzovoorts. De rechtsstaat creëert zo voor burgers het vertrouwen dat hun bezit hun bezit blijft en dat er een zekere continuïteit te verwachten is in het gedrag van de overheid. Belangrijk is bijvoorbeeld dat niet met terugwerkende kracht regelgeving ten nadele van de burger kan worden gewijzigd.
Kijken we naar de feitelijkheid, dan zien we dat de afgelopen jaren allerlei waarborgen van de rechtsstaat op de schop kwamen te staan. Ik heb daar eerder al eens een blog aan gewaagd. Niet alleen de oude voorzitter van de Raad van State, ook zijn opvolger (Donner) wijst nadrukkelijk in zijn jaarverslag 2012 op het grotere bereik van overheidshandelen. En dat is de moeite van het citeren waard:
Bij de aanpak van de maatschappelijke problematiek zal ook steeds voor ogen gehouden moeten worden dat overheidshandelen in de rechtsstaat nimmer alleen doelmatig is, maar steeds ook rechtsvormend moet zijn.
..
Met rechtsvorming is in dat verband niet direct en alleen bedoeld wetgeving en rechtspraak, maar het gegeven dat overheidsbeleid en overheidshandelen in de rechtsstaat steeds mede moeten voldoen aan het rechtsgevoel en de fundamentele beginselen van recht.
..
De politieke situatie in het voorjaar van 2012 was uitzonderlijk en bij een snelle wisseling van coalities in de Tweede Kamer bestaat het risico dat wat de ene coalitie aanvaardt snel weer wordt ingetrokken door de volgende. Maar regering en Staten-Generaal zullen moeten beseffen dat dit grote schade kan aanbrengen aan eerbied voor de wet en dat die schade duurzamer is dan het gewin van snelle verandering.
Dit lijkt me toch alleszins klare taal, waarbij de Raad heel diplomatiek zegt dat er in 2012 een uitzonderlijke politieke situatie was. Dat is natuurlijk onjuist. Al sinds de opkomst van Fortuijn wordt er niet echt meer geregeerd en wordt er op allerlei manieren getornd aan het vertrouwen. Er is een electorale en politieke bonuscultuur ontstaan waarbij die van de banken schril afsteekt.
Kantelpunt: een nieuwe burger en nieuwe politiek?
Deze verkiezingen leek er even licht aan de horizon te gloren. Samsom zette een ander verhaal neer, soms een eerlijker verhaal en heel Nederland kwam in beweging. De resultante van de verkiezingsuitslag was echter minder gelukkig. Volstrekt top-down draaiden de Fristi-boys Rutte en Samsom een regeerakkoord vol illusiepolitiek in elkaar. Daarin weinig aandacht voor de verbinding, voor het maatschappelijk middenveld en veel aandacht voor pragmatisch elkaar zaken gunnen.
Dat was ons kantelpunt. En dat is nog steeds ons kantelpunt.Want het lijkt me onwaarschijnlijk dat deze tweede gedoogregering Rutte standhoudt onder zoveel economisch politiek pragmatisme. Rutte zelf had voor de verkiezingen nog de mond vol van een benodigde meerderheid in de Eerste Kamer. Om na de verkiezingen, uit pure machtswellust en hoop op een volle termijn als liberale premier, dit principe overboord te gooien. Daarmee zet hij de toon voor de rest van Nederland en geeft hij een uitermate slecht voorbeeld.
De ondoordachte manier waarmee nu inmiddels allerlei kaalslag wordt voorbereid versterkt het volk in haar wantrouwen tegen de politiek, in het gevoel dat je moet pakken wat je pakken kunt (voor het te laat is) want de overheid pakt het jou vroeger of later toch af. Het gebrek aan dieper doordenken op de realiteitszin van allerlei maatregelen (of het nu elimineren van provincies is, lenen voor je studie, mislukte woonmarktplannen of het onzalige herorganiseren van UWV-routes) wordt alleen geëvenaard door het even grote onvermogen om de verbinding met de samenleving tot stand te brengen.
En zo zijn we gevangen in een angstaanjagende spiraal waarin de politiek het volk geeft wat ze denkt dat het volk wil. Het volk doet in dat spel mee en springt van de ene rattenvanger van Hamelen naar de andere. Waarop de politiek denkt dat dat de huidige gang van zaken is en nog beter zijn best doet om ratten te vangen. Enzovoorts. In rap tempo verdwijnen zo de cruciale waarden in onze samenleving: vertrouwen, groepsdenken en hoop op een goede toekomst.
Mijn droom voor Nederland: een Nederlandse lente
Mijn droom voor Nederland is simpel: ik droom dat we collectief wakker mogen worden uit de politieke nachtmerrie waarin we met zijn allen gevangen zitten. Ik droom dat we leren zien hoe we beter met elkaar de verbinding aan kunnen gaan, dat het wél het mogelijk is om niet op elk incident te springen en het tot zinloze proporties op te blazen in de media. Ik droom, als idealist pur sang, nog steeds van een Nederlandse lente.
Wat ik een prachtige Nederlandse lente zou vinden, is een lente waarin regering, politiek en media het voortouw nemen om juist dat sociaal, collectief, respectvol en bindend gedrag te vertonen waar we als burgers trots op kunnen zijn. Een lente waarin ze niet proberen elkaar vliegen af te vangen met het best gepositioneerde populistische betoog. Een lente die gaat over de waarden van onze samenleving en hoe we die zo goed mogelijk kunnen behouden.
Het zou een lente worden die zou kunnen gaan over de belangrijke pijlers van onze democratie en de beste manier om te waarborgen dat we ook op de lange termijn in een leefbare, rechtvaardige samenleving wonen. Het zou een lente zijn waarin we ons realiseren dat het politiek debat in Nederland de afgelopen jaren wel een beetje té veel is uitgelopen op een Sterrenslag-on-Ice in de Tweede Kamer.
Bovenal is het een lente waarin wij ook onszelf ook op individueel niveau: als consument, als burger, als werknemer, als wat-dan-ook de maat nemen. Want we weten uit allerlei onderzoek dat het Nederlandse publiek op dit moment vooral ongerust is over de toenemende intolerantie en onverdraagzaamheid. We ergeren ons aan het gebrek aan respect en normen en waarden, asociaal gedrag, de verharding en verhuftering en de ik-cultuur.
En toch moeten we dat doen: doordenken en vooral ook: blijven dromen. Maar dan is het goed om wel eerst wakker te worden uit die nachtmerrie waarin we met zijn allen verzeild zijn geraakt.
Nachtmerrie huizenmarkt: klant, politiek en banken staken kop in zand
Het simpelste voorbeeld is de huizenmarkt en financiële sector. Er wordt nu heel gemakkelijk door politici gezegd dat het van hen een beetje dom was om de hypotheek-rente aftrek zo lang onbespreekbaar te houden. En twee seconden later rennen ze gauw weer achter het eerstvolgende incident aan dat hun een electorale bonus oplevert: de ING cyberaanval bijvoorbeeld. Kamervragen erachteraan. Hoorzittinkje. En maar kantoortje spelen. Het is om moedeloos van te worden.
Wat juist de situatie rond huizenmarkt zo fascinerend maakt is dat eind jaren negentig de Nederlandsche Bank een analyse deed die erop neerkwam dat er risico's waren rond hypotheken. Maar wat gebeurde: zowel politiek als banken commandeerden DNB terug in het hok. Ze bleven geloven in de droom van eeuwige groei. Hetzelfde gold voor de onverstandige belastingverlaging rond de eeuwwisseling. Dat leidde tot een onnodige bestedingsimpuls en extra lucht in de bubbel. Nee, DNB moest zich maar rustig met de rente bezighouden en verder niets. Die zagen spoken.
En zo zijn politiek, consument en banken doorgegaan met wat -met de kennis van nu- toch lichtzinnig gedrag wordt genoemd. Fundamentele vraagstukken rond wonen (doorstromen etc) werden niet opgepakt, het ging om de populariteit. We waanden onszelf gelukkig.
Intussen kwam Fortuyn op en toonde hoe wispelturig het electoraat was. En de kiezer smulde ervan: alle politici moesten uit de hoge toren en zich rekenschap geven van de geluiden en meningen van de straat. En net zoals het blindstaren op kijkcijfers leidt tot meer korte termijn snacks en minder diepgang gebeurde dat in de politiek. En het electoraat deed net zo hard mee.
Het probleem ligt breder: bij het institutionele kader
Eigenlijk kun je het bovenstaande beeld terugzien op allerlei beleidsvelden. Er is een sterke nadruk op korte termijn effecten en er ontbreekt een incentive-structuur om lange termijn beleid te voeren, te gaan voor diepgang en te streven naar verbinding in plaats van polarisatie. Opjutten is makkelijker dan verbinden en levert al snel 20 kamerzetels op. Zie ook mijn langere analyse en pleidooi voor een Nederlandse lente.
Juist in de huidige kortebaan-tijd wordt het belang van instituties groter. Onze rechtsstaat is er op allerlei manieren op ontworpen om bestand te zijn tegen tijdelijke onverstandige bewegingen van politici of groeperingen. En die veiligheidskleppen zitten in instituties, rechtsspraak, procedures enzovoorts. De rechtsstaat creëert zo voor burgers het vertrouwen dat hun bezit hun bezit blijft en dat er een zekere continuïteit te verwachten is in het gedrag van de overheid. Belangrijk is bijvoorbeeld dat niet met terugwerkende kracht regelgeving ten nadele van de burger kan worden gewijzigd.
Kijken we naar de feitelijkheid, dan zien we dat de afgelopen jaren allerlei waarborgen van de rechtsstaat op de schop kwamen te staan. Ik heb daar eerder al eens een blog aan gewaagd. Niet alleen de oude voorzitter van de Raad van State, ook zijn opvolger (Donner) wijst nadrukkelijk in zijn jaarverslag 2012 op het grotere bereik van overheidshandelen. En dat is de moeite van het citeren waard:
Bij de aanpak van de maatschappelijke problematiek zal ook steeds voor ogen gehouden moeten worden dat overheidshandelen in de rechtsstaat nimmer alleen doelmatig is, maar steeds ook rechtsvormend moet zijn.
..
Met rechtsvorming is in dat verband niet direct en alleen bedoeld wetgeving en rechtspraak, maar het gegeven dat overheidsbeleid en overheidshandelen in de rechtsstaat steeds mede moeten voldoen aan het rechtsgevoel en de fundamentele beginselen van recht.
..
De politieke situatie in het voorjaar van 2012 was uitzonderlijk en bij een snelle wisseling van coalities in de Tweede Kamer bestaat het risico dat wat de ene coalitie aanvaardt snel weer wordt ingetrokken door de volgende. Maar regering en Staten-Generaal zullen moeten beseffen dat dit grote schade kan aanbrengen aan eerbied voor de wet en dat die schade duurzamer is dan het gewin van snelle verandering.
Dit lijkt me toch alleszins klare taal, waarbij de Raad heel diplomatiek zegt dat er in 2012 een uitzonderlijke politieke situatie was. Dat is natuurlijk onjuist. Al sinds de opkomst van Fortuijn wordt er niet echt meer geregeerd en wordt er op allerlei manieren getornd aan het vertrouwen. Er is een electorale en politieke bonuscultuur ontstaan waarbij die van de banken schril afsteekt.
Kantelpunt: een nieuwe burger en nieuwe politiek?
Deze verkiezingen leek er even licht aan de horizon te gloren. Samsom zette een ander verhaal neer, soms een eerlijker verhaal en heel Nederland kwam in beweging. De resultante van de verkiezingsuitslag was echter minder gelukkig. Volstrekt top-down draaiden de Fristi-boys Rutte en Samsom een regeerakkoord vol illusiepolitiek in elkaar. Daarin weinig aandacht voor de verbinding, voor het maatschappelijk middenveld en veel aandacht voor pragmatisch elkaar zaken gunnen.
Dat was ons kantelpunt. En dat is nog steeds ons kantelpunt.Want het lijkt me onwaarschijnlijk dat deze tweede gedoogregering Rutte standhoudt onder zoveel economisch politiek pragmatisme. Rutte zelf had voor de verkiezingen nog de mond vol van een benodigde meerderheid in de Eerste Kamer. Om na de verkiezingen, uit pure machtswellust en hoop op een volle termijn als liberale premier, dit principe overboord te gooien. Daarmee zet hij de toon voor de rest van Nederland en geeft hij een uitermate slecht voorbeeld.
De ondoordachte manier waarmee nu inmiddels allerlei kaalslag wordt voorbereid versterkt het volk in haar wantrouwen tegen de politiek, in het gevoel dat je moet pakken wat je pakken kunt (voor het te laat is) want de overheid pakt het jou vroeger of later toch af. Het gebrek aan dieper doordenken op de realiteitszin van allerlei maatregelen (of het nu elimineren van provincies is, lenen voor je studie, mislukte woonmarktplannen of het onzalige herorganiseren van UWV-routes) wordt alleen geëvenaard door het even grote onvermogen om de verbinding met de samenleving tot stand te brengen.
En zo zijn we gevangen in een angstaanjagende spiraal waarin de politiek het volk geeft wat ze denkt dat het volk wil. Het volk doet in dat spel mee en springt van de ene rattenvanger van Hamelen naar de andere. Waarop de politiek denkt dat dat de huidige gang van zaken is en nog beter zijn best doet om ratten te vangen. Enzovoorts. In rap tempo verdwijnen zo de cruciale waarden in onze samenleving: vertrouwen, groepsdenken en hoop op een goede toekomst.
Mijn droom voor Nederland: een Nederlandse lente
Mijn droom voor Nederland is simpel: ik droom dat we collectief wakker mogen worden uit de politieke nachtmerrie waarin we met zijn allen gevangen zitten. Ik droom dat we leren zien hoe we beter met elkaar de verbinding aan kunnen gaan, dat het wél het mogelijk is om niet op elk incident te springen en het tot zinloze proporties op te blazen in de media. Ik droom, als idealist pur sang, nog steeds van een Nederlandse lente.
Wat ik een prachtige Nederlandse lente zou vinden, is een lente waarin regering, politiek en media het voortouw nemen om juist dat sociaal, collectief, respectvol en bindend gedrag te vertonen waar we als burgers trots op kunnen zijn. Een lente waarin ze niet proberen elkaar vliegen af te vangen met het best gepositioneerde populistische betoog. Een lente die gaat over de waarden van onze samenleving en hoe we die zo goed mogelijk kunnen behouden.
Het zou een lente worden die zou kunnen gaan over de belangrijke pijlers van onze democratie en de beste manier om te waarborgen dat we ook op de lange termijn in een leefbare, rechtvaardige samenleving wonen. Het zou een lente zijn waarin we ons realiseren dat het politiek debat in Nederland de afgelopen jaren wel een beetje té veel is uitgelopen op een Sterrenslag-on-Ice in de Tweede Kamer.
Ik zie een lente waarin de media ook een stap terugdoen en zich afvragen
welke rol zij hebben gespeeld in de samenleving die Nederland geworden
is. Een lente waarin meer plaats is voor media-formats die recht doen
aan de complexiteit van de problemen in Nederland. En voor uitzendingen
waarin niet de karikatuur maar de verbinding tussen mensen wordt
gestimuleerd.
Bovenal is het een lente waarin wij ook onszelf ook op individueel niveau: als consument, als burger, als werknemer, als wat-dan-ook de maat nemen. Want we weten uit allerlei onderzoek dat het Nederlandse publiek op dit moment vooral ongerust is over de toenemende intolerantie en onverdraagzaamheid. We ergeren ons aan het gebrek aan respect en normen en waarden, asociaal gedrag, de verharding en verhuftering en de ik-cultuur.
En die Nederlanders, dat zijn wij vooral ook zelf.
En daarom moet die Nederlandse lente bij onszelf beginnen.
zondag 24 maart 2013
Verbazing over #cyprus #analyses #media en #politiek
Ik weet deze week even niet waar ik me het meest over moet verbazen:
- de politieke keuze in Europa om voor 6 miljard aan eerdergemaakte fouten bij de toelating van Cyprus alsnog te willen corrigeren?
- de zich elkaar herhalende Nederlandse analytici die, met uitzondering van Sweder van Wijnbergen, de discussie plaatsten in de door anderen neergezette kaders?
- de bewoners van Cyprus, die hun rug recht houden in tijden van ervaren onrecht en wel het gelijk maar niet het geluk aan hun zijde hebben?
- de media, in het bijzonder ook Buitenhof vandaag: vooral terugblikken en slechts een enkele meter vooruit kijken?
Ik meen zelf, als aspirant-blogger van het nieuwe digiblad De correspondent (zie mijn ava op Twitter) al wel een duit in het zakje te hebben gedaan met mijn eigen analyse. En nu wordt het tijd voor een eigen vooruitblik en voorspelling. En die luidt dat er vanavond een oplossing komt, maar dat we volgend weekend weer een Eurotop over Cyprus hebben, om de gevolgschade te repareren.
Hoe dat zo?
Het europolitieke wangedrocht dat we in Europa hebben gemaakt bestaat uit het verwezenlijken van het ideaal van een hechte economische kern en afwezige politieke consensus. De basisgedachte was ooit dat dat de beste manier was om oorlog te voorkomen. Het niet voorziene bijeffect van integratie van geld- en kapitaalmarkten is dat we economisch verknoopter raken en ook kwetsbaarder worden in slechte tijden. En bij afwezigheid van politieke consensus hebben we nu dus telkens afzonderlijk politiek overleg nodig. Zoals ook dit weekend.
Ik verwacht dat er zeker een vorm van consensus gaat komen over Cyprus vanavond. Hetzij in, hetzij uit de eurozone (ik zet in op dat ze erin blijven). En wie weet schuift Duitsland zelfs een miljardje in de pot. Desalniettemin komen er allerlei kapitaalsrestricties en overheidsregels om de situatie bij geopende banken te gaan modereren.
De onbekende variabele is of geraakte klanten blijven zitten of vertrekken. Mogelijk blijven ze zitten, als ze zwart geld hebben en niet in het vizier van de overheid willen komen. Maar ik sluit niet uit dat legitieme spelers hoe dan ook uit Cyprus stappen. Zelfs als ze langlopende deposito's hebben staan, trekken ze die terug. Je kunt er namelijk donder op zeggen dat die mooie rentes snel verleden tijd zullen zijn en je weet maar nooit of er nog een extra graai in de kas volgt door de overheid. En dat is wel heel ironisch voor al die Russen die juist om die reden (grijpgrage Poetin) dachten hun geld naar een land met een stabieler rechtssysteem te hebben gebracht.
Nu zal er in regelgeving getracht worden om die uitstroom tegen te houden, maar ik kan me niet voorstellen dat alle overwerkte EU, ECB, Financiën, IMF medewerkers alle mogelijke routes in het vizier hebben. En ook lijkt het me binnen de juridische kaders van Europa twijfelachtig of men dat kapitaal serieus lang zou kunen vasthouden.
Kortom, de bankbalansen worden vroeger of later alsnog zoekgespeeld en ik vermoed dat dat effect (nog) niet voldoende is meegenomen in de huidige ronde van besluitvorming over Cyprus. En dat betekent dat we volgende week, of over een maand half jaar, wat dan ook - als de effecten van de maatregel helder worden - alsnog weer een bijeenkomst gaan hebben over de vraag hoeveel extra geld naar Cyprus moet om de instortende banken/economie te redden.
Het doet mij vooral denken aan de tune: 'Het houdt niet op, niet vanzelf'.
- de politieke keuze in Europa om voor 6 miljard aan eerdergemaakte fouten bij de toelating van Cyprus alsnog te willen corrigeren?
- de zich elkaar herhalende Nederlandse analytici die, met uitzondering van Sweder van Wijnbergen, de discussie plaatsten in de door anderen neergezette kaders?
- de bewoners van Cyprus, die hun rug recht houden in tijden van ervaren onrecht en wel het gelijk maar niet het geluk aan hun zijde hebben?
- de media, in het bijzonder ook Buitenhof vandaag: vooral terugblikken en slechts een enkele meter vooruit kijken?
Ik meen zelf, als aspirant-blogger van het nieuwe digiblad De correspondent (zie mijn ava op Twitter) al wel een duit in het zakje te hebben gedaan met mijn eigen analyse. En nu wordt het tijd voor een eigen vooruitblik en voorspelling. En die luidt dat er vanavond een oplossing komt, maar dat we volgend weekend weer een Eurotop over Cyprus hebben, om de gevolgschade te repareren.
Hoe dat zo?
Het europolitieke wangedrocht dat we in Europa hebben gemaakt bestaat uit het verwezenlijken van het ideaal van een hechte economische kern en afwezige politieke consensus. De basisgedachte was ooit dat dat de beste manier was om oorlog te voorkomen. Het niet voorziene bijeffect van integratie van geld- en kapitaalmarkten is dat we economisch verknoopter raken en ook kwetsbaarder worden in slechte tijden. En bij afwezigheid van politieke consensus hebben we nu dus telkens afzonderlijk politiek overleg nodig. Zoals ook dit weekend.
