zondag 24 mei 2015

Verbazing: de jurk van Trijntje was eigenlijk toch best wel mooi ...!

Ik heb me de afgelopen weken verbaasd over de jurk van Trijntje. Die diep uitgesneden variant met haaiemotief bedoel ik dan. Ik vond het maar niets. Maar...... na gisteravond verbaasde ik me weer: achteraf bezien vond ik haar jurk eigenlijk best een eigen en karakteristieke twist hebben.


Groot was gisteravond namelijk mijn waardering toen ik bij het songfestival moest concluderen dat zeg maar 8 van de 10 dames (waaronder ook één van de presentratices) zo'n diep uitgesneden decolleté-tje hadden gekozen. Vervolgens kon ik niet ontkomen aan de conclusie dat Trijntje qua type jurk, gezien de trend, helemaal de juiste keuze had gemaakt.














Toen ik al die tientallen anderen jurken van hetzelfde model gisteren zag, met decolleté tot over de navel, steeg alsnog mijn waardering voor de klassejurk die Trijntje op het oog had. Waarvan akte.

PS. Overigens zou het met die mooie jurk nog steeds niets zijn geworden met Trijntje. Het liedje was, liedtechnisch, niet echt sterk,


woensdag 29 april 2015

Verbazing over bed, bad en brood?

De afgelopen weken concentreerde de soap van fristy-boys Rutte en Samsom zich op een lastig thema: bed, bad en brood. Hoe gaan we om met opvang van asielzoekers?

Geleidelijk is er stevige ophef ontstaan die morgen nog eens in de Kamer word besproken. Maar hoe verontwaardigd een ieder mag zijn: mij verbaast deze politieke treurnis niet. Juist rond de opvang van asielzoekers herhaalt zich in een notedop het hele drama van deze regeringscoalitie. Een drama dat voor de goede waarnemer al vanaf de start zichtbaar was.

1. Er is in alle haast een pseudo-coalitie neergezet die zich met papieren maatregelen rijk rekent en geen visie heeft op hoe je een verandering in de praktijk van alle dag neerzet en welke juridische veiligheidskleppen daarbij relevant zijn (zie deze blog bij het regeerakkoord van dit kabinet). Het woord illusiepolitiek dat ik toen in de mond nam, wordt nu in diverse commentaren gemeengoed.

2. Met een ivoren toren regeer-akkoord als uitgangspunt gingen de fristi-boys van de coalitie opeens allerlei maatschappelijke partijen bij hun discussies betrekken over de kabinetsvoornemens. De welwillende toekijker denkt dan: ze keren op hun schreden terug en betrekken het middenveld. De meer cynische observator zal zeggen: dit was een repareer-actie die in de kern geen afbreuk doet aan het gegeven dat de coalitie een visie op het middenveld mist.

3. Politiek, media en kiezer realiseren zich wellicht nu opeens dat ze bij de verkiezingen 2012 vergeten zijn te kijken naar een belangrijk punt en dat is: op welke wijze denken toekomstige regeringspartijen met de rest van Nederland samen te werken (juist ook zij die niet in de coalitie zitten). Juist in een moeilijke tijd is verbindend vermogen nodig.

Bruggen slaan naar nergensland
Ik herinner me nog goed de boeiende titel van het regeerakkoord: bruggen slaan. Een slechte titel, gekozen door een groep machtsbeluste politici die hun eigen politieke werkelijkheid belangrijker vinden dan het gezonde verstand en die lak hebben aan het werkelijk verbinden van de uiteenlopende groepen uit onze samenleving op basis van gedeelde waarden.

Het moge duidelijk zijn dat het bruggen bouwen van deze coalitie vooral richting Nergensland gaat.

woensdag 8 april 2015

Verbazing over hoorzitting banksector en wereldvreemde RvC-leden

Wie de afgelopen jaren een beetje opgelet had, kon vermoeden hoe de Tweede Kamer in de discussie zou zitten over beloningen in de banksector. Natuurlijk zou er drift zijn tot scoren, maar ook oprecht de vraag hoe je nu als RvC serieus kan menen dat je salarisverhogingen geeft in een sector met zo'n slecht trackrecord, die nog lang niet uit de crisis is en die dag in dag uit mensen ontslaat. Onderliggend speelde verder de behoefte om het woord sorry te horen en een stuk nederigheid te zien, omdat alle drie de instellingen (Aegon, ING en ABN AMRO) met geld van de gemeenschap geholpen/gered zijn.

Wat mij vooral verbaasde in de hoorzitting was de bestuurlijke cocon waarin de heren (uiteraard) RvC-leden zaten. De hoorzitting was, ondanks de korte termijn, mooi opgezet en wat mij betreft zakten de heren door de mand met hun voorspelbare eenzijdige blik op economie, arbeidsmarkt en noodzaak om een goed en consistent werkgever te zijn. Ik neem echter aan dat de Tweede Kamer niet zal doorbijten op dit onderwerp en de aandacht aanstaande donderdag in het Kamerdebat vooral gaat richten op juiste of onjuiste informatie van Dijsselbloem.

Voorprogramma van deskundigen
De opzet van de hoorzitting was eenvoudig, helder en doeltreffend. Eerst de experts vooraf en dan de hoofdschotel van RvC leden.

Rients Abma van de institutionele beleggers stelde eigenlijk met zoveel woorden dat Raden van Commissarissen toch nog te vaak het hoofd rond beloningen lieten hangen naar wat de HR-afdelingen van hun eigen instellingen hen influisterden en op dit punt te weinig een eigen koers liepen. Dat was een duidelijke kanttekening waar je wat mee kunt (en op zou kunnen doorvragen).

Marielle Patijn van FNV schetste het perspectief van de werknemer en de uit de hand gelopen verschillen in beloning tussen de minst- en meestverdienende medewerkers van de bank. Zij benoemde terecht de meest relevante passage uit de eed voor bankiers (zorgvuldig afwegen) en verwees ook naar tenenkrullende bijeenkomsten bij ABN AMRO waar het bestuur