Ik verwacht dat er zeker een vorm van consensus gaat komen over Cyprus vanavond. Hetzij in, hetzij uit de eurozone (ik zet in op dat ze erin blijven). En wie weet schuift Duitsland zelfs een miljardje in de pot. Desalniettemin komen er allerlei kapitaalsrestricties en overheidsregels om de situatie bij geopende banken te gaan modereren.
De onbekende variabele is of geraakte klanten blijven zitten of vertrekken. Mogelijk blijven ze zitten, als ze zwart geld hebben en niet in het vizier van de overheid willen komen. Maar ik sluit niet uit dat legitieme spelers hoe dan ook uit Cyprus stappen. Zelfs als ze langlopende deposito's hebben staan, trekken ze die terug. Je kunt er namelijk donder op zeggen dat die mooie rentes snel verleden tijd zullen zijn en je weet maar nooit of er nog een extra graai in de kas volgt door de overheid. En dat is wel heel ironisch voor al die Russen die juist om die reden (grijpgrage Poetin) dachten hun geld naar een land met een stabieler rechtssysteem te hebben gebracht.
Nu zal er in regelgeving getracht worden om die uitstroom tegen te houden, maar ik kan me niet voorstellen dat alle overwerkte EU, ECB, Financiën, IMF medewerkers alle mogelijke routes in het vizier hebben. En ook lijkt het me binnen de juridische kaders van Europa twijfelachtig of men dat kapitaal serieus lang zou kunen vasthouden.
Kortom, de bankbalansen worden vroeger of later alsnog zoekgespeeld en ik vermoed dat dat effect (nog) niet voldoende is meegenomen in de huidige ronde van besluitvorming over Cyprus. En dat betekent dat we volgende week, of over een maand half jaar, wat dan ook - als de effecten van de maatregel helder worden - alsnog weer een bijeenkomst gaan hebben over de vraag hoeveel extra geld naar Cyprus moet om de instortende banken/economie te redden.
Het doet mij vooral denken aan de tune: 'Het houdt niet op, niet vanzelf'.
Labels:
democratie,
ECB,
Economie,
EUPolitiek,
Griekenland,
INTPolitiek,
monetair beleid
dinsdag 19 maart 2013
Per direkt te koop: Europese idealen, vraagprijs € 5,8 miljard
We hebben ons dit weekend weer mogen verbazen. Uit de hoge hoed van de Europa-elite kwam een nieuwe invulling van het begrip PSI: Private Sector Involvement. Het nieuwe acroniem werd: Privé Spaargeld Inleveren en was van toepassing op bankrekeninghouders op Cyprus. Want, zo bedacht men in Europa, het is allemaal goed en aardig dat Cyprus zelf een financieel centrum wilde worden, maar dat trok allerlei fout geld en dat foute geld moest ook maar meebetalen.
Het mee laten betalen van spaarders aan de redding van Cyprus redding leverde alom kritiek op en terecht. Want in de kern van de zaak zette Europa voor de zoveelste keer, met een beroep op een unieke situatie, haar eigen spelregels opzij. Eerder gebeurde dat al toen Frankrijk en Duitsland een begrotingstekort hadden. Maar ja, kon je redeneren, dat verdrag van Amsterdam was niet in beton gegoten dus je kon weten dat die norm van 3% zacht zou zijn. Maar nu is het anders. Er zijn simpele duidelijke regels over depositogarantie en die worden mogelijk niet naar de letter, maar wel naar de geest gebroken. Dat is een domme en dure keuze.
Waar zitten nu de denkfouten in Europa?
Allereerst is het bizar dat het argument van zwart geld nu opeens relevant wordt bij de redding van een land. Als dat zwart geld er al zat en een probleem was, had dat veel eerder al aangepakt moeten worden. Natuurlijk is het logisch om deze reddingsactie te gebruiken om wat politieke wensen te verzilveren, maar moet dat tegen elke prijs en zijn daarbij alle middelen geoorloofd? De Europese elite vindt van wel en zet de rechtszekerheid die ze zélf in de crisistijd heeft willen genereren met de opgehoogde depositogarantieregels nu volkomen op losse schroeven.
Ten tweede kunnen we ons nu echt met recht afvragen of die hele European Systemic Risk Board niet direkt opgeheven moet worden. Opgericht met als doel om ons te wijzen op systeemrisico's is er weinig beweging en analyse te ontdekken. Mogelijk gebeurt het allemaal achter de schermen en doen ze veel goeds in stilte. Anderzijds is te vrezen dat ook voor hen geldt dat ze niet op zullen schrijven wat intussen keiharde Europese werkelijkheid is: het grootste risico voor de financiële stabiliteit wordt gevormd door onze eigen politici.
Deze Europese politici hebben vanouds een mooie ideologische achtergrond van waaruit mensen als Monnet worden aangehaald of Schumann en er allerlei ronkende taal rondvliegt over één Europa, solidariteit en wat dies meer zij. Soms klinkt dat zo goed dat ik ze dan toch maar het voordeel van de twijfel geef, want die idealen zijn zeker lovenswaardig en wenkend. Het blijft echter altijd goed om door de woorden heen te kijken naar de daden. En die vertellen nu een ander verhaal: de idealen van Europa zijn minder waard dan een lousy zes miljard euro. Achter het masker van de schone Europa schuilt een opportunistische bangerik die geobsedeerd is door de behoefte om willekeurig welke marktpartijen mee te laten betalen aan de oplossing van de crisis.
Ik heb me altijd afgevraagd welke stompzinnige kleine gebeurtenis de aanleiding zou zijn voor de verdere deconfiture van Europa. Welaan, dit weekend zijn we zomaar een stap dichterbij het antwoord gekomen. Een bedrag van zes miljard bleek te veel om op te hoesten voor het waarmaken van de idealen en rechtszekerheid in Europa. Economisch gezien weten we nu dus wat de maximum prijs van die idealen is. Ik vrees echter dat de werkelijke prijs die we gaan betalen een stuk hoger is.
Het mee laten betalen van spaarders aan de redding van Cyprus redding leverde alom kritiek op en terecht. Want in de kern van de zaak zette Europa voor de zoveelste keer, met een beroep op een unieke situatie, haar eigen spelregels opzij. Eerder gebeurde dat al toen Frankrijk en Duitsland een begrotingstekort hadden. Maar ja, kon je redeneren, dat verdrag van Amsterdam was niet in beton gegoten dus je kon weten dat die norm van 3% zacht zou zijn. Maar nu is het anders. Er zijn simpele duidelijke regels over depositogarantie en die worden mogelijk niet naar de letter, maar wel naar de geest gebroken. Dat is een domme en dure keuze.
Waar zitten nu de denkfouten in Europa?
Allereerst is het bizar dat het argument van zwart geld nu opeens relevant wordt bij de redding van een land. Als dat zwart geld er al zat en een probleem was, had dat veel eerder al aangepakt moeten worden. Natuurlijk is het logisch om deze reddingsactie te gebruiken om wat politieke wensen te verzilveren, maar moet dat tegen elke prijs en zijn daarbij alle middelen geoorloofd? De Europese elite vindt van wel en zet de rechtszekerheid die ze zélf in de crisistijd heeft willen genereren met de opgehoogde depositogarantieregels nu volkomen op losse schroeven.
Ten tweede kunnen we ons nu echt met recht afvragen of die hele European Systemic Risk Board niet direkt opgeheven moet worden. Opgericht met als doel om ons te wijzen op systeemrisico's is er weinig beweging en analyse te ontdekken. Mogelijk gebeurt het allemaal achter de schermen en doen ze veel goeds in stilte. Anderzijds is te vrezen dat ook voor hen geldt dat ze niet op zullen schrijven wat intussen keiharde Europese werkelijkheid is: het grootste risico voor de financiële stabiliteit wordt gevormd door onze eigen politici.
Deze Europese politici hebben vanouds een mooie ideologische achtergrond van waaruit mensen als Monnet worden aangehaald of Schumann en er allerlei ronkende taal rondvliegt over één Europa, solidariteit en wat dies meer zij. Soms klinkt dat zo goed dat ik ze dan toch maar het voordeel van de twijfel geef, want die idealen zijn zeker lovenswaardig en wenkend. Het blijft echter altijd goed om door de woorden heen te kijken naar de daden. En die vertellen nu een ander verhaal: de idealen van Europa zijn minder waard dan een lousy zes miljard euro. Achter het masker van de schone Europa schuilt een opportunistische bangerik die geobsedeerd is door de behoefte om willekeurig welke marktpartijen mee te laten betalen aan de oplossing van de crisis.
Ik heb me altijd afgevraagd welke stompzinnige kleine gebeurtenis de aanleiding zou zijn voor de verdere deconfiture van Europa. Welaan, dit weekend zijn we zomaar een stap dichterbij het antwoord gekomen. Een bedrag van zes miljard bleek te veel om op te hoesten voor het waarmaken van de idealen en rechtszekerheid in Europa. Economisch gezien weten we nu dus wat de maximum prijs van die idealen is. Ik vrees echter dat de werkelijke prijs die we gaan betalen een stuk hoger is.
Labels:
Beoordeling,
democratie,
EUPolitiek,
eurocrisis,
Griekenland,
NLPolitiek,
normatief
vrijdag 22 februari 2013
Fristi-boys Rutte en Samsom ruïneren het land met hun illusiepolitiek
Gisteren kwamen de CBS cijfers over onze economie naar buiten. Heel het land in rep en roer, want gut gut, nu gaat het echt slecht. Wat mij daarbij verbaasd is de blindheid van de Nederlandse politiek voor eigen falen. En de blindheid van de media voor het desastreuze effect van het Regeerakkoord tussen Samsom en Rutte. Een akkoord dat wat mij betreft vooral fristi-akkoord genoemd mag worden, naar een generatie die niet langer het gezonde glaasje melk drinkt, maar vooral om het kwartier schreeuwt om een een nieuw pakje fristi als quick fix.
Een korte blik terug. In september 2011 publiceert Minister van Financiën de Jager een prachtig rapport over de mogelijke schokeffecten in de Nederlandse economie. Ik schreef daar toen kortweg over dat die te vergelijken was met een APK-rapport. Boeiend om te lezen, maar veel belangrijker: welke bestuurder heeft de auto die Nederland heet? Dat het de politieke bestuurders van Nederland zijn, die feitelijk het grootste schokeffect veroorzaken bleef ten onrechte onbesproken. Dat vond ik een beetje dom, maar niet onbegrijpelijk. Welke ambtenaar durft er nu te schrijven dat het grootste risico in Nederland eigenlijk zijn eigen baas is? Dat denken ze alleen maar.
Inmiddels is de wacht gewisseld en staan de fristy-boys Samson en Rutte aan het roer. Volledig buiten de werkelijkheid hebben die in splendid isolation een regeerakkoord opgesteld dat top-down de hele boel in Nederland verandert. Het begon met een zorgpremie-idee-tje dat volstrekt onuitvoerbaar was. Vervolgens werd Minister Blok opgezadeld met een onzinnige woonmarkt opdracht die ertoe leidt dat het nu de politiek is die in een hoekje van de kamer hypotheekprodukten zit te ontwerpen. In plaats van de grote lijnen uit te zetten die ons in de toekomst brengen.
Zoals te verwachten tuimelt nu de een na de andere ramp uit de kast van het kabinet, welke tesamen ons land volledig en vakkundig zullen ruïneren. We voeren een sociaal leenstelsel in waarin een archaische bruidsschat verstopt zit. We hevelen heel veel taken over naar gemeentes die tegelijk moeten gaan centraliseren en in een landelijke provincie opgaan. Volstrekt onhaalbaar en onrealistisch, maar ja, het moet. Tegelijk gaan de zorgmarkt op zijn kop gooien met weer nieuwe afspraken. En de doelstelling, de opdracht staat centraal, ten koste van de relatie met het middenveld.
Ach, je kunt het leiderschap noemen. Ik noem het gevaarlijke illusiepolitiek. Een politiek waarin te vrij en te weinig vanuit de realiteit en de toepassing van toekomstige regels/veranderingen wordt gedacht. Een politiek waarin iedereen van elkaar vervreemdt. Een politiek die ertoe leidt dat ieder uit zelfbehoud pakt wat ie pakken kan, want morgen kun je het zomaar kwijt zijn. Een politiek waarbij Nederland een schoolplein wordt waar in het groot toegestaan wordt dat we zinloos doorgaan met bankiertje-pesten.
De cijfers van het CBS mogen sommigen dan wellicht verbazen, maar wat ons werkelijk zorgen zou moeten baren is de ongebreidelde illusiepolitiek van de fristi-boys Rutte en Samsom.
Een korte blik terug. In september 2011 publiceert Minister van Financiën de Jager een prachtig rapport over de mogelijke schokeffecten in de Nederlandse economie. Ik schreef daar toen kortweg over dat die te vergelijken was met een APK-rapport. Boeiend om te lezen, maar veel belangrijker: welke bestuurder heeft de auto die Nederland heet? Dat het de politieke bestuurders van Nederland zijn, die feitelijk het grootste schokeffect veroorzaken bleef ten onrechte onbesproken. Dat vond ik een beetje dom, maar niet onbegrijpelijk. Welke ambtenaar durft er nu te schrijven dat het grootste risico in Nederland eigenlijk zijn eigen baas is? Dat denken ze alleen maar.
Inmiddels is de wacht gewisseld en staan de fristy-boys Samson en Rutte aan het roer. Volledig buiten de werkelijkheid hebben die in splendid isolation een regeerakkoord opgesteld dat top-down de hele boel in Nederland verandert. Het begon met een zorgpremie-idee-tje dat volstrekt onuitvoerbaar was. Vervolgens werd Minister Blok opgezadeld met een onzinnige woonmarkt opdracht die ertoe leidt dat het nu de politiek is die in een hoekje van de kamer hypotheekprodukten zit te ontwerpen. In plaats van de grote lijnen uit te zetten die ons in de toekomst brengen.
Zoals te verwachten tuimelt nu de een na de andere ramp uit de kast van het kabinet, welke tesamen ons land volledig en vakkundig zullen ruïneren. We voeren een sociaal leenstelsel in waarin een archaische bruidsschat verstopt zit. We hevelen heel veel taken over naar gemeentes die tegelijk moeten gaan centraliseren en in een landelijke provincie opgaan. Volstrekt onhaalbaar en onrealistisch, maar ja, het moet. Tegelijk gaan de zorgmarkt op zijn kop gooien met weer nieuwe afspraken. En de doelstelling, de opdracht staat centraal, ten koste van de relatie met het middenveld.
Ach, je kunt het leiderschap noemen. Ik noem het gevaarlijke illusiepolitiek. Een politiek waarin te vrij en te weinig vanuit de realiteit en de toepassing van toekomstige regels/veranderingen wordt gedacht. Een politiek waarin iedereen van elkaar vervreemdt. Een politiek die ertoe leidt dat ieder uit zelfbehoud pakt wat ie pakken kan, want morgen kun je het zomaar kwijt zijn. Een politiek waarbij Nederland een schoolplein wordt waar in het groot toegestaan wordt dat we zinloos doorgaan met bankiertje-pesten.
De cijfers van het CBS mogen sommigen dan wellicht verbazen, maar wat ons werkelijk zorgen zou moeten baren is de ongebreidelde illusiepolitiek van de fristi-boys Rutte en Samsom.
Labels:
arbeidsmarkt,
bankenleed,
Beoordeling,
Enormatief,
eurocrisis,
NLPolitiek,
normatief,
Opmerkelijk,
Politiek,
Review,
Rutte
maandag 18 februari 2013
Heksenjacht op van Keulen: pesten in het groot.....
Vandaag meldt RTL Nieuws dat voormalig SNS topman van Keulen ondergedoken is na bedreigingen uit de afgelopen periode. Het opent een nieuw hoofdstuk in de ongezonde dynamiek tussen politiek, pers, publiek en de bankenwereld. Ik dacht wat dat betreft alle verbazing alwel te boven te zijn, maar nee, het kan altijd een tandje erger.
Wat mij dan ook momenteel het meest verbaast is dat als het labeltje verandert van zielige scholier naar oud-topman van een bank, opeens half Nederland zich kritiekloos overgeeft aan het pesten dat zij hun kinderen zouden verbieden.
Kijkt u even mee naar wat zich afspeelde op ons nationale schoolplein, dan kunt u zich met mij verbazen...
1. Van Keulen zelf: sufferdje tussen de stoergeld jongens
Laten we beginnen bij het begin zelf. Van Keulen was als topman verantwoordelijk en betrokken bij een onhandige aankoop van vastgoed. Die aankoop vond plaats in een tijd dat de bomen nog tot in de hemel groeiden en als onderdeel van een overmoedige expansie van SNS. Dat was de tijd dat van Keulen op het schoolplein nog met ontzag werd bekeken. Hij behoorde bij de stoere club met veel invloed en populariteit.
Toen de economische luchtballon werd doorgeprikt, bleek dat we met zijn allen in een roes hadden geleefd. We namen teveel krediet en we gaven teveel. Ook de stoere jongens van de geldclub hadden dat gedaan en van Keulen was destijds het sufferdje gebleken van de stoere jongens. In de banksector wist iedereen namelijk dat er wat mis was met Bouwfonds, dus dat bedrijf ging als een hete aardappel rond. Alleen Sjoerd van Keulen die had net van zijn moeder heel veel zakgeld gekregen en die dacht nog net een slag te kunnen slaan. Het bleek achteraf een behoorlijke misrekening.
2. Het parlement: voortdurende verontwaardiging en polarisatie
Toen de financiële crisis uitbrak vielen de toplieden van banken en deels ook de toezichthouders van hun voetstuk. Als aasgieren doken de politici in het parlement over elkaar heen om ze allemaal een morele les te leren en in de hoek te zetten. Voor wie op enige afstand toekijkt was duidelijk dat dit slechts gedeeltelijk ging over wat er mis was gegaan in de bankenwereld. Wat er ook gebeurde was dat de gelegenheid te baat werd genomen om die stoere en arrogante jongens op het schoolplein eindelijk eens af te kunnen zijken. De verhoudingen op het schoolplein veranderden simpelweg toen men erachter kwam dat de ouders van sommige van de vroeger rijke jochies, nu hun hand moesten ophouden bij het UWV.
Omdat het tegelijk economisch minder goed ging, werden de jongens van de geldclub de zondebok voor alles wat met geld te maken had. Een teruglopende economie: dat komt door de geldclub. Te weinig leningen? Ook hun schuld. Het maakte eigenlijk niet uit welk onderwerp het was, er was altijd wel weer een link te leggen naar die groep. Dat was zowel leuk, vermakelijk als makkelijk, want door hen de schuld te geven hoefde de leerlingen op het schoolplein niet na te denken of hun eigen gedrag uit het verleden niet toch ook een beetje de oorzaak was geweest van de economische terugval.
Bij de verkiezingen voor de leerlingenraad bleek overigens ook hoe handig het was om die foutgeld-jongens de schuld te geven. Iedereen die dat deed bleek zich te mogen verheugen in grote aanhang op het schoolplein. De verhoudingen waren definitief gekenterd.
3. De media: meer aandacht voor karikatuur dan werkelijkheid Op het schoolplein waren er altijd verschillende krantjes te lezen. En 's avonds na sesamstraat mocht menigeen ook opblijven tot programma's als DWDD en Pauw en Witteman. Al die media sprongen op de berichten over bankiers. En overal werden spotprenten gemaakt of interviews gehouden waaraan de spotprent en karikatuur van de werkelijkheid ten grondslag lag. Dit gebeurde permanent en massaal en leidde de aandacht fijn af van de werkelijk moeilijke vragen: hoe gaan we samen op een constructieve manier verder?
4. De bankiers: hoe deemoedig moet je zijn?
De jongens uit het geldclubje werden in de hoek gedrukt. Ze zagen de verontwaardiging met lede ogen aan. Op een aantal punten was die terecht, maar op andere punten niet. Het leek hen een goed idee om een commissie van wijze mannen om raad te vragen. En zo ontstond er, na lang denken, een handboek voor de club bankiers, genaamd code banken. Het kwam erop neer dat ze voortaan een stuk voorzichtiger en verantwoordelijker om zouden gaan met geld, klant, medemens en personeel. En er zat zelfs een eed in. Een enkele bankier schreef ook een brief naar de krant om sorry te zeggen....
Maar was het deemoedig genoeg?
5. Scepsis op het plein: schoolmeester de wit grijpt in
Op het schoolplein waren ze niet overtuigd. Er was nogal wat gebeurd intussen en er werden twee grote onderzoeken gedaan naar de oorzaken van de kredietcrisis en het ingrijpen van de overheid, toezichthouders en het gedrag van bankiers. Wat leek op een waarheidscommissie, bleek uiteindelijk uit te monden in een strafexpeditie. Onder ede moesten alle betrokkenen uit de verschillende fase zich netjes komen verantwoorden. Dit mondde uit in een lijst met aanbeveling die er indrukwekkend uitzag. Buitenlandse waarnemers constateerden echter dat de schoolmeester de Wit gewoon alle idee-tjes uit het buitenland als eigen idee opschreef. Het leverde weinig nieuws op, maar heel misschien was dit toch het begin van een omslag in de verhoudingen op het schoolplein.
Gedoogepisode: platheid troef
Op het schoolplein werden de verhoudingen steeds ingewikkelder. Vroeger wist je nog wel welke clubjes er zoal waren. Je had de knikkeraars, de touwtje-springers, de voetballers, de geldjongens, de bijbelvasten, de gameboys en noem maar op. Maar de laatste jaren bleken de rollen telkens anders te worden. Er kwamen dierliefhebbers bij en de vrijhgeid-voor-zichzelf-maar-niet-voor-anderen-idealisten. En als er nieuwe leerlingen kwamen zag je ze dan weer met het ene clubje, dan weer met het andere clubje spelen. En zo ontstond er elke dag een populariteitsrace op het schoolplein: de clubjes probeerden elkaar met makkelijke snoepjes, kado-tjes en opvattingen de loef af te steken. Van de originele basis (knikkeren, touwtje-springen, dierenliefhebben) bleef daarbij weinig over. Elk groepje wilde zelf het populairst zijn en greep naar allerlei middelen om dat te blijven. Daarbij werd er steeds vaker eigenlijk gewoon gepest, maar de schoolmeester greep niet in.
6. Nabrander van de crisisjaren: SNS valt om
Waar niemand ondertussen op had gelet was één van de fietsen op het schoolplein. Die was van Sjoerd geweest. En die fiets zag er kleurrijk uit, maar het was eigenlijk een fiets met een gevaarlijke bagagedrager. De fiets werd nu door een paar nieuwe leerlingen gebruikt, maar het bleef een gevaarlijk ding. Dat bleek eind januari 2013 toen de fiets betrokken raakte bij een ingewikkeld verkeersongeluk. En waar men op het schoolplein net druk bezig was met andere zaken, vlamde de oude discussie over de jongens van het geldclubje weer in volle heftigheid op.
En op tv zagen we weer de gebruikelijke commentaar-mannetjes die het vuurtje weer ongenuanceerder maakten en aanstaken. Niet onbelangrijk: de gemeente nam het voortouw. Burgermeester Rutte sprak er schande van dat Sjoerd zijn fiets zo slecht onderhouden had. En ook politieman Dijsselbloem vond dat het belangrijk was als Sjoerd ook zijn huidige functie in de geldclub (de bankiers hadden hem voorzitter van een praatclub gemaakt) zou opgeven.
Maar goed, zo werd de lont in het kruidvat gestoken. En met dank aan nieuwe media en aan de krantjes en tv-programma's die ook in deze moeilijke tijden geld moesten verdienen ontstond een klopjacht, een heksenjacht op Sjoerd van Keulen. Men herinnerde zich nog goed hoe het zijn fiets was. En er werd zelfs een helikopter ingeschakeld om te zien of hij een garage had waarin hij die fiets had kunnen repareren.
7. van Keulen in 2013: niet te bekennen op het schoolplein
Het meest opvallend de afgelopen tijd, was dat van Keulen zelf niets zei. Hij dacht misschien dat de storm over zou waaien. Misschien ook realiseerde hij zich dat op dit schoolplein elk woord er één teveel zou zijn. Maar het was duidelijk dat die taxatie onjuist was. Temidden van de opschudding over SNS wilde iedereen van hem als hoofdpersoon toelichting. Misschien nog niet eens zozeer het ultieme sorry-woord, maar tenminste een blijk van empathie rond wat er allemaal gebeurd was en een gevoel dat hij daarop enigszins menselijk kon reflecteren.
Die reactie bleef uit, waarna zich, in het verlengde van uitspraken van Rutte en Dijsselbloem een dynamiek ontplooide die samen te vatten is als: misselijkmakend pesten. En omdat er niemand op het schoolplein zich verantwoordelijk voelde voor het tegengaan van pesten, vertrok hij op advies van de politie naar het buitenland.
De moraal.....
U begrijpt het wel. Wat wij nodig hebben is een pestprotocol in het groot. Een bewustwording dat we soms wel heel dom en polariserend bezig zijn met zijn allen, de politiek, de media, de regering, de bedrijven, de burgers en iedereen. Waar inmiddels steeds duidelijker wordt dat er veel latente behoefte maar weinig echte ruimte is voor een Nederlandse lente, zou het minste toch zijn dat we met zijn allen een pestprotocol afspreken, niet alleen voor pesten in het klein, maar ook voor pesten in het groot.
Wie weet is dit anti-pest-protocol van de school de Regenboog danwel een goede inspiratiebron.
Wat mij dan ook momenteel het meest verbaast is dat als het labeltje verandert van zielige scholier naar oud-topman van een bank, opeens half Nederland zich kritiekloos overgeeft aan het pesten dat zij hun kinderen zouden verbieden.
Kijkt u even mee naar wat zich afspeelde op ons nationale schoolplein, dan kunt u zich met mij verbazen...
1. Van Keulen zelf: sufferdje tussen de stoergeld jongens
Laten we beginnen bij het begin zelf. Van Keulen was als topman verantwoordelijk en betrokken bij een onhandige aankoop van vastgoed. Die aankoop vond plaats in een tijd dat de bomen nog tot in de hemel groeiden en als onderdeel van een overmoedige expansie van SNS. Dat was de tijd dat van Keulen op het schoolplein nog met ontzag werd bekeken. Hij behoorde bij de stoere club met veel invloed en populariteit.
Toen de economische luchtballon werd doorgeprikt, bleek dat we met zijn allen in een roes hadden geleefd. We namen teveel krediet en we gaven teveel. Ook de stoere jongens van de geldclub hadden dat gedaan en van Keulen was destijds het sufferdje gebleken van de stoere jongens. In de banksector wist iedereen namelijk dat er wat mis was met Bouwfonds, dus dat bedrijf ging als een hete aardappel rond. Alleen Sjoerd van Keulen die had net van zijn moeder heel veel zakgeld gekregen en die dacht nog net een slag te kunnen slaan. Het bleek achteraf een behoorlijke misrekening.
2. Het parlement: voortdurende verontwaardiging en polarisatie
Toen de financiële crisis uitbrak vielen de toplieden van banken en deels ook de toezichthouders van hun voetstuk. Als aasgieren doken de politici in het parlement over elkaar heen om ze allemaal een morele les te leren en in de hoek te zetten. Voor wie op enige afstand toekijkt was duidelijk dat dit slechts gedeeltelijk ging over wat er mis was gegaan in de bankenwereld. Wat er ook gebeurde was dat de gelegenheid te baat werd genomen om die stoere en arrogante jongens op het schoolplein eindelijk eens af te kunnen zijken. De verhoudingen op het schoolplein veranderden simpelweg toen men erachter kwam dat de ouders van sommige van de vroeger rijke jochies, nu hun hand moesten ophouden bij het UWV.
Omdat het tegelijk economisch minder goed ging, werden de jongens van de geldclub de zondebok voor alles wat met geld te maken had. Een teruglopende economie: dat komt door de geldclub. Te weinig leningen? Ook hun schuld. Het maakte eigenlijk niet uit welk onderwerp het was, er was altijd wel weer een link te leggen naar die groep. Dat was zowel leuk, vermakelijk als makkelijk, want door hen de schuld te geven hoefde de leerlingen op het schoolplein niet na te denken of hun eigen gedrag uit het verleden niet toch ook een beetje de oorzaak was geweest van de economische terugval.
Bij de verkiezingen voor de leerlingenraad bleek overigens ook hoe handig het was om die foutgeld-jongens de schuld te geven. Iedereen die dat deed bleek zich te mogen verheugen in grote aanhang op het schoolplein. De verhoudingen waren definitief gekenterd.
3. De media: meer aandacht voor karikatuur dan werkelijkheid Op het schoolplein waren er altijd verschillende krantjes te lezen. En 's avonds na sesamstraat mocht menigeen ook opblijven tot programma's als DWDD en Pauw en Witteman. Al die media sprongen op de berichten over bankiers. En overal werden spotprenten gemaakt of interviews gehouden waaraan de spotprent en karikatuur van de werkelijkheid ten grondslag lag. Dit gebeurde permanent en massaal en leidde de aandacht fijn af van de werkelijk moeilijke vragen: hoe gaan we samen op een constructieve manier verder?
4. De bankiers: hoe deemoedig moet je zijn?
De jongens uit het geldclubje werden in de hoek gedrukt. Ze zagen de verontwaardiging met lede ogen aan. Op een aantal punten was die terecht, maar op andere punten niet. Het leek hen een goed idee om een commissie van wijze mannen om raad te vragen. En zo ontstond er, na lang denken, een handboek voor de club bankiers, genaamd code banken. Het kwam erop neer dat ze voortaan een stuk voorzichtiger en verantwoordelijker om zouden gaan met geld, klant, medemens en personeel. En er zat zelfs een eed in. Een enkele bankier schreef ook een brief naar de krant om sorry te zeggen....
Maar was het deemoedig genoeg?
5. Scepsis op het plein: schoolmeester de wit grijpt in
Op het schoolplein waren ze niet overtuigd. Er was nogal wat gebeurd intussen en er werden twee grote onderzoeken gedaan naar de oorzaken van de kredietcrisis en het ingrijpen van de overheid, toezichthouders en het gedrag van bankiers. Wat leek op een waarheidscommissie, bleek uiteindelijk uit te monden in een strafexpeditie. Onder ede moesten alle betrokkenen uit de verschillende fase zich netjes komen verantwoorden. Dit mondde uit in een lijst met aanbeveling die er indrukwekkend uitzag. Buitenlandse waarnemers constateerden echter dat de schoolmeester de Wit gewoon alle idee-tjes uit het buitenland als eigen idee opschreef. Het leverde weinig nieuws op, maar heel misschien was dit toch het begin van een omslag in de verhoudingen op het schoolplein.
Gedoogepisode: platheid troef
Op het schoolplein werden de verhoudingen steeds ingewikkelder. Vroeger wist je nog wel welke clubjes er zoal waren. Je had de knikkeraars, de touwtje-springers, de voetballers, de geldjongens, de bijbelvasten, de gameboys en noem maar op. Maar de laatste jaren bleken de rollen telkens anders te worden. Er kwamen dierliefhebbers bij en de vrijhgeid-voor-zichzelf-maar-niet-voor-anderen-idealisten. En als er nieuwe leerlingen kwamen zag je ze dan weer met het ene clubje, dan weer met het andere clubje spelen. En zo ontstond er elke dag een populariteitsrace op het schoolplein: de clubjes probeerden elkaar met makkelijke snoepjes, kado-tjes en opvattingen de loef af te steken. Van de originele basis (knikkeren, touwtje-springen, dierenliefhebben) bleef daarbij weinig over. Elk groepje wilde zelf het populairst zijn en greep naar allerlei middelen om dat te blijven. Daarbij werd er steeds vaker eigenlijk gewoon gepest, maar de schoolmeester greep niet in.
6. Nabrander van de crisisjaren: SNS valt om
Waar niemand ondertussen op had gelet was één van de fietsen op het schoolplein. Die was van Sjoerd geweest. En die fiets zag er kleurrijk uit, maar het was eigenlijk een fiets met een gevaarlijke bagagedrager. De fiets werd nu door een paar nieuwe leerlingen gebruikt, maar het bleef een gevaarlijk ding. Dat bleek eind januari 2013 toen de fiets betrokken raakte bij een ingewikkeld verkeersongeluk. En waar men op het schoolplein net druk bezig was met andere zaken, vlamde de oude discussie over de jongens van het geldclubje weer in volle heftigheid op.
En op tv zagen we weer de gebruikelijke commentaar-mannetjes die het vuurtje weer ongenuanceerder maakten en aanstaken. Niet onbelangrijk: de gemeente nam het voortouw. Burgermeester Rutte sprak er schande van dat Sjoerd zijn fiets zo slecht onderhouden had. En ook politieman Dijsselbloem vond dat het belangrijk was als Sjoerd ook zijn huidige functie in de geldclub (de bankiers hadden hem voorzitter van een praatclub gemaakt) zou opgeven.
Maar goed, zo werd de lont in het kruidvat gestoken. En met dank aan nieuwe media en aan de krantjes en tv-programma's die ook in deze moeilijke tijden geld moesten verdienen ontstond een klopjacht, een heksenjacht op Sjoerd van Keulen. Men herinnerde zich nog goed hoe het zijn fiets was. En er werd zelfs een helikopter ingeschakeld om te zien of hij een garage had waarin hij die fiets had kunnen repareren.
7. van Keulen in 2013: niet te bekennen op het schoolplein
Het meest opvallend de afgelopen tijd, was dat van Keulen zelf niets zei. Hij dacht misschien dat de storm over zou waaien. Misschien ook realiseerde hij zich dat op dit schoolplein elk woord er één teveel zou zijn. Maar het was duidelijk dat die taxatie onjuist was. Temidden van de opschudding over SNS wilde iedereen van hem als hoofdpersoon toelichting. Misschien nog niet eens zozeer het ultieme sorry-woord, maar tenminste een blijk van empathie rond wat er allemaal gebeurd was en een gevoel dat hij daarop enigszins menselijk kon reflecteren.
Die reactie bleef uit, waarna zich, in het verlengde van uitspraken van Rutte en Dijsselbloem een dynamiek ontplooide die samen te vatten is als: misselijkmakend pesten. En omdat er niemand op het schoolplein zich verantwoordelijk voelde voor het tegengaan van pesten, vertrok hij op advies van de politie naar het buitenland.
De moraal.....
U begrijpt het wel. Wat wij nodig hebben is een pestprotocol in het groot. Een bewustwording dat we soms wel heel dom en polariserend bezig zijn met zijn allen, de politiek, de media, de regering, de bedrijven, de burgers en iedereen. Waar inmiddels steeds duidelijker wordt dat er veel latente behoefte maar weinig echte ruimte is voor een Nederlandse lente, zou het minste toch zijn dat we met zijn allen een pestprotocol afspreken, niet alleen voor pesten in het klein, maar ook voor pesten in het groot.
Wie weet is dit anti-pest-protocol van de school de Regenboog danwel een goede inspiratiebron.
Labels:
bankenleed,
Beoordeling,
democratie,
NLPolitiek,
normatief,
Opmerkelijk,
woningmarkt
zaterdag 16 februari 2013
Verbazing over rampen-Rosenthal bij de wetenschapsraad
Jawel dames en heren, we mogen ons weer verbazen over ...... *tromgeroffel*.... onze Nederlandse bestuurderscarrousel. Al een tijdje heb ik wat weinig aandacht hieraan besteed, hoogste tijd daarom om het te hebben over Uri Rosenthal. Dat is ongetwijfeld een goede analyticus, mogelijk zelf iemand die verstand heeft van rampen. Maar goed, ook iemand die verder politiek in ging. En in het kader van de stug doordraaiende Nederlandse bestuurderscarrousel mag hij nu, na gebleken ongeschiktheid, niet gewoon als 67 jarige met pensioen... nee, hij wordt voorzitter van de wetenschapsraad.
Zoals gezegd het zal een man met kwaliteiten zijn, maar die zijn in de politiek niet uit de verf gekomen. Als vertrouweling van Rutte mocht hij informeren, in de zomer van 2010. Dat werd kortweg geen succes en pas met de komst van Lubbers kwam het kabinet Rutte 1 er. Rosenthal werd bedankt met een baan bij het Ministerie van Buitenlandse Zaken. Terwijl hij toch reizen eigenlijk niet leuk vond.
Alom stuntelde Rosenthal zich door allerlei dossiers heen, waarbij hij de diplomaten en zijn eigen ambtenaren apparaat van zich vervreemde (aldus de wandelgangen). Het duurde net zolang totdat het onzalige Rutte 1 zijn einde vond. En Nederland vermoedde al: die zien we in een volgend kabinet niet meer terug. Hetgeen inderdaad zo was en er leek een zalig pensioentje te lonken.
Maar nee, kennelijk was er toch nog een soort van bedankje of gebaar nodig naar de enigszins publiekelijk gebutste Rosenthal. Hij wordt, alhoewel pensioengerechtigd, voorzitter van de wetenschapsraad. Het is onthutsend: een oudere die de arbeidsplaats van iemand anders bezet houdt, terwijl hij zelf een mooi pensioen heeft en het aantal werklozen hard toeneemt. Dat zou toch zeker ook de PvdA niet vatten onder het motto: samen sterker, samen socialer of eerlijk delen?
En de bestuurderscarrousel, hij draait maar voort.....
Zoals gezegd het zal een man met kwaliteiten zijn, maar die zijn in de politiek niet uit de verf gekomen. Als vertrouweling van Rutte mocht hij informeren, in de zomer van 2010. Dat werd kortweg geen succes en pas met de komst van Lubbers kwam het kabinet Rutte 1 er. Rosenthal werd bedankt met een baan bij het Ministerie van Buitenlandse Zaken. Terwijl hij toch reizen eigenlijk niet leuk vond.
Alom stuntelde Rosenthal zich door allerlei dossiers heen, waarbij hij de diplomaten en zijn eigen ambtenaren apparaat van zich vervreemde (aldus de wandelgangen). Het duurde net zolang totdat het onzalige Rutte 1 zijn einde vond. En Nederland vermoedde al: die zien we in een volgend kabinet niet meer terug. Hetgeen inderdaad zo was en er leek een zalig pensioentje te lonken.
Maar nee, kennelijk was er toch nog een soort van bedankje of gebaar nodig naar de enigszins publiekelijk gebutste Rosenthal. Hij wordt, alhoewel pensioengerechtigd, voorzitter van de wetenschapsraad. Het is onthutsend: een oudere die de arbeidsplaats van iemand anders bezet houdt, terwijl hij zelf een mooi pensioen heeft en het aantal werklozen hard toeneemt. Dat zou toch zeker ook de PvdA niet vatten onder het motto: samen sterker, samen socialer of eerlijk delen?
En de bestuurderscarrousel, hij draait maar voort.....
Labels:
Beoordeling,
bestuurderscarrousel,
Enormatief,
ethiek,
Herinneringen,
Politiek,
TweedeKamer
woensdag 13 februari 2013
Verbazing over prutsende politici op de woningmarkt..
Heeft u het ook gehoord de afgelopen weken? Van links (Samsom) tot rechts (Hoogervorst) erkende de politici dat de onbespreekbaarheid van de hypotheekrente-aftrek in de afgelopen 10 jaar toch eigenlijk wel een kortzichtige vorm van politiek was. Het klonk prachtig: het begin van zelfreflectie en er gloorde warempel een beetje hoop op een meer structurele en doordachte werkwijze wat betreft toekomst van de woningmarkt.
Helaas. Sinds gisteravond zijn we een nieuw broddelakkoord rijker, in het verlengde op het gepruts in het regeerakkoord dat al bol stond van illusiepolitiek. Op geen enkele wijze is in het woningbouwakkoord nog een goede lijn te ontdekken. Te hooi en te gras worden er Sinterklaas-kado-tjes uitgedeeld en concessies gedaan, zolang de grote bezuinigingslijn maar blijft staan. Ongeacht de effecten op de woningmarkt moet de grote slag geslagen worden door de woningcorporaties geld uit de zak te kloppen.
U begrijpt het: dit is voer voor verbazing. Ik verbaas me over kruimelgedogende politici van de kleinere partijen die zich laten meezuigen in een ten principale slecht onderbouwd snoeiplan zonder visie. Ik verbaas me over de voortzetting van top down illusiepolitiek waarbij op geen enkele manier getracht is het maatschappelijk middenveld te betrekken. Ik verbaas me over ontbreken van een uitvoerings- en implementatie-analyse (je kunt op je vingers uittellen dat in de uitvoering straks brokken worden gemaakt en kosten worden verspeeld). En het nauwelijks aanwezig zijn van gedachten over de bij-effecten van deze maatregelen op het geheel van woningmarkt wordt kennelijk ook gewoon gevonden in Den Haag.
Politici die op deze manier met de belangen van hun achterban omgaan moeten zich diep schamen. Met deze inspraakloze, opportunistische, ondoordachte werkwijze wordt de woningmarkt onnodig tot in lengte van jaren verprutst. En de verhouding met kiezer en maatschappelijk middenveld wordt er ook niet echt beter van.
En straks, over vijftien jaar kunnen we in programma's als 'Andere Tijden' de hoofdrolspelers van nu ruiterlijk horen erkennen: 'tja we waren toen zo gebrand op ons eigen politieke ding dat we niet goed keken naar de effecten op het totaal van de woningmarkt; dat was een beetje dom'. Welaan tegen die hoofdrolspelers zeg ik: Slaap er nog een nachtje over en kom terug op uw schreden.
Helaas. Sinds gisteravond zijn we een nieuw broddelakkoord rijker, in het verlengde op het gepruts in het regeerakkoord dat al bol stond van illusiepolitiek. Op geen enkele wijze is in het woningbouwakkoord nog een goede lijn te ontdekken. Te hooi en te gras worden er Sinterklaas-kado-tjes uitgedeeld en concessies gedaan, zolang de grote bezuinigingslijn maar blijft staan. Ongeacht de effecten op de woningmarkt moet de grote slag geslagen worden door de woningcorporaties geld uit de zak te kloppen.
U begrijpt het: dit is voer voor verbazing. Ik verbaas me over kruimelgedogende politici van de kleinere partijen die zich laten meezuigen in een ten principale slecht onderbouwd snoeiplan zonder visie. Ik verbaas me over de voortzetting van top down illusiepolitiek waarbij op geen enkele manier getracht is het maatschappelijk middenveld te betrekken. Ik verbaas me over ontbreken van een uitvoerings- en implementatie-analyse (je kunt op je vingers uittellen dat in de uitvoering straks brokken worden gemaakt en kosten worden verspeeld). En het nauwelijks aanwezig zijn van gedachten over de bij-effecten van deze maatregelen op het geheel van woningmarkt wordt kennelijk ook gewoon gevonden in Den Haag.
Politici die op deze manier met de belangen van hun achterban omgaan moeten zich diep schamen. Met deze inspraakloze, opportunistische, ondoordachte werkwijze wordt de woningmarkt onnodig tot in lengte van jaren verprutst. En de verhouding met kiezer en maatschappelijk middenveld wordt er ook niet echt beter van.
En straks, over vijftien jaar kunnen we in programma's als 'Andere Tijden' de hoofdrolspelers van nu ruiterlijk horen erkennen: 'tja we waren toen zo gebrand op ons eigen politieke ding dat we niet goed keken naar de effecten op het totaal van de woningmarkt; dat was een beetje dom'. Welaan tegen die hoofdrolspelers zeg ik: Slaap er nog een nachtje over en kom terug op uw schreden.
Labels:
Beoordeling,
democratie,
normatief,
Opmerkelijk,
rechtsstaat,
Review,
TweedeKamer,
voorspelling,
woningmarkt
maandag 11 februari 2013
Weinig applaus voor de Paus, maar nu wel ruimte voor vernieuwing?
Vandaag kregen we het bericht dat de Paus opstapt. Als tweede Paus ooit heeft hij besloten zelf te stoppen en niet in het harnas te willen sterven, zoals te doen gebruikelijk. Een keuze die we mogen respecteren. Een korte terugblik op zijn periode leert dat hij strak dogmatisch bleef. Dat leverde hem in de Europese landen niet zoveel credits op, terwijl men op andere continenten juist enthousiaster werd.
Zou het Pontificaat een gewone top-job zijn bij een beursgenoteerde onderneming, dan zouden we zeggen dat de Paus is blijven denken in een verouderd business model en bedrijfsconcept. Hoe hard hij ook ging twitteren, de archaische opvattingen rond omgaan met kindermisbruik, homohuwelijk, condoom en het al dan niet samen met Protestanten een viering doen, bleven in de weg zitten. En dat hij al zijn voorgangers zalig ging verklaren hielp ook niet echt mee.
Geen applaus voor deze Paus dus, en direkt de vraag wat er nu gebeurt. Een veel jongere Paus, met minder dogmatische aanpak, zou dat niet wat zijn? En zou dat niet ook mooi aansluiten op de veranderende tijd, die vraagt om nieuwe leiders, nieuwe inzichten?
Ergens zou je dat mogen vermoeden. Want de katholieke kerk is er goed in zichzelf opnieuw uit te vinden. In het verleden hebben ze heel flexibel gereageerd op ontwikkelingen in de samenleving, om maar hun eigen positie te kunnen behouden. Zo vonden ze het dogma van het sacrament uit in een periode dat priesters in de praktijk van dubieus gehalte bleken te zijn. Dat wil zeggen: de middelen waarmee je gedoopt wordt hebben alle heiligheid in zich en daarmee is ook een doop, toegediend door een foute pastoor, nog steeds geldig. Het geheim zit dus in het wijwater en niet in de pastoor. En voor het huwelijk goldt: de echtelieden maken het sacrament samen, dus ook daar doet het er niet toe of de pastoor al dan niet een scheve schaats reed.
Ik denk dat als het instituut zo creatief geweest is in het verleden, ze ergens misschien nog wel een restje inventiviteit over hebben. En wie weet komt er dan gewoon even een interimmer. Een harde saneerder die alle boekenkasten, archieven en stinkende dossiers opengooit en de trap van bovenaf leegveegt. En vervolgens plaatsmaakt voor een opvolger die met schone leest kan beginnen.
Het alternatief is natuurlijk draconisch voorspelbaar. Een scharrelende zestiger of zeventiger die uit de stal van Ratzinger komt en zijne heilige dynastie maar al te graag voortzet. Die hem zelfs tijdens zijn leven al zalig verklaard, onder homerisch gelach van alle omstanders. Ach, het is een beetje of je naar de laatste jaren van Polaroid of Kodak zit te kijken. De boot enorm gemist, maar zelf hebben ze het nog niet helemaal door.
Gelukkig hebben we straks de foto's nog. En de kerken. Anders geloven generaties na ons straks nooit dat het geloof ooit zo groot was.
Zou het Pontificaat een gewone top-job zijn bij een beursgenoteerde onderneming, dan zouden we zeggen dat de Paus is blijven denken in een verouderd business model en bedrijfsconcept. Hoe hard hij ook ging twitteren, de archaische opvattingen rond omgaan met kindermisbruik, homohuwelijk, condoom en het al dan niet samen met Protestanten een viering doen, bleven in de weg zitten. En dat hij al zijn voorgangers zalig ging verklaren hielp ook niet echt mee.
Geen applaus voor deze Paus dus, en direkt de vraag wat er nu gebeurt. Een veel jongere Paus, met minder dogmatische aanpak, zou dat niet wat zijn? En zou dat niet ook mooi aansluiten op de veranderende tijd, die vraagt om nieuwe leiders, nieuwe inzichten?
Ergens zou je dat mogen vermoeden. Want de katholieke kerk is er goed in zichzelf opnieuw uit te vinden. In het verleden hebben ze heel flexibel gereageerd op ontwikkelingen in de samenleving, om maar hun eigen positie te kunnen behouden. Zo vonden ze het dogma van het sacrament uit in een periode dat priesters in de praktijk van dubieus gehalte bleken te zijn. Dat wil zeggen: de middelen waarmee je gedoopt wordt hebben alle heiligheid in zich en daarmee is ook een doop, toegediend door een foute pastoor, nog steeds geldig. Het geheim zit dus in het wijwater en niet in de pastoor. En voor het huwelijk goldt: de echtelieden maken het sacrament samen, dus ook daar doet het er niet toe of de pastoor al dan niet een scheve schaats reed.
Ik denk dat als het instituut zo creatief geweest is in het verleden, ze ergens misschien nog wel een restje inventiviteit over hebben. En wie weet komt er dan gewoon even een interimmer. Een harde saneerder die alle boekenkasten, archieven en stinkende dossiers opengooit en de trap van bovenaf leegveegt. En vervolgens plaatsmaakt voor een opvolger die met schone leest kan beginnen.
Het alternatief is natuurlijk draconisch voorspelbaar. Een scharrelende zestiger of zeventiger die uit de stal van Ratzinger komt en zijne heilige dynastie maar al te graag voortzet. Die hem zelfs tijdens zijn leven al zalig verklaard, onder homerisch gelach van alle omstanders. Ach, het is een beetje of je naar de laatste jaren van Polaroid of Kodak zit te kijken. De boot enorm gemist, maar zelf hebben ze het nog niet helemaal door.
Gelukkig hebben we straks de foto's nog. En de kerken. Anders geloven generaties na ons straks nooit dat het geloof ooit zo groot was.
Labels:
Beoordeling,
normatief,
Opmerkelijk,
Paus,
voorspelling
maandag 4 februari 2013
Kamerdebat Verloren Krediet 2: de wezenlijke vragen
Deze woensdag vergadert de Tweede Kamer om 16.00 uur over de eindrapportage Verloren Krediet 2 van de Commissie de Wit. Dit gebeurt tegen de achtergrond van de recente nationalisatie van SNS. En daarmee kunnen we er donder op zeggen dat het een traditioneel vanouds, incidentgedreven debat wordt. Je kunt het bijna uittekenen:
- hulde voor de Minister en het tussentijds informeren van de 2e Kamer,
- over de hele linie: goede zaak dat SNS genationaliseerd is, wel allerlei kanttekeningen,
- waarom deed de interventiewet het niet?
- wanneer wordt de bonus van van Keulen teruggehaald, wil de Minister dat onderzoeken?
- is het toezicht van DNB werkelijk op orde?
- hoe snel kunnen de living wills er komen,
- er moet nu een wet komen dat banken gesplist worden,
- laten we toch ook maar een Commissie de Wit 3 opzetten, over deze casus en nasleep, of dan tenminste een dik aangezette hoorzitting.
Wie echter de inhoud van het rapport Verloren Krediet tot zich neemt en kijkt naar de werkwijze van de Commissie en de uitkomst, ziet dat zowel de Tweede Kamer als de Commissie zich hebben verloren in gemier op de vierkante millimeter. Men heeft uitmuntend dossierwerk gedaan, maar was erg op zoek naar formele fouten en in een wraakmodus richting de bankiers (leve de bankbelasting) en deels het Ministerie. Eerder al heb ik aangegeven dat inmiddels de electorale bonuscultuur in de Tweede Kamer te polariserend werkt en te weinig verbindend. Maar ja, hoe moet het dan wel?
Persoonlijk lijken mij de volgende drie vragen er werkelijk toe te doen:
- in hoeverre heeft de media-gerichtheid van parlement en regering (zie rapport zelfreflectie door de Tweede Kamer) mede geleid tot onnodige en ineffectieve interventies en regelgeving door het Ministerie en parlement?
- in welke mate zijn de politieke kleur of persoonlijke ambitie van de Minister meer bepalend geweest voor sommige interventies dan de feitelijke urgentie?
- moet het Nederlands parlement op deze interventionistische, medebesturende, detaillistische weg doorgaan (denk aan het wettelijk verplichten van bankierseed voor alle werknemers in de banksector)?
Woensdag zullen we zien of de nieuwe Tweede Kamer inderdaad in staat is de grote lijn te pakken. Ik ben benieuwd.....
- hulde voor de Minister en het tussentijds informeren van de 2e Kamer,
- over de hele linie: goede zaak dat SNS genationaliseerd is, wel allerlei kanttekeningen,
- waarom deed de interventiewet het niet?
- wanneer wordt de bonus van van Keulen teruggehaald, wil de Minister dat onderzoeken?
- is het toezicht van DNB werkelijk op orde?
- hoe snel kunnen de living wills er komen,
- er moet nu een wet komen dat banken gesplist worden,
- laten we toch ook maar een Commissie de Wit 3 opzetten, over deze casus en nasleep, of dan tenminste een dik aangezette hoorzitting.
Wie echter de inhoud van het rapport Verloren Krediet tot zich neemt en kijkt naar de werkwijze van de Commissie en de uitkomst, ziet dat zowel de Tweede Kamer als de Commissie zich hebben verloren in gemier op de vierkante millimeter. Men heeft uitmuntend dossierwerk gedaan, maar was erg op zoek naar formele fouten en in een wraakmodus richting de bankiers (leve de bankbelasting) en deels het Ministerie. Eerder al heb ik aangegeven dat inmiddels de electorale bonuscultuur in de Tweede Kamer te polariserend werkt en te weinig verbindend. Maar ja, hoe moet het dan wel?
Persoonlijk lijken mij de volgende drie vragen er werkelijk toe te doen:
- in hoeverre heeft de media-gerichtheid van parlement en regering (zie rapport zelfreflectie door de Tweede Kamer) mede geleid tot onnodige en ineffectieve interventies en regelgeving door het Ministerie en parlement?
- in welke mate zijn de politieke kleur of persoonlijke ambitie van de Minister meer bepalend geweest voor sommige interventies dan de feitelijke urgentie?
- moet het Nederlands parlement op deze interventionistische, medebesturende, detaillistische weg doorgaan (denk aan het wettelijk verplichten van bankierseed voor alle werknemers in de banksector)?
Woensdag zullen we zien of de nieuwe Tweede Kamer inderdaad in staat is de grote lijn te pakken. Ik ben benieuwd.....
Labels:
bankenleed,
Beoordeling,
EUPolitiek,
eurocrisis,
normatief,
Opmerkelijk,
TweedeKamer,
voorspelling
zaterdag 2 februari 2013
Niet alleen SNS zet zichzelf te kijk momenteel.... !
Ik verbaas me momenteel wat over de nasleep rond de nationalisatie van SNS. Ik zie allerlei discussies over het speelveld schuiven met een hoog populistisch en makkelijk karakter. Kennelijk is dat het sentiment van deze tijd, maar het baart me zorgen. Er vindt nu onnodige polarisatie plaats en verwijdering tussen banken en maatschappij en dat is onnodig en ongewenst. Hoezeer ook ik van mening ben dat SNS zichzelf enorm te kijk heeft gezet in haar door aandeelhoudersgeld gestimuleerde winkeldrift van 7 jaar geleden.
Graag neem ik twee opmerkelijke borrelpraat-stellingen met u door:
1. De belastingbetaler draait ervoor op.
Als ik de constructie bekijk die nu gekozen is door Financiën en de manier waarop links en rechts miljarden worden gevonden voor de redding, lijkt het me erg onwaarschijnlijk dat op deze nationalisatie geld wordt verloren. De Staat springt nu bij en krijgt later terug. De belastingbetaler draait er dus niet financiëel voor op.
Wél is denkbaar om het te hebben over het al dan niet interveniëren van de Staat. Moest de Staat nu toch weer de kolen uit het vuur halen? Dat lijkt me echter een ander soort discussie, die nog eens bemoeilijkt wordt doordat om onduidelijke redenen allerlei andere oplossingsroute's, zoals het organiseren van een overdracht door DNB, niet zijn gebruikt.
2. De banksector heeft nog niets geleerd en is niet verbeterd of veranderd de afgelopen jaren.
De hele situatie bij SNS is begonnen in 2006. Zeg maar zo'n twee meter voor de afgrond die financiële crisis heet. Dat was in een periode waarin menigeen nog dacht dat de bomen tot in de hemel groeien. De fout die destijds is begaan met de overname van Bouwfonds was letterlijk een kapitale fout. En sindsdien heeft SNS alle zeilen bijgezet om te redden wat er te redden valt. Net zoals Financiën en De Nederlandsche Bank.
De redenering dat deze nationalisatie aantoont dat de banksector niets geleerd heeft lijkt me daarmee aantoonbaar onjuist. Het probleem stamt nog van voor andere saillante momenten als het omvallen van Icesave, DSB en de episode ABN AMRO. Het is echter nu tot uitbarsting gekomen.
Waar tal van medewerkers in de banksector al jarenlang druk doende zijn allemaal lessen te leren, nieuwe regels in te voeren en zich anders te gedragen, is het weinig gepast om het SNS incident te gebruiken om maar weer eens het anti-bank sentiment op te doen laaien.
Vuurtje aanwakkeren of laten doven?
De grote vraag is of we op dit moment met zijn allen het vuur van verontwaardiging gaan aanwakkeren of geneigd zijn om wat meer afstand te houden. Het eerste is namelijk kinderlijk eenvoudig en levert mega-veel retweets, populariteit en instemming op. Veel moeilijker is het om het hoofd koel te houden en het oog op de bal.
Mij lijkt het goed als we even boos en verontwaardigd zijn met zijn allen, maar vooral niet in de fast forward van varianten van politieke wraakneming vallen. Dat is te makkelijk en komt erop neer dat je de hele klas verantwoordelijk houdt voor misdragingen van een klasgenoot die vroeger ooit in dezelfde klas zat.
Graag neem ik twee opmerkelijke borrelpraat-stellingen met u door:
1. De belastingbetaler draait ervoor op.
Als ik de constructie bekijk die nu gekozen is door Financiën en de manier waarop links en rechts miljarden worden gevonden voor de redding, lijkt het me erg onwaarschijnlijk dat op deze nationalisatie geld wordt verloren. De Staat springt nu bij en krijgt later terug. De belastingbetaler draait er dus niet financiëel voor op.
Wél is denkbaar om het te hebben over het al dan niet interveniëren van de Staat. Moest de Staat nu toch weer de kolen uit het vuur halen? Dat lijkt me echter een ander soort discussie, die nog eens bemoeilijkt wordt doordat om onduidelijke redenen allerlei andere oplossingsroute's, zoals het organiseren van een overdracht door DNB, niet zijn gebruikt.
2. De banksector heeft nog niets geleerd en is niet verbeterd of veranderd de afgelopen jaren.
De hele situatie bij SNS is begonnen in 2006. Zeg maar zo'n twee meter voor de afgrond die financiële crisis heet. Dat was in een periode waarin menigeen nog dacht dat de bomen tot in de hemel groeien. De fout die destijds is begaan met de overname van Bouwfonds was letterlijk een kapitale fout. En sindsdien heeft SNS alle zeilen bijgezet om te redden wat er te redden valt. Net zoals Financiën en De Nederlandsche Bank.
De redenering dat deze nationalisatie aantoont dat de banksector niets geleerd heeft lijkt me daarmee aantoonbaar onjuist. Het probleem stamt nog van voor andere saillante momenten als het omvallen van Icesave, DSB en de episode ABN AMRO. Het is echter nu tot uitbarsting gekomen.
Waar tal van medewerkers in de banksector al jarenlang druk doende zijn allemaal lessen te leren, nieuwe regels in te voeren en zich anders te gedragen, is het weinig gepast om het SNS incident te gebruiken om maar weer eens het anti-bank sentiment op te doen laaien.
Vuurtje aanwakkeren of laten doven?
De grote vraag is of we op dit moment met zijn allen het vuur van verontwaardiging gaan aanwakkeren of geneigd zijn om wat meer afstand te houden. Het eerste is namelijk kinderlijk eenvoudig en levert mega-veel retweets, populariteit en instemming op. Veel moeilijker is het om het hoofd koel te houden en het oog op de bal.
Mij lijkt het goed als we even boos en verontwaardigd zijn met zijn allen, maar vooral niet in de fast forward van varianten van politieke wraakneming vallen. Dat is te makkelijk en komt erop neer dat je de hele klas verantwoordelijk houdt voor misdragingen van een klasgenoot die vroeger ooit in dezelfde klas zat.
Labels:
bankenleed,
normatief,
Opmerkelijk,
Politiek,
SNS
vrijdag 1 februari 2013
SNS genationaliseerd: tegenpartij risico definitief terug van weggeweest
Wie met mij de afgelopen weken naar de voorzichtig stijgende beurzen keek, zal met verbazing gezien hebben dat het enthousiasme weer volop aanwezig lijkt op de aandelenmarkten. Gelijktijdig is er in Europa nog een hele bak onverwerkte verliezen op bankbalansen. Niet voor niets roepen AFM en DNB om het hardst dat de vastgoed waarderingen van banken aanpassing op de realiteit behoeven. Die realiteit deed in Nederland SNS in het stof bijten. De bank had zich vertild aan de vastgoed-euforie.
Er zal veel over gesproken worden, geschreven en... wie weet komt er weer een Commissie de Witt 3 om te onderzoeken hoe ditmaal het reddingsproces liep. Ik zou dat van harte toejuichen, want dat levert een prachtige berg openbare informatie op waarmee nog jarenlang vele wetenschappers mooi onderzoek kunnen doen. Er is genoeg uit te zoeken: waarom is bijvoorbeeld naar de noodoplossing van privatisering gegrepen en niet de tussenoplossing uit de Interventiewet: een door DNB geleide overgang naar private partijen, maar de noodoplossing. Zou ook nu op de achtergrond bij de Minister een electorale drijfveer een rol spelen? Of was het een evidente keuze, gezien het feit dat er al lange tijd weinig vrijwillige transacties hebben plaatsgevonden op de bankenmarkt.
Het uitermate positieve punt van deze nationalisatie vind ik dat bij aandeelhouders en obligatiehouders het tegenpartij risico weer helemaal terug op de agenda is. Het is namelijk vrij vermoeiend om telkens te horen dat het aanpakken van die partijen contraproduktief zou zijn in verband met de consequenties op het algehele fundingplaatje van andere banken. Bottom line zijn zowel het aandeel als de obligatie een instrument waarop je volledig verlies kunt leiden doordat de betreffende instelling omvalt. Maar dat lijken we toch in de monetaire bubbel van de dag telkens weer te vergeten. Dat was vroeger wel anders. Telkens opduikende oorlogen hielpen het risico-besef van de bankier of belegger scherp te houden.
Iets minder positief vind ik dat met deze oplossing de polarisatie weer helemaal terug is in de verhouding tussen samenleving en banken. Onder het motto: never waste a crisis, zagen we de Minister van Financiën op de persconferentie direkt doorpakken naar een aantal thema's die al langer op de agenda staan: toewerken naar een ook door banken te vullen resolutiefonds. Liefst op Europees niveau, maar -zoals te vaak te doen gebruikelijk- Nederland neemt daar dan graag een eigen voorschot op.
Al met al is het een dag met gemengde gevoelens. En vooral een dag waarop duidelijk wordt dat het niet zozeer gaat om het ontwerpen van mooie wetten, crisismaatregelen, reddingsplannen, stress-testen of wat dan ook. Uiteindelijk gaat het om het door de papieren heenkijken naar de realiteit. Dat dient een bank te doen, een toezichthouder, een accountant, een minister van Financiën en misschien ook wel het publiek en de klant.
De meest wezenlijke vraag lijkt me dan ook: hoe komt het dat we dat vermogen, het doorkijken achter het plaatje, naar de realiteit, zo systematisch en massaal verloren zijn?
Er zal veel over gesproken worden, geschreven en... wie weet komt er weer een Commissie de Witt 3 om te onderzoeken hoe ditmaal het reddingsproces liep. Ik zou dat van harte toejuichen, want dat levert een prachtige berg openbare informatie op waarmee nog jarenlang vele wetenschappers mooi onderzoek kunnen doen. Er is genoeg uit te zoeken: waarom is bijvoorbeeld naar de noodoplossing van privatisering gegrepen en niet de tussenoplossing uit de Interventiewet: een door DNB geleide overgang naar private partijen, maar de noodoplossing. Zou ook nu op de achtergrond bij de Minister een electorale drijfveer een rol spelen? Of was het een evidente keuze, gezien het feit dat er al lange tijd weinig vrijwillige transacties hebben plaatsgevonden op de bankenmarkt.
Het uitermate positieve punt van deze nationalisatie vind ik dat bij aandeelhouders en obligatiehouders het tegenpartij risico weer helemaal terug op de agenda is. Het is namelijk vrij vermoeiend om telkens te horen dat het aanpakken van die partijen contraproduktief zou zijn in verband met de consequenties op het algehele fundingplaatje van andere banken. Bottom line zijn zowel het aandeel als de obligatie een instrument waarop je volledig verlies kunt leiden doordat de betreffende instelling omvalt. Maar dat lijken we toch in de monetaire bubbel van de dag telkens weer te vergeten. Dat was vroeger wel anders. Telkens opduikende oorlogen hielpen het risico-besef van de bankier of belegger scherp te houden.
Iets minder positief vind ik dat met deze oplossing de polarisatie weer helemaal terug is in de verhouding tussen samenleving en banken. Onder het motto: never waste a crisis, zagen we de Minister van Financiën op de persconferentie direkt doorpakken naar een aantal thema's die al langer op de agenda staan: toewerken naar een ook door banken te vullen resolutiefonds. Liefst op Europees niveau, maar -zoals te vaak te doen gebruikelijk- Nederland neemt daar dan graag een eigen voorschot op.
Al met al is het een dag met gemengde gevoelens. En vooral een dag waarop duidelijk wordt dat het niet zozeer gaat om het ontwerpen van mooie wetten, crisismaatregelen, reddingsplannen, stress-testen of wat dan ook. Uiteindelijk gaat het om het door de papieren heenkijken naar de realiteit. Dat dient een bank te doen, een toezichthouder, een accountant, een minister van Financiën en misschien ook wel het publiek en de klant.
De meest wezenlijke vraag lijkt me dan ook: hoe komt het dat we dat vermogen, het doorkijken achter het plaatje, naar de realiteit, zo systematisch en massaal verloren zijn?
Labels:
bankenleed,
Beoordeling,
democratie,
EUPolitiek,
monetair beleid,
NLPolitiek,
normatief
maandag 28 januari 2013
Reflectie rond het aftreden van de Koningin...
Straks om zeven uur is er een aankondiging vanuit het Koninklijk Huis. Het lijkt me dat Beatrix haar aftreden gaat aankondigen. Een aftreden dat eigenlijk al in 2009 gepland stond. Op Koninginnedag in dat jaar was er een studio-tje gebouwd in het paleis in Soestdijk. Maar een gevaarlijke gek en zijn aanslag kwam ertussen. En zo werd de studio niet gebruikt voor het aankondigen van het aftreden, maar een boodschap van medeleven door de Koningin.
Tijdens haar ambsttermijn bleef de Koningin rolvast: een standvastig baken temidden van andere politieke instituties zoals Tweede Kamer, Eerste Kamer, Raad van State, Hoge Raad. Met vaste hand geleidde zij Willem-Alexander naar een echtgenote, Maxima, die het op allerlei manieren als Koningin goed zal doen. Ondertussen maakte het land al jarenlang grappen over Prins Bier, want het was duidelijk dat hij niet dezelfde zwaargewicht zou zijn als zijn moeder.
Op dit moment doet zich echter de bijzondere situatie voor dat de omgeving, de 'instituties' van Nederland, het medialandschap en de kwaliteit van het puiblieke debat, zodanig zijn veranderd, dat daarbij niet langer een Beatrix past, maar meer een Willem-Alexander. De politiek heeft daarbij inmiddels in een vlaag van zelfverzonnen volwassenheid besloten voortaan zélf de formatie ter hand te nemen en zo groeien we in Nederland geleidelijk naar een democratie met een ceremonieel koningshuis toe.
Hoewel Beatrix dus al een tijdje eerder had gezien dat ze af kon treden werd haar stap nog enigszins vertraagd door de blonde damschreeuwer. In de formatie van Rutte 1 heeft ze Lubbers daarom met nadruk meegegeven: ik vind alles best, maar die malle eppie komt niet op het bordes. En dat is gelukt, waarbij het ook hielp dat de blonde damschreeuwer zichzelf politiek buiten spel zette en de aftocht blies (en zal blazen). Zo kwamen geleidelijk aan de seinen op groen te staan.
Kleine voorsignalen waren er natuurlijk al te zien. Met name vond ik de laatste twee kersttoespraken van een bijzonder gehalte. Hoofdlijnen zien, boodschap meegeven en niveau bewaren temidden van een politiek landschap dat zich vooral laat leiden door opportunisme en de beste quote van de dag. Saillant was natuurlijk ook dat de RvD meldde dat Beatrix niet bij de trouwerij van Kate en William kon zijn wegens het vieren van Koninginnedag. Dat was logistiek te ingewikkeld. Ondertussen waren Willem-Alexander en Maxima er wél bij.
Met tenslotte een zwaarder wordend persoonlijke situatie kan ikme goed voorstellen dat de Koningin het mooi geweest vind. Tijd voor een nieuwe generatie. Een nieuwe stijl.
En tijd voor welverdiende rust, na een 33tal bewogen jaren.
Tijdens haar ambsttermijn bleef de Koningin rolvast: een standvastig baken temidden van andere politieke instituties zoals Tweede Kamer, Eerste Kamer, Raad van State, Hoge Raad. Met vaste hand geleidde zij Willem-Alexander naar een echtgenote, Maxima, die het op allerlei manieren als Koningin goed zal doen. Ondertussen maakte het land al jarenlang grappen over Prins Bier, want het was duidelijk dat hij niet dezelfde zwaargewicht zou zijn als zijn moeder.
Op dit moment doet zich echter de bijzondere situatie voor dat de omgeving, de 'instituties' van Nederland, het medialandschap en de kwaliteit van het puiblieke debat, zodanig zijn veranderd, dat daarbij niet langer een Beatrix past, maar meer een Willem-Alexander. De politiek heeft daarbij inmiddels in een vlaag van zelfverzonnen volwassenheid besloten voortaan zélf de formatie ter hand te nemen en zo groeien we in Nederland geleidelijk naar een democratie met een ceremonieel koningshuis toe.
Hoewel Beatrix dus al een tijdje eerder had gezien dat ze af kon treden werd haar stap nog enigszins vertraagd door de blonde damschreeuwer. In de formatie van Rutte 1 heeft ze Lubbers daarom met nadruk meegegeven: ik vind alles best, maar die malle eppie komt niet op het bordes. En dat is gelukt, waarbij het ook hielp dat de blonde damschreeuwer zichzelf politiek buiten spel zette en de aftocht blies (en zal blazen). Zo kwamen geleidelijk aan de seinen op groen te staan.
Kleine voorsignalen waren er natuurlijk al te zien. Met name vond ik de laatste twee kersttoespraken van een bijzonder gehalte. Hoofdlijnen zien, boodschap meegeven en niveau bewaren temidden van een politiek landschap dat zich vooral laat leiden door opportunisme en de beste quote van de dag. Saillant was natuurlijk ook dat de RvD meldde dat Beatrix niet bij de trouwerij van Kate en William kon zijn wegens het vieren van Koninginnedag. Dat was logistiek te ingewikkeld. Ondertussen waren Willem-Alexander en Maxima er wél bij.
Met tenslotte een zwaarder wordend persoonlijke situatie kan ikme goed voorstellen dat de Koningin het mooi geweest vind. Tijd voor een nieuwe generatie. Een nieuwe stijl.
En tijd voor welverdiende rust, na een 33tal bewogen jaren.
Labels:
aftreden,
Beoordeling,
Koning WIllem,
Koningin,
Politiek
zaterdag 19 januari 2013
Sociaal leenstelsel: let u wel even op de bruidsschat ??
Gisteren werd bekend dat het kabinet doorgaat met het onzalige plan om het 'sociale' leenstelsel in te voeren. Een plan dat net zo bizar is als een ouder die tegen zijn kind zou zeggen: die babyvoeding krijg je natuurlijk niet voor niets, dat is een lening, die je ons later terug gaat betalen. En dat kan prima, want later ga je geld verdienen. Of een overheid die zegt: iedereen gaat vanaf nu zélf betalen voor de inentingen bij het consultatiebureau. Want dat kind kan dat later best terugbetalen.
Wat mij bij deze discussie in het bijzonder steekt is het volgende. Als wij in Nederland serieus vinden dat een bruidsschat een onzinnige soort verplichting is, die niet past bij het aangaan van een huwelijk tussen twee volwassen mensen in een samenleving die mensen als gelijkwaardig en zelfstandig beschouwt, waarom zouden we dan tolereren dat de Staat zich bij de onderwijsfinanciering zich opeens wél van dit archaïsche instrument mag bedienen?
Ik leg u mijn bezwaar graag hieronder uit, maar moet eerst nog even een aanpalende observatie kwijt.
Observatie: Ezel - steen: effect: ook nu is geldzucht de echte reden voor stelselwijziging
Het is betreurenswaardig dat het Kabinet zich zo weinig gelegen laat liggen uit de lessen die de Eerste Kamer onderzoekers naar privatisering trokken: De overheid privatiseerde destijds, want het leverde geld op en daar ging het om. Er werd voor de vorm nog een redenering bij gezocht, maar het geld was waar het om draaide. Diezelfde dynamiek zien we nu terug. De overheid zoekt geld, doet geen moeite om daarin een grondige analyse te doen maar kiest voor de makkelijke weg. Omdopen van basisbeurs tot lening en dat dan 'sociaal' noemen op de koop toe.
Ik kan me hierbij ongelofelijk ergeren aan de kortzichtigheid waarmee telkens als een mantra wordt geroepen: Nee hoor, geld lenen voor de studie is niet erg, want je verdient zelf later veel meer geld en dan betaal je het daarmee terug. Ik las dat ook op de voorpagina van de Trouw weer vanochtend: Minister Jet Bussemaker zette het heel duidelijk neer. Mij klinkt dat riedeltje enorm bekend in de oren, maar niet in positieve zin. Het is het kortzichtige wensriedeltje dat ook van toepassing was op:
- winstverdriedubbelaars, geld lenen om in aandelen te beleggen (want die blijven toch stijgen),
- aflossingsvrije hypotheken, (want de huizenprijzen blijven toch stijgen).
Het riedeltje is in de kern gebaseerd op de misvatting dat de economie altijd eeuwig blijft groeien. Maar kennelijk is ook de huidige economisch-politiek-monetaire crisis nog onvoldoende doorgedrongen tot ons Kabinet. Dus wat stimuleert het Kabinet in reactie op een unieke zeepbel die veroorzaakt is door te veel en te vaak lenen? Nog meer lenen, want heus, je verdient het allemaal terug. Tuurlijk, en de economie groeit komend jaar zeker ook met 3 %.
Verzwegen: de verborgen bruidschat voor de overheid
Dit alles terzijde overigens, want ik wil u wijzen op een vrij onzichtbaar gegeven dat meehobbelt in deze discussie en te weinig aandacht heeft gekregen in het publieke debat. Dat is de definitieve terugkeer van de bruidschat als door de overheid erkend principe bij onderwijsfinanciering. Want onze Minister Jet Bussemaker krakeelt heel stoer dat na vijftien jaar de schuld niet verder afbetaald hoeft te worden als een ex-student geen inkomen heeft. Maar dat is niet het hele verhaal, en al helemaal niet het eerlijke verhaal.
Het eerlijke verhaal is dat als je voor augustus 2009 begonnen bent, de schuld eeuwigdurend is als je ex-student een partner heeft waarvan je het inkomen niet mee laat tellen bij bepalen van de hoeveelheid/snelheid van terugbetalen van de studieschuld. En mocht je na augustus 2009 begonnen zijn, dan kleeft er voor altijd een samenwoonbelasting of bruidsschat aan de ex-student. Want, bij de berekening van wat er terugbetaald moet worden geldt in die gevallen: Het inkomen van uw partner telt dan altijd mee bij de berekening van het termijnbedrag.
Het is zo'n klein technisch dingetje dat er misschien eerlijk uitzag ten tijde van de systematiek basisbeurs in 2009, maar bij de verhoging en aanpassing van bedragen in het 'sociale leenstelsel' leidt dit tot enorme extra lasten.
Feitelijk voert de overheid hier, zonder enige dwang uit welke religieuze of morele hoek dan ook, het principe van de bruidschat definitief in als basis onder het gezonde financiële kabinetsbeleid. Waar het in het Nederlandse familierecht ongebruikelijk en wellicht zelfs verboden is om aan een huwelijk of samenwonen een bruidsschat te verbinden, hebben we die langs de achterdeur gewoon keurig netjes ingevoerd. Zie de bovengenoemde wetsfictie waarmee de Staat de partner van de ex-student laat meebetalen aan het voorrecht om samen te wonen c.q. getrouwd te zijn met iemand die gestudeerd heeft (een beslissing waarmee die partner doorgaans niets van doen heeft gehad en ook geen enkele invloed op heeft gehad). Dit nu, lijkt me een klassieke bruidsschat, alleen moet die nu betaald worden aan de Staat.
Hoe het wel moet: alleen de ex-student betaalt terug
Áls de Staat dan zo bizar dom wil zijn om de onderwijsfinanciering tot op het bot te vernaggelen, dan lijkt me dat ze wel consequent moet zijn. De redenering hoort te zijn: de ex-student gaat later het geld zelf terugverdienen en daarom is een lening rechtvaardig. De redenering hoort niet te zijn: de ex-student gaat toch ooit samenwonen en trouwen en dan plukken we het geld gewoon terug bij de nietsvermoedende partner.
Wat mij bij deze discussie in het bijzonder steekt is het volgende. Als wij in Nederland serieus vinden dat een bruidsschat een onzinnige soort verplichting is, die niet past bij het aangaan van een huwelijk tussen twee volwassen mensen in een samenleving die mensen als gelijkwaardig en zelfstandig beschouwt, waarom zouden we dan tolereren dat de Staat zich bij de onderwijsfinanciering zich opeens wél van dit archaïsche instrument mag bedienen?
Ik leg u mijn bezwaar graag hieronder uit, maar moet eerst nog even een aanpalende observatie kwijt.
Observatie: Ezel - steen: effect: ook nu is geldzucht de echte reden voor stelselwijziging
Het is betreurenswaardig dat het Kabinet zich zo weinig gelegen laat liggen uit de lessen die de Eerste Kamer onderzoekers naar privatisering trokken: De overheid privatiseerde destijds, want het leverde geld op en daar ging het om. Er werd voor de vorm nog een redenering bij gezocht, maar het geld was waar het om draaide. Diezelfde dynamiek zien we nu terug. De overheid zoekt geld, doet geen moeite om daarin een grondige analyse te doen maar kiest voor de makkelijke weg. Omdopen van basisbeurs tot lening en dat dan 'sociaal' noemen op de koop toe.
Ik kan me hierbij ongelofelijk ergeren aan de kortzichtigheid waarmee telkens als een mantra wordt geroepen: Nee hoor, geld lenen voor de studie is niet erg, want je verdient zelf later veel meer geld en dan betaal je het daarmee terug. Ik las dat ook op de voorpagina van de Trouw weer vanochtend: Minister Jet Bussemaker zette het heel duidelijk neer. Mij klinkt dat riedeltje enorm bekend in de oren, maar niet in positieve zin. Het is het kortzichtige wensriedeltje dat ook van toepassing was op:
- winstverdriedubbelaars, geld lenen om in aandelen te beleggen (want die blijven toch stijgen),
- aflossingsvrije hypotheken, (want de huizenprijzen blijven toch stijgen).
Het riedeltje is in de kern gebaseerd op de misvatting dat de economie altijd eeuwig blijft groeien. Maar kennelijk is ook de huidige economisch-politiek-monetaire crisis nog onvoldoende doorgedrongen tot ons Kabinet. Dus wat stimuleert het Kabinet in reactie op een unieke zeepbel die veroorzaakt is door te veel en te vaak lenen? Nog meer lenen, want heus, je verdient het allemaal terug. Tuurlijk, en de economie groeit komend jaar zeker ook met 3 %.
Verzwegen: de verborgen bruidschat voor de overheid
Dit alles terzijde overigens, want ik wil u wijzen op een vrij onzichtbaar gegeven dat meehobbelt in deze discussie en te weinig aandacht heeft gekregen in het publieke debat. Dat is de definitieve terugkeer van de bruidschat als door de overheid erkend principe bij onderwijsfinanciering. Want onze Minister Jet Bussemaker krakeelt heel stoer dat na vijftien jaar de schuld niet verder afbetaald hoeft te worden als een ex-student geen inkomen heeft. Maar dat is niet het hele verhaal, en al helemaal niet het eerlijke verhaal.
Het eerlijke verhaal is dat als je voor augustus 2009 begonnen bent, de schuld eeuwigdurend is als je ex-student een partner heeft waarvan je het inkomen niet mee laat tellen bij bepalen van de hoeveelheid/snelheid van terugbetalen van de studieschuld. En mocht je na augustus 2009 begonnen zijn, dan kleeft er voor altijd een samenwoonbelasting of bruidsschat aan de ex-student. Want, bij de berekening van wat er terugbetaald moet worden geldt in die gevallen: Het inkomen van uw partner telt dan altijd mee bij de berekening van het termijnbedrag.
Het is zo'n klein technisch dingetje dat er misschien eerlijk uitzag ten tijde van de systematiek basisbeurs in 2009, maar bij de verhoging en aanpassing van bedragen in het 'sociale leenstelsel' leidt dit tot enorme extra lasten.
Feitelijk voert de overheid hier, zonder enige dwang uit welke religieuze of morele hoek dan ook, het principe van de bruidschat definitief in als basis onder het gezonde financiële kabinetsbeleid. Waar het in het Nederlandse familierecht ongebruikelijk en wellicht zelfs verboden is om aan een huwelijk of samenwonen een bruidsschat te verbinden, hebben we die langs de achterdeur gewoon keurig netjes ingevoerd. Zie de bovengenoemde wetsfictie waarmee de Staat de partner van de ex-student laat meebetalen aan het voorrecht om samen te wonen c.q. getrouwd te zijn met iemand die gestudeerd heeft (een beslissing waarmee die partner doorgaans niets van doen heeft gehad en ook geen enkele invloed op heeft gehad). Dit nu, lijkt me een klassieke bruidsschat, alleen moet die nu betaald worden aan de Staat.
Hoe het wel moet: alleen de ex-student betaalt terug
Áls de Staat dan zo bizar dom wil zijn om de onderwijsfinanciering tot op het bot te vernaggelen, dan lijkt me dat ze wel consequent moet zijn. De redenering hoort te zijn: de ex-student gaat later het geld zelf terugverdienen en daarom is een lening rechtvaardig. De redenering hoort niet te zijn: de ex-student gaat toch ooit samenwonen en trouwen en dan plukken we het geld gewoon terug bij de nietsvermoedende partner.
Labels:
Beoordeling,
onderwijs,
rechtsstaat,
Review,
TweedeKamer
maandag 31 december 2012
Kersttoespraak 2012 van Beatrix: wederom allure
Nee, het moet niet gekker worden. Een de Witt hoort niet lovend te spreken over het Oranjehuis. Dat werd mij vorig jaar ook al duidelijk gemaakt toen ik zo lovend was over de kersttoespraak van de Koningin. En toch ben ik het ook dit jaar weer. Het was een speech met de allure en het niveau dat je zo graag in de politiek zou zien, maar dat we daar helaas alweer jaren kwijt zijn.
Gaat u er gerust even voor zitten...
Wat mij opviel is de handige manier waarop de Koningin in de kersttoespraak zowel aan persoonlijke als maatschappelijke thema's refereert. Met wat mij betreft, maar dat kan projectie zijn, een aantal duidelijke boodschappen:
- vrijheid is leuk, maar we hebben saamhorigheid nodig om vertrouwen tussen elkaar te bouwen,
- in de rechtsstaat ligt de basis van onze samenleving, en dat gaat verder dan regels en besturen; juist openheid en tolerantie zijn relevant en, niet te vergeten: verdraagzaamheid en tolerantie,
- Europa moet, zijn we zelf en de vrede die we hier hebben is een kostbaar goed dat we op waarde moeten weten te schatten (een stellingname die politici helaas vaak vergeten te verdedigen).
Hieronder lag wat mij betreft een stil verwijt aan politici die te onzorgvuldig met de burger omgaan en het vertrouwen doen verminderen door hun manier van politiek bedrijven, door hun keuze om Nederland als een eiland af te schermen voor buitenlanders en door te weinig het belang van Europa te benadrukken en verkopen.
En ook nu vraag ik me af: zou het dan nu de laatste speech zijn geweest?
Gaat u er gerust even voor zitten...
Wat mij opviel is de handige manier waarop de Koningin in de kersttoespraak zowel aan persoonlijke als maatschappelijke thema's refereert. Met wat mij betreft, maar dat kan projectie zijn, een aantal duidelijke boodschappen:
- vrijheid is leuk, maar we hebben saamhorigheid nodig om vertrouwen tussen elkaar te bouwen,
- in de rechtsstaat ligt de basis van onze samenleving, en dat gaat verder dan regels en besturen; juist openheid en tolerantie zijn relevant en, niet te vergeten: verdraagzaamheid en tolerantie,
- Europa moet, zijn we zelf en de vrede die we hier hebben is een kostbaar goed dat we op waarde moeten weten te schatten (een stellingname die politici helaas vaak vergeten te verdedigen).
Hieronder lag wat mij betreft een stil verwijt aan politici die te onzorgvuldig met de burger omgaan en het vertrouwen doen verminderen door hun manier van politiek bedrijven, door hun keuze om Nederland als een eiland af te schermen voor buitenlanders en door te weinig het belang van Europa te benadrukken en verkopen.
En ook nu vraag ik me af: zou het dan nu de laatste speech zijn geweest?
Labels:
Beoordeling,
koninklijkuis,
media,
Nederlandse lente,
rechtsstaat,
TweedeKamer
maandag 3 december 2012
IMF staat kapitaalgrenzen toe: tijdperk van grenzeloos flitskapitaal voorbij
Het heeft even geduurd. Maar eindelijk keert de wal het schip. Financial Times rapporteert dat het IMF zijn principiële bezwaar tegen kapitaal-barrières en - controle heeft laten varen. En daarmee sluit de cirkel van deze wereldwijde crisis zich keurig netjes. We gaan weer even terug naar op nationale grenzen gebaseerde economie. En zou dat dan ook het eind van de euro betekenen?
Jaarverslagen Nederlandsche Bank 1814-2012
Wat ik werkelijk iedereen kan aanraden is om, omwille van het historisch-economisch continuïteitsbesef, eens de jaarverslagen van de Nederlandsche Bank vanaf het begin van hun bestaan door te lezen. Het is fascinerend om te zien hoe de vorm in hoofdlijn gelijk blijft en de hoofdstukken zich telkens aanpassen aan de loop der gebeurtenissen in de geschiedenis.
Wat ook uitermate boeiend is om te lezen is dat er eigenlijk altijd al een sterk internationaal karakter van de economie is. Het enige dat in de loop der tijd verschilt is de mate van controle en restricties op bepaalde soorten handel, geld-uitvoer. Of het al dan niet vasthouden aan een zilveren of gouden standaard.
De rode draad hierbij is simpel. Elke stevige financiële crisis leidt tot een contractie, terug naar landsgrenzen en naties. Er is teveel risico gelopen door investeerders met wereldwijde belangen, die het vervolgens gewoon weer even dicht bij huis zoeken. En in een poging om de economie naar de hand te zetten gebruiken landen nationale regelingen rond (on-)toelaatbaarheid van kapitaalsstromen om te voorkomen dat de valuta onder druk komt te staan.
Vrije markten vanaf 1970: tobin's tax
Met de overgang naar een wereldwijd flucturend stelstel van valuta was een beweging te zien naar meer open en liberale kapitaalmarkten. Omwille van maximale wereldwijde efficiency moest kapitaal vrij kunnen vloeien. En dat adagium is in de jaren tachtig en negentig nog eens stevig onderstreept door liberalisering van allerlei regels.
De consequentie van dit vrije kapitaalsverkeer werd al vroeg door Tobin gezien. Op een gegeven moment kan er zoveel kapitaal naar een land stromen, dat de markten in dat land destabiliseren. En daar kwam dus zijn tobin-tax vandaan. Een belasting op elke valutatransactie die zou moeten vloeien naar een stabiliteitsfonds dat het land kon gaan inzetten in tijden dat kapitaalsbewegingen de prijs van de valuta in het land onder druk zou zetten.
Van die Tobintax is een tijd niets vernomen. Maar wel nam het IMF als onderdeel van het recept voor herstructurering van landen altijd de liberalisering van kapitaalmarkten mee. Al dan niet voorzien van allerlei voorwaarden en restricties, was de richting duidelijk. Hoe vrijer, hoe beter. Maar daar is dus nu een kanteling in gekomen:
"Liberalisation
needs to be well planned, timed, and sequenced in order to ensure that
its benefits outweigh the costs,” the study said. “There is . . . no
presumption that full liberalisation is an appropriate goal for all
countries at all times.”
Wat betekent dit voor ons in Europa?
Met het aangepaste standpunt van het IMF zien we de golfbeweging terug die ook in de jaarverslagen van DNB door de eeuwen te zien zijn. Meer regionale en nationale oriëntatie in reactie op de crisis. In Europe bewegen we politiek gezien echter nog steeds door op het pad van verdere internationale integratie richting een één valutagebied. Terwijl tegelijk de emotionele nationale trends en gevoelens schreeuwen om nationale oplossingen en aansturing/oplossingen van de economie.
In Europa proberen we dus nu, tegen de huidige macro-economische wind in, een panEuropees beleid te voeren in de hoop dat we er beter uit komen. Die hoop is sterk en maakt dat we een heel pakket (virtuele) maatregelen voor ontlasting van Griekenland nemen, terwijl een stevige herstructurering misschien meer op zijn plaats zou zijn. En zo zit Europa ernstig gevangen tussen de onderliggende beweging terug naar lidstaten en de zelf gekozen eenrichtingsweg naar meer Europa.
Hoe het hier in Europa afloopt blijft moeilijk te zeggen. De vele jaargangen DNB-jaarverslagen wijzen erop dat na een crisis het een flink aantal jaren wat slechter kan gaan. Maar uiteindelijk treedt er toch een vorm van herstel op. Voor Europa is echter vooral de vraag of het Europroject wel solide genoeg is om deze klassieke post-crisis tegenwind op te vangen.
Je mag hopen van wel, maar ik vrees dat ons nog een aardig koude kermis te wachten staat, waarbij met een beetje pech ook de Euro ons door de vingers gaat glippen.
Jaarverslagen Nederlandsche Bank 1814-2012
Wat ik werkelijk iedereen kan aanraden is om, omwille van het historisch-economisch continuïteitsbesef, eens de jaarverslagen van de Nederlandsche Bank vanaf het begin van hun bestaan door te lezen. Het is fascinerend om te zien hoe de vorm in hoofdlijn gelijk blijft en de hoofdstukken zich telkens aanpassen aan de loop der gebeurtenissen in de geschiedenis.
Wat ook uitermate boeiend is om te lezen is dat er eigenlijk altijd al een sterk internationaal karakter van de economie is. Het enige dat in de loop der tijd verschilt is de mate van controle en restricties op bepaalde soorten handel, geld-uitvoer. Of het al dan niet vasthouden aan een zilveren of gouden standaard.
De rode draad hierbij is simpel. Elke stevige financiële crisis leidt tot een contractie, terug naar landsgrenzen en naties. Er is teveel risico gelopen door investeerders met wereldwijde belangen, die het vervolgens gewoon weer even dicht bij huis zoeken. En in een poging om de economie naar de hand te zetten gebruiken landen nationale regelingen rond (on-)toelaatbaarheid van kapitaalsstromen om te voorkomen dat de valuta onder druk komt te staan.
Vrije markten vanaf 1970: tobin's tax
Met de overgang naar een wereldwijd flucturend stelstel van valuta was een beweging te zien naar meer open en liberale kapitaalmarkten. Omwille van maximale wereldwijde efficiency moest kapitaal vrij kunnen vloeien. En dat adagium is in de jaren tachtig en negentig nog eens stevig onderstreept door liberalisering van allerlei regels.
De consequentie van dit vrije kapitaalsverkeer werd al vroeg door Tobin gezien. Op een gegeven moment kan er zoveel kapitaal naar een land stromen, dat de markten in dat land destabiliseren. En daar kwam dus zijn tobin-tax vandaan. Een belasting op elke valutatransactie die zou moeten vloeien naar een stabiliteitsfonds dat het land kon gaan inzetten in tijden dat kapitaalsbewegingen de prijs van de valuta in het land onder druk zou zetten.
Van die Tobintax is een tijd niets vernomen. Maar wel nam het IMF als onderdeel van het recept voor herstructurering van landen altijd de liberalisering van kapitaalmarkten mee. Al dan niet voorzien van allerlei voorwaarden en restricties, was de richting duidelijk. Hoe vrijer, hoe beter. Maar daar is dus nu een kanteling in gekomen:
Wat betekent dit voor ons in Europa?
Met het aangepaste standpunt van het IMF zien we de golfbeweging terug die ook in de jaarverslagen van DNB door de eeuwen te zien zijn. Meer regionale en nationale oriëntatie in reactie op de crisis. In Europe bewegen we politiek gezien echter nog steeds door op het pad van verdere internationale integratie richting een één valutagebied. Terwijl tegelijk de emotionele nationale trends en gevoelens schreeuwen om nationale oplossingen en aansturing/oplossingen van de economie.
In Europa proberen we dus nu, tegen de huidige macro-economische wind in, een panEuropees beleid te voeren in de hoop dat we er beter uit komen. Die hoop is sterk en maakt dat we een heel pakket (virtuele) maatregelen voor ontlasting van Griekenland nemen, terwijl een stevige herstructurering misschien meer op zijn plaats zou zijn. En zo zit Europa ernstig gevangen tussen de onderliggende beweging terug naar lidstaten en de zelf gekozen eenrichtingsweg naar meer Europa.
Hoe het hier in Europa afloopt blijft moeilijk te zeggen. De vele jaargangen DNB-jaarverslagen wijzen erop dat na een crisis het een flink aantal jaren wat slechter kan gaan. Maar uiteindelijk treedt er toch een vorm van herstel op. Voor Europa is echter vooral de vraag of het Europroject wel solide genoeg is om deze klassieke post-crisis tegenwind op te vangen.
Je mag hopen van wel, maar ik vrees dat ons nog een aardig koude kermis te wachten staat, waarbij met een beetje pech ook de Euro ons door de vingers gaat glippen.
Labels:
Economics,
Economie,
EUPolitics,
EUPolitiek,
Opmerkelijk,
voorspelling
zaterdag 1 december 2012
Verbazing over de denkfouten van de modelmatige politici (rond arbeidsmarkt bijvoorbeeld)
Ik blijf me verbazen. En nu maar weer eens over politici die probleemloos als een haantje de voorste klaar staan om bankiers te kritiseren over het gebruik van interne rekenmodellen om risico's te beoordelen. Want dat is als een slager die zijn eigen vlees keurt en in orde bevindt. Ondertussen maken de politici zich zelf schuldig aan hetzelfde gedrag. En dat doen ze door zich in hun beleid te baseren op modelmatige benaderingen en aanname's van een schimmig wetenschappelijk en inhoudelijk niveau.
We kunnen dat goed zien bij de discussie over ontslagrecht. De hele discussie over het kabinetsbeleid, zoals die -as we speak- ook nu weer bij Tros Kamerbreed plaatsvindt, is gebaseerd op een modelmatige aanname dat het zinvol is om de in- en uitgang voor werknemers soepel te laten verlopen. Makkelijker te ontslaan en ook makkelijker aan te nemen, dat creëert optimale marktwerking. Een pracht van een theoretische redenering.
Zoals gezegd, het is een redenering die nogal lijkt op die van bankiers die in 2004 besluiten om de risico-profielen van het verleden als uitgangspunt te kiezen voor de interne risicomodellen van de toekomst. In een stationaire economische omgeving zou dat misschien werken, maar die aanname is voltrekt onjuist in een omgeving die schokken en crisismomenten vertoont. En op diezelfde manier zijn de ontslagplannen van het kabinet volstrekt onzinnig.
Het is immers evident dat de economie zich in een neerwaartse schokfase bevindt en dat de economische theorie over flexibile arbeidsmarkt slechts theorie is. De werkgevers zoeken momenteel volstrekt niet naar nieuwe medewerknemers om voor lange termijn aan te nemen en kijken vooral met een schuin oog naar de versoepeling van de afvloeiingsregelingen. Waarom zou je nu je medewerkers met een regeling van aanzienlijk meer dan 75.000 euro op pad te sturen als er straks een maximum wordt bepaald door de wet?
Ik heb de rekensom niet gemaakt, maar het komt mij voor dat het kabinet, met de nieuwe ontslagregeling, gaat zorgen voor een enorme instroom van oudere werknemers richting UWV. Daar is immers voor werkgevers de grootste besparing te vinden; het zou me niet verbazen als dat in de miljoenen euro's gaat lopen. En die medewerkers mogen dan direkt massaal instromen in de acties en regelingen die beogen die werknemers snel aan een baan te helpen. Dat is een beetje dweilen met de kraan open.
Ik vind dat het hoog tijd wordt dat we niet slechts in de wetenschap kritisch kijken naar onderzoeken en wat de basis ervoor is, maar dat ook beleidsmakers elkaar eens wat kritischer de maat nemen. Het huidige arbeidsmarkt'beleid' van dit kabinet is gestoeld op modelmatig wensdenken waarvan de onvermijdelijke consequentie is dat, na de invoering van de maatregelen, plotseling een onverwacht uitvoerings-deksel op de neus valt bij regering en samenleving.
En dat deksel heeft de vorm van een grote door werkgevers gedirigeerde uittocht van 55plussers tegen een bodemtarief
We kunnen dat goed zien bij de discussie over ontslagrecht. De hele discussie over het kabinetsbeleid, zoals die -as we speak- ook nu weer bij Tros Kamerbreed plaatsvindt, is gebaseerd op een modelmatige aanname dat het zinvol is om de in- en uitgang voor werknemers soepel te laten verlopen. Makkelijker te ontslaan en ook makkelijker aan te nemen, dat creëert optimale marktwerking. Een pracht van een theoretische redenering.
Zoals gezegd, het is een redenering die nogal lijkt op die van bankiers die in 2004 besluiten om de risico-profielen van het verleden als uitgangspunt te kiezen voor de interne risicomodellen van de toekomst. In een stationaire economische omgeving zou dat misschien werken, maar die aanname is voltrekt onjuist in een omgeving die schokken en crisismomenten vertoont. En op diezelfde manier zijn de ontslagplannen van het kabinet volstrekt onzinnig.
Het is immers evident dat de economie zich in een neerwaartse schokfase bevindt en dat de economische theorie over flexibile arbeidsmarkt slechts theorie is. De werkgevers zoeken momenteel volstrekt niet naar nieuwe medewerknemers om voor lange termijn aan te nemen en kijken vooral met een schuin oog naar de versoepeling van de afvloeiingsregelingen. Waarom zou je nu je medewerkers met een regeling van aanzienlijk meer dan 75.000 euro op pad te sturen als er straks een maximum wordt bepaald door de wet?
Ik heb de rekensom niet gemaakt, maar het komt mij voor dat het kabinet, met de nieuwe ontslagregeling, gaat zorgen voor een enorme instroom van oudere werknemers richting UWV. Daar is immers voor werkgevers de grootste besparing te vinden; het zou me niet verbazen als dat in de miljoenen euro's gaat lopen. En die medewerkers mogen dan direkt massaal instromen in de acties en regelingen die beogen die werknemers snel aan een baan te helpen. Dat is een beetje dweilen met de kraan open.
Ik vind dat het hoog tijd wordt dat we niet slechts in de wetenschap kritisch kijken naar onderzoeken en wat de basis ervoor is, maar dat ook beleidsmakers elkaar eens wat kritischer de maat nemen. Het huidige arbeidsmarkt'beleid' van dit kabinet is gestoeld op modelmatig wensdenken waarvan de onvermijdelijke consequentie is dat, na de invoering van de maatregelen, plotseling een onverwacht uitvoerings-deksel op de neus valt bij regering en samenleving.
En dat deksel heeft de vorm van een grote door werkgevers gedirigeerde uittocht van 55plussers tegen een bodemtarief
Labels:
arbeidsmarkt,
Beoordeling,
democratie,
Opmerkelijk,
rechtsstaat
dinsdag 27 november 2012
Waarom een aparte hypotheekbank een moeilijk idee is
Er zijn de nodige discussies gaande over de beste manier om onze hypotheekschuldenberg wat kleiner te maken. Eén van de vragen is of we daarvoor niet de pensioengelden kunnen gebruiken. En zo vliegen er allerlei voorstellen over tafel, temidden van ultrageheime besprekingen tussen marktpartijen.
Eén van die ideeën, dit weekend gelanceerd, is om hypotheken van de bankbalans te halen en naar een aparte bank te brengen. En niet zomaar hypotheken, maar juist die door de staat gegarandeerde hypotheken die onder de Nationale Hypotheek Garantie vallen. Pensioenfondsen APG en PGGM zouden dus, onder die voorwaarde, wel bereid zijn in te willen stappen en een nieuwe Hypotheekbank tot leven te willen wekken.
Het klinkt heel nobel van de pensioenfondsen en we zagen al snel de Nederlandse Vereniging van Banken wat afstandelijk reageren. De reden daarvoor is simpel. De NHG-hypotheken zijn een prachtig soort tafelzilver voor banken. Het zijn goede leningen, met een garantie erachter die zorgt dat allerlei kapitaalsratio's minder van toepassing zijn. En daarom ook kunnen de banken die leningen goedkoper aanbieden aan de klanten. Ook voor investeerders is het verder prettig dat er dat soort leningen in de balansen van banken zitten. Dat geeft weer wat extra zekerheid.
Zou je nu die leningen eruit halen, dan haal je in feite het tafelzilver bij de banken weg. Er resteert een bankbalans met weinig staatsgaranties aan de actief-zijde en een volledige doorwerking van alle kapitaalseisen van Basel. De zekerheid rond de gecontinueerde risico-rendement verhouding van de inkomsten voor de banken wordt daarmee voor aandeelhouders en beleggers een stuk minder en je kunt in het verlengde daarvan mogelijk zelfs downgrade's verwachten. Dat wil je dus niet als bank en dat zou je waarschijnlijk ook als toezichthouder niet moeten willen.
Ik ben dan ook reuze benieuwd hoe de discussies hierover tussen partijen gaan aflopen.
Eén van die ideeën, dit weekend gelanceerd, is om hypotheken van de bankbalans te halen en naar een aparte bank te brengen. En niet zomaar hypotheken, maar juist die door de staat gegarandeerde hypotheken die onder de Nationale Hypotheek Garantie vallen. Pensioenfondsen APG en PGGM zouden dus, onder die voorwaarde, wel bereid zijn in te willen stappen en een nieuwe Hypotheekbank tot leven te willen wekken.
Het klinkt heel nobel van de pensioenfondsen en we zagen al snel de Nederlandse Vereniging van Banken wat afstandelijk reageren. De reden daarvoor is simpel. De NHG-hypotheken zijn een prachtig soort tafelzilver voor banken. Het zijn goede leningen, met een garantie erachter die zorgt dat allerlei kapitaalsratio's minder van toepassing zijn. En daarom ook kunnen de banken die leningen goedkoper aanbieden aan de klanten. Ook voor investeerders is het verder prettig dat er dat soort leningen in de balansen van banken zitten. Dat geeft weer wat extra zekerheid.
Zou je nu die leningen eruit halen, dan haal je in feite het tafelzilver bij de banken weg. Er resteert een bankbalans met weinig staatsgaranties aan de actief-zijde en een volledige doorwerking van alle kapitaalseisen van Basel. De zekerheid rond de gecontinueerde risico-rendement verhouding van de inkomsten voor de banken wordt daarmee voor aandeelhouders en beleggers een stuk minder en je kunt in het verlengde daarvan mogelijk zelfs downgrade's verwachten. Dat wil je dus niet als bank en dat zou je waarschijnlijk ook als toezichthouder niet moeten willen.
Ik ben dan ook reuze benieuwd hoe de discussies hierover tussen partijen gaan aflopen.
Labels:
Beoordeling,
Economie,
ethiek,
NLPolitiek,
Opmerkelijk
dinsdag 13 november 2012
Regeringsverklaring:einde oefening voor de welvaartstaat in Nederland
Ik denk dat dit debat over de regeringsverklaring louterend gaat werken. Dat hadden de PvdA en VVD ook al gehoopt bij hun allereerste aankondiging van het regeerakkoord. Ze trokken serieuze gezichten want: 'iedereen gaat het merken'. En het lachebekje Rutte had ergens onderweg toch geleerd dat je niet alles kunt weglachten of weg-excuseren.
Nu raakte het land korte tijd van de kook door het gedoe rond de inkomensafhankelijke zorgpremie, maar wie de verschillende partijen heeft horen spreken en heeft horen toelichten welke minder gelukkige keuze's dit kabinet maakt, kan maar één ding concluderen. We stevenen heel snel af op het einde van de luxe verzorgingsstaat en laten de rechtsstaat in zijn fundamenten verkruimelen.
Daarmee komt, ruim 400 jaar na dato een eind aan de ongebruikelijke positie die Nederland lange tijd wist in te nemen. In de luwte van intern gerommel van Europa werden we in de 17e eeuw rijk, hielden we het ook na de 18e eeuw zo goed en zo kwaad vol, vooral ook dankzij buitengewest Indonesië. Toen we dat kwijtraakten aan het eind van de 2e wereldoorlog vonden we opeens een gasbel. Dat was mooi boffen, want we konden doorgaan met potverteren en richtten een mooie verzorgingsstaat in.
Met deze regeringsverklaring is duidelijk een nieuwe episode aangebroken. Voor wie het nog niet wist is nu echt de klok gaan luiden. De verzorgingsstaat houdt op te bestaan. Pensioen wordt bijzaak in plaats van hoofdzaak. Doorwerken wordt een must. Want wie in Nederland jong opgroeit wordt geleerd om al in de studie schulden aan te gaan en moet hopen in zijn leven genoeg te verdienen om die af te betalen, een hypotheek af te lossen en dan direkt aan de slag om voor je pensioen te gaan sparen.
We gaan dus toegroeien naar het Aziatisch model. Doorwerken, dubbele banen, weinig staatsvoorzieningen enzovoorts. En dat zal wel even wennen worden. Daarbij komt dan dat een steeds kleiner wordende elite vanuit Den Haag de lakens blijft uitdelen, op basis van een verouderd beeld over wat er leeft en speelt in de samenleving.
En zo groeien we stukje bij beetje toe naar de wereld die China heet.
Nu raakte het land korte tijd van de kook door het gedoe rond de inkomensafhankelijke zorgpremie, maar wie de verschillende partijen heeft horen spreken en heeft horen toelichten welke minder gelukkige keuze's dit kabinet maakt, kan maar één ding concluderen. We stevenen heel snel af op het einde van de luxe verzorgingsstaat en laten de rechtsstaat in zijn fundamenten verkruimelen.
Daarmee komt, ruim 400 jaar na dato een eind aan de ongebruikelijke positie die Nederland lange tijd wist in te nemen. In de luwte van intern gerommel van Europa werden we in de 17e eeuw rijk, hielden we het ook na de 18e eeuw zo goed en zo kwaad vol, vooral ook dankzij buitengewest Indonesië. Toen we dat kwijtraakten aan het eind van de 2e wereldoorlog vonden we opeens een gasbel. Dat was mooi boffen, want we konden doorgaan met potverteren en richtten een mooie verzorgingsstaat in.
Met deze regeringsverklaring is duidelijk een nieuwe episode aangebroken. Voor wie het nog niet wist is nu echt de klok gaan luiden. De verzorgingsstaat houdt op te bestaan. Pensioen wordt bijzaak in plaats van hoofdzaak. Doorwerken wordt een must. Want wie in Nederland jong opgroeit wordt geleerd om al in de studie schulden aan te gaan en moet hopen in zijn leven genoeg te verdienen om die af te betalen, een hypotheek af te lossen en dan direkt aan de slag om voor je pensioen te gaan sparen.
We gaan dus toegroeien naar het Aziatisch model. Doorwerken, dubbele banen, weinig staatsvoorzieningen enzovoorts. En dat zal wel even wennen worden. Daarbij komt dan dat een steeds kleiner wordende elite vanuit Den Haag de lakens blijft uitdelen, op basis van een verouderd beeld over wat er leeft en speelt in de samenleving.
En zo groeien we stukje bij beetje toe naar de wereld die China heet.
Labels:
Beoordeling,
democratie,
Economie,
rechtspraak,
Review,
Rutte,
TweedeKamer,
verkiezingen,
voorspelling
zaterdag 10 november 2012
Gewijzigde zorgpremie-koers verhult niet dat kabinet zal blijven stuntelen
In een eerdere blog, op het moment van het regeerakkoord wees ik erop dat het té snel gemaakt was, met onvoldoende zicht op het effect in de praktijk. Ik doopte de werkwijze: illusiepolitiek. Het leek me namelijk evident dat het akkoord op tal van punten - niet slechts de zorgpremie - onvoldoende doordacht en uitgewerkt is. En hoe zeer nu ook de koers op het punt van de zorgpremie gewijzigd wordt, dit kabinet zal tot de eindstreep blijven stuntelen.
Geen samenwerken maar gedogen
De eerste reden waarom het stuntelen zal blijven is dat er in de kern van de zaak, qua verkiezingsuitslag, en qua samenwerking tussen partijen, geen gemeenschappelijk draagvlak is. De impliciete polarisatie en verdeelheid toonde zich bijvoorbeeld al in het gebruik van de metafoor: Bruggen slaan.
Ook de gedragingen nadien tussen de samenwerkende partijen en kabinetsleden was vooral te zien als 'back to the future'. Onder de metafoor: 'elkaar iets gunnen' ging in essentie een gedoogconstructie schuil en een angstaanjagende adhocratie. Het deed me allemaal wat veel aan de periode van het gedoogwrak denken. En zo ging ook dit kabinet welgemoed aan de slag, kantoortje spelen onder het motto: we willen samen sterker uit de crisis komen. Tot de weerstand rond de zorgpremie zo groot was dat erop terug gekomen moest worden.
Een herhaling van de euro-invoering: ontwerpfouten negeren
De tweede reden waarom dit kabinet zal blijven stuntelen is door de ontwerpfouten en inconsistenties in het regeerakkoord. Er is aangenomen dat de kosten van systeemwijzigingen zoals bijvoorbeeld bij de herbelegging van taken bij gemeentes nihil zou zijn. Verondersteld werd dat het mogelijk is tegelijk het ambtenarenapparaat te verkleinen en tal van andere systeemaanpassingen te doen. Wie die sinterklaaslijst in het regeerakoord doordenkt in zijn consequenties moet concluderen dat hierin veel mini-euro-tjes verborgen zijn.
Ik bedoel daarmee dat er sprake is van een nationale variant van de euro-invoering: vanuit een onvoldoende breed gedragen politieke wensdroom worden nu willens en wetens door de politiek de constructiefouten genegeerd die in later jaren alsnog tot instabiliteit en hoge kosten gaan leiden. En de regeringspartijen verliezen daarbij het contact met de achterban en vergeten de democratische legitimiteit.
Waar we in Nederland de afgelopen week vrij snel die ontwerpfouten bij het verzinsel inkomensafhankelijke zorgpremie hebben kunnen ontdekken, gaan we de overige punten pas geleidelijk herkennen. Te denken is aan de onevenwichtige aanpassing van rollen en verplichtingen voor zzp-ers, werknemers en ambtenaren. Aan de salami-tactiek in de hypotheekaftrek en opeens nieuwverzonnen huurregels voor corporaties op de woningmarkt.Het blijft dus stuntelen en ik denk dat ook Samsom zich dit terdege realiseert. Hij zal mogelijk op een later moment de VVD nog wel hard nodig kunnen hebben.
Nationale vertrouwensschok door ondoordacht doorpakken
Wat mij opvalt is dat de huidige generatie politici (en de media) sterk in inhoud zijn, maar zwak op proces. In de hele verkiezingscampagne werd er over inhoudelijke thema's gesproken en nauwelijks over de manier waarop toekomstige regeringspartijen met de samenleving zouden omgaan (zie deze blog). Simpel geformuleerd kun je kiezen voor twee modellen.
1- op detailniveau het politiek draagvlak gebruiken om snel door te pakken;
Dat is het nu gehanteerde model waarin de bestuurlijke elite van het land een coup pleegt in de door hen gewenste richting. Dit is een model dat, te zien aan de zorgpremie, leidt tot schokeffecten en algehele onduidelijkheid over de toekomst. Waar het juist de uitdaging is om de nationale consumptie op peil te houden wordt er een ondoordacht schot hagel aangekondigd dat ertoe leidt dat alle Nederlanders de hand op de knip te houden.
De zorgvuldig glijdende schaal rond hypotheekrente-aftrek is in dit model volstrekt irrelevant geworden omdat de algehele onzekerheid de boventoon voert. Eerst veroorzaakte Lehman een schok, toen de eurocrisis en nu dit nationaal 'regeerakkoord'. De consequentie van deze werkwijze is naast een derde economische schok ook een gebrekkig draagvlak. Zoals we bij de euro zagen is dat een kostbare en gevaarlijke keuze.
2- op algemeen niveau proces afspraken en richting kiezen in samenwerking met middenveld
In het tweede model zou een regering zich kunnen realiseren dat er een nieuw elan nodig is in moeilijke tijden. De aandacht zou dan niet alleen uitgaan naar de gewenste richting, bezuinigingen en hervormingen, maar vooral ook naar de vraag op welke manier er zoveel mogelijk cohesie in de samenleving kan blijven bestaan. Dat betekent dat zo'n proces ingewikkelder wordt, moeilijker te managen, maar ook dat er meer draagvlak is, meer invloed ervaren wordt door het middenveld en de burger en er een groter rechtvaardigheidsgevoel ontstaat.
Het staat buiten twijfel dat dit laatste model enorm pittig en moeilijk is, zeker in deze tijd waarin media en belangengroepen elk detail opblazen tot een feit van levensbelang. Desalniettemin blijft een dergelijke route te prefereren boven de 'snelle halen - snel thuis' benadering die we nu hebben gezien van Rutte en Samson.
Met de raggende ruiter Rutte blijft het stuntelen tot de eindstreep
Ruim een jaar geleden vielen mij rond Rutte de schellen van de ogen. Tot dan dacht ik dat hij van een nieuwe frisse en moderne generatie politici was. De mate waarin hij echter goede raad om hem heen niet wist te benutten (zelfs niet opzocht) deed me inzien dat hij zo verblind is door de eigen persoonlijke ambities om premier te zijn/blijven, dat daarvoor zelfs de sociale samenhang en cohesie moet wijken. Voor mij is hij dan ook niet deze week van zijn voetstuk gevallen, maar al veel eerder. Ik gaf hem de bijnaam: Raggende Ruiter.
Inmiddels is nu voor een bredere groep in de samenleving duidelijk dat er een te jonge, te onbedachtzame en springerige man aan het roer van Nederland staat. De grote vraag is nu of Samsom hierin van een ander kaliber is, of tot dezelfde generatie snelle politici hoort.
De tijd zal het leren.
Geen samenwerken maar gedogen
De eerste reden waarom het stuntelen zal blijven is dat er in de kern van de zaak, qua verkiezingsuitslag, en qua samenwerking tussen partijen, geen gemeenschappelijk draagvlak is. De impliciete polarisatie en verdeelheid toonde zich bijvoorbeeld al in het gebruik van de metafoor: Bruggen slaan.
Ook de gedragingen nadien tussen de samenwerkende partijen en kabinetsleden was vooral te zien als 'back to the future'. Onder de metafoor: 'elkaar iets gunnen' ging in essentie een gedoogconstructie schuil en een angstaanjagende adhocratie. Het deed me allemaal wat veel aan de periode van het gedoogwrak denken. En zo ging ook dit kabinet welgemoed aan de slag, kantoortje spelen onder het motto: we willen samen sterker uit de crisis komen. Tot de weerstand rond de zorgpremie zo groot was dat erop terug gekomen moest worden.
Een herhaling van de euro-invoering: ontwerpfouten negeren
De tweede reden waarom dit kabinet zal blijven stuntelen is door de ontwerpfouten en inconsistenties in het regeerakkoord. Er is aangenomen dat de kosten van systeemwijzigingen zoals bijvoorbeeld bij de herbelegging van taken bij gemeentes nihil zou zijn. Verondersteld werd dat het mogelijk is tegelijk het ambtenarenapparaat te verkleinen en tal van andere systeemaanpassingen te doen. Wie die sinterklaaslijst in het regeerakoord doordenkt in zijn consequenties moet concluderen dat hierin veel mini-euro-tjes verborgen zijn.
Ik bedoel daarmee dat er sprake is van een nationale variant van de euro-invoering: vanuit een onvoldoende breed gedragen politieke wensdroom worden nu willens en wetens door de politiek de constructiefouten genegeerd die in later jaren alsnog tot instabiliteit en hoge kosten gaan leiden. En de regeringspartijen verliezen daarbij het contact met de achterban en vergeten de democratische legitimiteit.
Waar we in Nederland de afgelopen week vrij snel die ontwerpfouten bij het verzinsel inkomensafhankelijke zorgpremie hebben kunnen ontdekken, gaan we de overige punten pas geleidelijk herkennen. Te denken is aan de onevenwichtige aanpassing van rollen en verplichtingen voor zzp-ers, werknemers en ambtenaren. Aan de salami-tactiek in de hypotheekaftrek en opeens nieuwverzonnen huurregels voor corporaties op de woningmarkt.Het blijft dus stuntelen en ik denk dat ook Samsom zich dit terdege realiseert. Hij zal mogelijk op een later moment de VVD nog wel hard nodig kunnen hebben.
Nationale vertrouwensschok door ondoordacht doorpakken
Wat mij opvalt is dat de huidige generatie politici (en de media) sterk in inhoud zijn, maar zwak op proces. In de hele verkiezingscampagne werd er over inhoudelijke thema's gesproken en nauwelijks over de manier waarop toekomstige regeringspartijen met de samenleving zouden omgaan (zie deze blog). Simpel geformuleerd kun je kiezen voor twee modellen.
1- op detailniveau het politiek draagvlak gebruiken om snel door te pakken;
Dat is het nu gehanteerde model waarin de bestuurlijke elite van het land een coup pleegt in de door hen gewenste richting. Dit is een model dat, te zien aan de zorgpremie, leidt tot schokeffecten en algehele onduidelijkheid over de toekomst. Waar het juist de uitdaging is om de nationale consumptie op peil te houden wordt er een ondoordacht schot hagel aangekondigd dat ertoe leidt dat alle Nederlanders de hand op de knip te houden.
De zorgvuldig glijdende schaal rond hypotheekrente-aftrek is in dit model volstrekt irrelevant geworden omdat de algehele onzekerheid de boventoon voert. Eerst veroorzaakte Lehman een schok, toen de eurocrisis en nu dit nationaal 'regeerakkoord'. De consequentie van deze werkwijze is naast een derde economische schok ook een gebrekkig draagvlak. Zoals we bij de euro zagen is dat een kostbare en gevaarlijke keuze.
2- op algemeen niveau proces afspraken en richting kiezen in samenwerking met middenveld
In het tweede model zou een regering zich kunnen realiseren dat er een nieuw elan nodig is in moeilijke tijden. De aandacht zou dan niet alleen uitgaan naar de gewenste richting, bezuinigingen en hervormingen, maar vooral ook naar de vraag op welke manier er zoveel mogelijk cohesie in de samenleving kan blijven bestaan. Dat betekent dat zo'n proces ingewikkelder wordt, moeilijker te managen, maar ook dat er meer draagvlak is, meer invloed ervaren wordt door het middenveld en de burger en er een groter rechtvaardigheidsgevoel ontstaat.
Het staat buiten twijfel dat dit laatste model enorm pittig en moeilijk is, zeker in deze tijd waarin media en belangengroepen elk detail opblazen tot een feit van levensbelang. Desalniettemin blijft een dergelijke route te prefereren boven de 'snelle halen - snel thuis' benadering die we nu hebben gezien van Rutte en Samson.
Met de raggende ruiter Rutte blijft het stuntelen tot de eindstreep
Ruim een jaar geleden vielen mij rond Rutte de schellen van de ogen. Tot dan dacht ik dat hij van een nieuwe frisse en moderne generatie politici was. De mate waarin hij echter goede raad om hem heen niet wist te benutten (zelfs niet opzocht) deed me inzien dat hij zo verblind is door de eigen persoonlijke ambities om premier te zijn/blijven, dat daarvoor zelfs de sociale samenhang en cohesie moet wijken. Voor mij is hij dan ook niet deze week van zijn voetstuk gevallen, maar al veel eerder. Ik gaf hem de bijnaam: Raggende Ruiter.
Inmiddels is nu voor een bredere groep in de samenleving duidelijk dat er een te jonge, te onbedachtzame en springerige man aan het roer van Nederland staat. De grote vraag is nu of Samsom hierin van een ander kaliber is, of tot dezelfde generatie snelle politici hoort.
De tijd zal het leren.
Labels:
Beoordeling,
democratie,
ethiek,
EUPolitiek,
INTPolitiek,
Review,
Rutte,
verkiezingen,
voorspelling
maandag 5 november 2012
Kantoortje spelen in het nieuwe kabinet: de adhocratie
Na een avondje surfen langs de media en luisteren naar de gesprekken met partijleiders en kabinetsleden hoor ik vooral de echo's van de holle statements. Er is in een maand tijd een onparlementaire coup gepleegd door de politiek-bestuurlijke elite, die eruit bestaat dat de rest van Nederland en het maatschappelijk middenveld eigenlijk nauwelijks echte inspraak meer heeft in het beleid van de komende jaren. We zijn een nieuwe fase van landsbestuur ingegaan: de adhocratie.
Wat heb je aan snelheid als je nu tijd vraagt voor uitwerking?
Het klinkt allemaal heel stoer: snel een kabinet want dat heeft de crisis nodig. En als het regeerakkoord op hoofdlijnen de gezamenlijke visie en richting zou beschrijven, dan zou dat inderdaad waar zijn. Maar nu?
Er is op onnodig detailniveau onderhandeld en er is met onzorgvuldige hand op allerlei terreinen besloten tot systeem-aanpassingen en hervormingen. Nu is en was het zeker zaak om tot die hervormingen te komen, maar het is ondenkbaar dat een groep van 12 politieke slimmeriken in één maand het beter doet dan de collectieve denkkracht van maatschappelijk middenveld, ambtenaren en politici.
Opmerkelijk is dat, nu de coup gepleegd is, opeens alle tijd genomen moet worden voor de uitwerking. En heel misschien kan er nog wat bijgevijld worden in die uitwerking. Maar de implicatie is duidelijk. Het plan staat, we voeren het uit en komen er niet op terug. Daarmee gaat dit regeerakkoord ons als Nederlanders dus straks zeker een oud spreekwoord weer doen ondervinden: Haastige spoed, zelden goed.
Is er verschil nodig tussen ambtenaar, werknemer en zzp-er?
Wat ik, als voorbeeld, een enorme denkfout vindt van dit kabinet is het gerommel op de arbeidsmarkt. Er wordt om onduidelijke reden bij gewone werknemers het rechtsstelsel afgebroken, zodat ze veel lijken op zzp-ers. Tegelijk worden zzp-ers opgedrongen dat ze meer op een gewone werknemer moeten lijken met verplicht pensioen, extra verzekeringen en dergelijke. En als klap op de vuurpijl mogen ambtenaren hun beschermde status in gaan leveren.
Dat samenvoegen van drie verschillende soorten werksituaties/rollen/afspraken tot een gemiddeld amalgaam is ontwerptechnisch een beetje dom. Juist het herstel van de economie en het beheer van de rechtsstaat vraagt een variatie van verschillende rollen, verschillende types werknemers. Ambtenaren moeten beschermd blijven bijvoorbeeld: juist om te voorkomen dat een perverse bonus-structuur kan ontstaan waarin de departementen bevolkt worden door té politieke ministers die een - omwille van hun baanbehoud - knipmessend ambtenaren-apparaat aantreffen.
Voor werknemers én werkgevers geldt verder dat de mogelijkheid om te kunnen kiezen voor een bepaald soort baan met meer of minder vastigheid, tot gevolg heeft dat onze economie vitaal blijft. Het bijeenvoegen van die categoriën is contraproductief omdat op deze manier de meest flexibele onderkant van de arbeidsmarkt verandert in een minder flexibele en goedkope markt. Kortom, op dit punt zien we vooral de makkelijke en esthetische gedachtengangen van de politici uit de fristi-generatie opkomen.
En hoe gaan we om met de fundamenten van democratie en rechtsstaat?
Het derde punt van zorg bij dit regeerakkoord is dat nauwelijks te zien is dat het kabinet de hoofdlijnen van gezond landsbestuur nog op het netvlies heeft. Als je zoveel nadruk legt op nivelleren van inkomens, waarom wordt dan toch de toegang tot het recht voor de burger ingewikkelder en duurder gemaakt? Die extra honderden euros voor de lage inkomens zijn ze met een beetje pech in no time kwijt aan de bij-effecten van de overige maatregelen in het akkoord.
Natuurlijk is het goed om met daadkracht aan de slag te gaan. Maar dat betekent niet dat we alleen maar moeten denken in termen van efficiency of politieke keuze's. Een goed en zorgvuldig beheer van de rechtsstaat betekent ook dat er intern op Ministeries veiligheidskleppen worden ingebouwd. Door het ontslaan van ambtenaren hoeven we daar niet op te rekenen. En met het signaal van Tjeenk Willink over de ernstig teruglopende kwaliteit van wetgevingsjuristen op departementen, is ook niets gedaan.
Conclusie: stoer kantoortje spelen in de adhocratie
De afgelopen maand is er hard gewerkt door partijen. Men realiseert zich dat er grote veranderingen nodig zijn. En juist met deze twee grote partijen zou er de mogelijkheid zijn om die te realiseren met draagvlak. Uit angst voor het publieke debat werd echter een groot deel keuze's naar voren gehaald. Daarbij is een mager en weinig gezamenlijk verhaal neergezet over 'elkaar iets gunnen', sterker uit de crisis komen en meer van dat soort holle taal. En zo zagen we vanavond op de tv allemaal nieuwe bewindslieden en politici heel druk kantoortje spelen.
Ik noem het kantoortje spelen en adhocratie omdat een structurele visie op de fundamenten van de rechtsstaat ontbreekt. En dat tekent deze (generatie) politici. Er is niet gezocht naar een gemeenschappelijke waardenbasis; een kernvisie en richtinggevende lijnen. Nee, er is een doelbewuste coup gepleegd door de politiek, om het volk en het middenveld buitenspel te zetten. Het is net zo'n coup als destijds door de politici gepleegd toen de euro er kwam. Snel vooruit, niet hard nadenken over de ontwerpfouten en hopen dat het ooit goed komt.
In essentie hebben we nu dus bij Rutte 2 net zo'n wankele en slecht ontworpen gedoogconstructie als bij Rutte 1. De flex-werker Rutte heeft rechts ingeruild voor links en gaat factfree verder met wat hij het mooist vindt. Een echte termijn als liberaal premier volmaken.
Wat heb je aan snelheid als je nu tijd vraagt voor uitwerking?
Het klinkt allemaal heel stoer: snel een kabinet want dat heeft de crisis nodig. En als het regeerakkoord op hoofdlijnen de gezamenlijke visie en richting zou beschrijven, dan zou dat inderdaad waar zijn. Maar nu?
Er is op onnodig detailniveau onderhandeld en er is met onzorgvuldige hand op allerlei terreinen besloten tot systeem-aanpassingen en hervormingen. Nu is en was het zeker zaak om tot die hervormingen te komen, maar het is ondenkbaar dat een groep van 12 politieke slimmeriken in één maand het beter doet dan de collectieve denkkracht van maatschappelijk middenveld, ambtenaren en politici.
Opmerkelijk is dat, nu de coup gepleegd is, opeens alle tijd genomen moet worden voor de uitwerking. En heel misschien kan er nog wat bijgevijld worden in die uitwerking. Maar de implicatie is duidelijk. Het plan staat, we voeren het uit en komen er niet op terug. Daarmee gaat dit regeerakkoord ons als Nederlanders dus straks zeker een oud spreekwoord weer doen ondervinden: Haastige spoed, zelden goed.
Is er verschil nodig tussen ambtenaar, werknemer en zzp-er?
Wat ik, als voorbeeld, een enorme denkfout vindt van dit kabinet is het gerommel op de arbeidsmarkt. Er wordt om onduidelijke reden bij gewone werknemers het rechtsstelsel afgebroken, zodat ze veel lijken op zzp-ers. Tegelijk worden zzp-ers opgedrongen dat ze meer op een gewone werknemer moeten lijken met verplicht pensioen, extra verzekeringen en dergelijke. En als klap op de vuurpijl mogen ambtenaren hun beschermde status in gaan leveren.
Dat samenvoegen van drie verschillende soorten werksituaties/rollen/afspraken tot een gemiddeld amalgaam is ontwerptechnisch een beetje dom. Juist het herstel van de economie en het beheer van de rechtsstaat vraagt een variatie van verschillende rollen, verschillende types werknemers. Ambtenaren moeten beschermd blijven bijvoorbeeld: juist om te voorkomen dat een perverse bonus-structuur kan ontstaan waarin de departementen bevolkt worden door té politieke ministers die een - omwille van hun baanbehoud - knipmessend ambtenaren-apparaat aantreffen.
Voor werknemers én werkgevers geldt verder dat de mogelijkheid om te kunnen kiezen voor een bepaald soort baan met meer of minder vastigheid, tot gevolg heeft dat onze economie vitaal blijft. Het bijeenvoegen van die categoriën is contraproductief omdat op deze manier de meest flexibele onderkant van de arbeidsmarkt verandert in een minder flexibele en goedkope markt. Kortom, op dit punt zien we vooral de makkelijke en esthetische gedachtengangen van de politici uit de fristi-generatie opkomen.
En hoe gaan we om met de fundamenten van democratie en rechtsstaat?
Het derde punt van zorg bij dit regeerakkoord is dat nauwelijks te zien is dat het kabinet de hoofdlijnen van gezond landsbestuur nog op het netvlies heeft. Als je zoveel nadruk legt op nivelleren van inkomens, waarom wordt dan toch de toegang tot het recht voor de burger ingewikkelder en duurder gemaakt? Die extra honderden euros voor de lage inkomens zijn ze met een beetje pech in no time kwijt aan de bij-effecten van de overige maatregelen in het akkoord.
Natuurlijk is het goed om met daadkracht aan de slag te gaan. Maar dat betekent niet dat we alleen maar moeten denken in termen van efficiency of politieke keuze's. Een goed en zorgvuldig beheer van de rechtsstaat betekent ook dat er intern op Ministeries veiligheidskleppen worden ingebouwd. Door het ontslaan van ambtenaren hoeven we daar niet op te rekenen. En met het signaal van Tjeenk Willink over de ernstig teruglopende kwaliteit van wetgevingsjuristen op departementen, is ook niets gedaan.
Conclusie: stoer kantoortje spelen in de adhocratie
De afgelopen maand is er hard gewerkt door partijen. Men realiseert zich dat er grote veranderingen nodig zijn. En juist met deze twee grote partijen zou er de mogelijkheid zijn om die te realiseren met draagvlak. Uit angst voor het publieke debat werd echter een groot deel keuze's naar voren gehaald. Daarbij is een mager en weinig gezamenlijk verhaal neergezet over 'elkaar iets gunnen', sterker uit de crisis komen en meer van dat soort holle taal. En zo zagen we vanavond op de tv allemaal nieuwe bewindslieden en politici heel druk kantoortje spelen.
Ik noem het kantoortje spelen en adhocratie omdat een structurele visie op de fundamenten van de rechtsstaat ontbreekt. En dat tekent deze (generatie) politici. Er is niet gezocht naar een gemeenschappelijke waardenbasis; een kernvisie en richtinggevende lijnen. Nee, er is een doelbewuste coup gepleegd door de politiek, om het volk en het middenveld buitenspel te zetten. Het is net zo'n coup als destijds door de politici gepleegd toen de euro er kwam. Snel vooruit, niet hard nadenken over de ontwerpfouten en hopen dat het ooit goed komt.
In essentie hebben we nu dus bij Rutte 2 net zo'n wankele en slecht ontworpen gedoogconstructie als bij Rutte 1. De flex-werker Rutte heeft rechts ingeruild voor links en gaat factfree verder met wat hij het mooist vindt. Een echte termijn als liberaal premier volmaken.
Labels:
Beoordeling,
ethiek,
eurocrisis,
INTPolitiek,
NLPolitiek,
Opmerkelijk,
Politiek,
Review
zondag 4 november 2012
Verbazing over regeerakkoord: een brug naar polarisatie?
Nu we een week de tijd hebben gehad om het regeerakkoord te verwerken gaat alle aandacht naar de zorgpremiediscussie. PvdA heeft onder het motto: eerlijk delen een unieke Robin-Hood belasting weten te persen in de belastingregels. En alom in het land woedt nu over die premie een discussie. Dat leidt af van waar het regeerakkoord feitelijk knelt. Het bouwt namelijk geen bruggen tussen standpunten: het is een brug naar polarisatie tussen de mensen. En dat is een slechte zaak.
Uitslag verkiezingen: strategisch gedrag verhult extremen
Laten we beginnen bij de verkiezingsuitslag. Het leek er misschien op alsof de Nederlanders genoeg hadden van extreme standpunten, maar feitelijk was er sterk strategisch gestemd, uit afkeer van de beoogde premier van gene zijde. De stem-uitslag maskeerde dus een sterk gepolariseerd politiek landschap.
Regeerakkoord toont: Rutte en Samson vervolgen de illusiepolitiek
De werkwijze die vaak inherent is aan de politiek, maar die sinds de gedoogconstructie steeds vaker opgeld doet benoem ik graag met de term illusiepolitiek (zie eerdere blog alhier).
Illusiepolitiek is een vorm van politiek manoevreren die eruit bestaat om vooral niet te vroeg en te vaak de dialoog te zoeken met betrokken belangengroepen. Veeleer wordt vanuit een ivoren toren een te gedetailleerd politiek akkoord opgesteld, dat vervolgens niet of nauwelijks heronderhandelbaar is. Vanaf dat punt wordt er, totdat de kruik barst, telkens teruggewezen naar dat overeengekomen regeerakkoord danwel gedoogakkoord.
Kenmerkend voor illusiepolitiek is ook dat bij het ontwerp van al die maatregelen verondersteld wordt dat systeem- of structuurwijzigingen niet veel extra moeite kosten. Er is echter een wezenlijk verschil tussen het zoeken van oplossingen binnen een bestaande systematiek van regels en procedures of het van bovenaf overhoop gooien van die systematiek . Dat laatste kost meer, maakt de boel ingewikkelder en duurder.
Helaas is het nu overeengekomen akkoord te zien als een voorbeeld bij uitstek van die illusiepolitiek. Er is een enorm grote en gedetailleerde lijst van maatregelen opgesteld die op tal van terreinen de speelruimte dicht-timmert om in later stadium met belangengroeperingen tot betere oplossingen te komen. Daarnaast wordt heel makkelijk gekomen tot wijzigingen in structuur/systematiek. Het veelbesproken dossier zorgpremie is hier een voorbeeld van. Maar er zijn nog tal van andere vraagstukken.
Zomaar een greep uit het regeerakkoord
Ik heb het regeerakkoord deze week tot me genomen en al wat van mijn verbazing getwitterd:
1- gemeenten worden opgezadeld met uitvoerings- en beleidsrol op diverse terreinen:
De gemeente krijgt nieuwe verantwoordelijkheden en taken; tegelijk wordt er gesleuteld aan herindeling van bevoegdheden en rollen van gemeente, provincie en waterschappen. En, heel bijzonder voor een land dat in belangrijke mate is gewonnen op de zee: de waterschappen worden uit de grondwet gehaald.
2-bankenpesten blijft in de mode
Wat me opvalt is dat er een bonus maximum van 20 procent wordt opgelegd aan medewerkers van banken. Daarnaast zie ik dat men de zorgplicht voor financiele instellingen in de wet wil opnemen. Tegen dit laatste zijn diverse fundamentele bezwaren op te roepen, die de afgelopen maand ook door diverse juridische experts aan het Ministerie van Financien zijn gemeld. En ik maak daarover vermoedelijk nog een aparte blog, maar neem van mij aan dat het een juridisch onzinnig idee is.
3-Uwv weer onder vuur, staatsbosheer geprivatiseerd en auteursrecht afgeschaft
In de categorie overige punten zie ik dat dit kabinet vindt dat staatsbosbeheer eigenlijk geprivatiseerd wordt. Omdat het teveel kost. Ik vind dat fascinerend om te lezen in een week waarin het eindrapport privatisering van de eerste kamer aantoont dat dit soort geldelijke redeneringen eigenlijk een drogreden zijn.
Het ontslagrecht wordt gewijzigd zodat de rechter er niet aan te pas komt en het UWV meer in beeld is. Dat leidt tot kwaliteitsverlies en rechtsonzekerheid bij de werknemer, want het UWV moet namelijk ook binnen 4 weken haar oordeel klaar hebben over de procedure en dan nog eens de ontslag vergoeding te bepalen. Ook hier zien we een inhoudelijke en systeemwijziging over elkaar heen buitelen. Dat gaat zeker niet goed, dat kun je nu al voorzien.
Het auteursrecht gaat eraan. Dat wordt met een eufemisme 'moderniseren' genoemd, maar het lijkt onvermijdelijk dat de kunstenaars, journalisten en artiesten het nog lastiger gaan krijgen om hun inkomen te behouden. Wie immers auteursrecht moderniseert opdat iedereen alles mag gaan gebruiken op het internet, heeft meer de gebruiker voor ogen die alles gratis wil, dan de producent die er van moet leven.
4-de ontbrekende factor: visie op middenveld en juridiche veiligheidskleppen
Alleen op het gebied van ontslagrecht en ww is er te zien dat het kabinet de dialoog zoekt met werkgevers en werknemers. En wellicht wordt ook de SER nu wat vaker ingeschakeld bij nieuwe voornemens. Het is echter zorgelijk dat er zo weinig aandacht is voor de manier waarop het kabinet, gezien de serieuze consequenties van de maatregelen, de dialoog met de samenleving en het middenveld openhoudt. Te vrezen is dat het allemaal vooral inruil en uitruil wordt tussen de afgestudeerde wetenschappers in Den Haag.
Conclusie: vooral een brug gebouwd naar polarisatie
Het gemekker rond de zorgpremie deze week toont precies de feilen aan van dit regeerakkoord. Het is te gedetailleerd uitgewerkt en uitgeruild en slaat onvoldoende acht op de benodigde dialoog met de samenleving. Het 'bankje pesten' maar ook het nivelleren van inkomens ademt een soort van ongezonde afrekening met het verleden. En of er ruimte is om in later stadium bij de uitwerking voor meer slimmere oplossingen te kiezen is nog maar zeer de vraag.
Dit alles gebeurt tegen een electorale achtergrond die al gepolariseerd was. Net op een moment dat Nederland toe is aan echte verbinding tussen regeringspartijen, vanuit een visie om gezamenlijk een moeilijke tijd tegemoet te treden, komen VVD en PvdA met de metafoor van de brug.
Het is een heldere metafoor, op een andere manier dan de partijen wellicht bedoelen. Voor mij illustreert de metafoor vooral dat ze beiden eigenlijk aan de eigen oever zijn blijven staan. Daarmee doet die brug me vooral denken aan de bruggen die vroeger werden gebruikt om krijgsgevangenen en spionnen tussen Oost- en West Europa uit te wisselen.
Al met al vrees ik dat dit regeerakkoord en deze regeringsploeg, als ze deze stijl continuren, vooral de polarisatie tussen bevolkingsgroepen, tussen politiek en bevolking, vergroot. Wat mij betreft is dat een gemiste kans.
Uitslag verkiezingen: strategisch gedrag verhult extremen
Laten we beginnen bij de verkiezingsuitslag. Het leek er misschien op alsof de Nederlanders genoeg hadden van extreme standpunten, maar feitelijk was er sterk strategisch gestemd, uit afkeer van de beoogde premier van gene zijde. De stem-uitslag maskeerde dus een sterk gepolariseerd politiek landschap.
Regeerakkoord toont: Rutte en Samson vervolgen de illusiepolitiek
De werkwijze die vaak inherent is aan de politiek, maar die sinds de gedoogconstructie steeds vaker opgeld doet benoem ik graag met de term illusiepolitiek (zie eerdere blog alhier).
Illusiepolitiek is een vorm van politiek manoevreren die eruit bestaat om vooral niet te vroeg en te vaak de dialoog te zoeken met betrokken belangengroepen. Veeleer wordt vanuit een ivoren toren een te gedetailleerd politiek akkoord opgesteld, dat vervolgens niet of nauwelijks heronderhandelbaar is. Vanaf dat punt wordt er, totdat de kruik barst, telkens teruggewezen naar dat overeengekomen regeerakkoord danwel gedoogakkoord.
Kenmerkend voor illusiepolitiek is ook dat bij het ontwerp van al die maatregelen verondersteld wordt dat systeem- of structuurwijzigingen niet veel extra moeite kosten. Er is echter een wezenlijk verschil tussen het zoeken van oplossingen binnen een bestaande systematiek van regels en procedures of het van bovenaf overhoop gooien van die systematiek . Dat laatste kost meer, maakt de boel ingewikkelder en duurder.
Helaas is het nu overeengekomen akkoord te zien als een voorbeeld bij uitstek van die illusiepolitiek. Er is een enorm grote en gedetailleerde lijst van maatregelen opgesteld die op tal van terreinen de speelruimte dicht-timmert om in later stadium met belangengroeperingen tot betere oplossingen te komen. Daarnaast wordt heel makkelijk gekomen tot wijzigingen in structuur/systematiek. Het veelbesproken dossier zorgpremie is hier een voorbeeld van. Maar er zijn nog tal van andere vraagstukken.
Zomaar een greep uit het regeerakkoord
Ik heb het regeerakkoord deze week tot me genomen en al wat van mijn verbazing getwitterd:
1- gemeenten worden opgezadeld met uitvoerings- en beleidsrol op diverse terreinen:
De gemeente krijgt nieuwe verantwoordelijkheden en taken; tegelijk wordt er gesleuteld aan herindeling van bevoegdheden en rollen van gemeente, provincie en waterschappen. En, heel bijzonder voor een land dat in belangrijke mate is gewonnen op de zee: de waterschappen worden uit de grondwet gehaald.
2-bankenpesten blijft in de mode
Wat me opvalt is dat er een bonus maximum van 20 procent wordt opgelegd aan medewerkers van banken. Daarnaast zie ik dat men de zorgplicht voor financiele instellingen in de wet wil opnemen. Tegen dit laatste zijn diverse fundamentele bezwaren op te roepen, die de afgelopen maand ook door diverse juridische experts aan het Ministerie van Financien zijn gemeld. En ik maak daarover vermoedelijk nog een aparte blog, maar neem van mij aan dat het een juridisch onzinnig idee is.
3-Uwv weer onder vuur, staatsbosheer geprivatiseerd en auteursrecht afgeschaft
In de categorie overige punten zie ik dat dit kabinet vindt dat staatsbosbeheer eigenlijk geprivatiseerd wordt. Omdat het teveel kost. Ik vind dat fascinerend om te lezen in een week waarin het eindrapport privatisering van de eerste kamer aantoont dat dit soort geldelijke redeneringen eigenlijk een drogreden zijn.
Het ontslagrecht wordt gewijzigd zodat de rechter er niet aan te pas komt en het UWV meer in beeld is. Dat leidt tot kwaliteitsverlies en rechtsonzekerheid bij de werknemer, want het UWV moet namelijk ook binnen 4 weken haar oordeel klaar hebben over de procedure en dan nog eens de ontslag vergoeding te bepalen. Ook hier zien we een inhoudelijke en systeemwijziging over elkaar heen buitelen. Dat gaat zeker niet goed, dat kun je nu al voorzien.
Het auteursrecht gaat eraan. Dat wordt met een eufemisme 'moderniseren' genoemd, maar het lijkt onvermijdelijk dat de kunstenaars, journalisten en artiesten het nog lastiger gaan krijgen om hun inkomen te behouden. Wie immers auteursrecht moderniseert opdat iedereen alles mag gaan gebruiken op het internet, heeft meer de gebruiker voor ogen die alles gratis wil, dan de producent die er van moet leven.
4-de ontbrekende factor: visie op middenveld en juridiche veiligheidskleppen
Alleen op het gebied van ontslagrecht en ww is er te zien dat het kabinet de dialoog zoekt met werkgevers en werknemers. En wellicht wordt ook de SER nu wat vaker ingeschakeld bij nieuwe voornemens. Het is echter zorgelijk dat er zo weinig aandacht is voor de manier waarop het kabinet, gezien de serieuze consequenties van de maatregelen, de dialoog met de samenleving en het middenveld openhoudt. Te vrezen is dat het allemaal vooral inruil en uitruil wordt tussen de afgestudeerde wetenschappers in Den Haag.
Conclusie: vooral een brug gebouwd naar polarisatie
Het gemekker rond de zorgpremie deze week toont precies de feilen aan van dit regeerakkoord. Het is te gedetailleerd uitgewerkt en uitgeruild en slaat onvoldoende acht op de benodigde dialoog met de samenleving. Het 'bankje pesten' maar ook het nivelleren van inkomens ademt een soort van ongezonde afrekening met het verleden. En of er ruimte is om in later stadium bij de uitwerking voor meer slimmere oplossingen te kiezen is nog maar zeer de vraag.
Dit alles gebeurt tegen een electorale achtergrond die al gepolariseerd was. Net op een moment dat Nederland toe is aan echte verbinding tussen regeringspartijen, vanuit een visie om gezamenlijk een moeilijke tijd tegemoet te treden, komen VVD en PvdA met de metafoor van de brug.
Het is een heldere metafoor, op een andere manier dan de partijen wellicht bedoelen. Voor mij illustreert de metafoor vooral dat ze beiden eigenlijk aan de eigen oever zijn blijven staan. Daarmee doet die brug me vooral denken aan de bruggen die vroeger werden gebruikt om krijgsgevangenen en spionnen tussen Oost- en West Europa uit te wisselen.
Al met al vrees ik dat dit regeerakkoord en deze regeringsploeg, als ze deze stijl continuren, vooral de polarisatie tussen bevolkingsgroepen, tussen politiek en bevolking, vergroot. Wat mij betreft is dat een gemiste kans.
Labels:
Beoordeling,
NLPolitiek,
Opmerkelijk,
Review,
Rutte,
TweedeKamer,
voorspelling
Abonneren op:
Berichten (Atom)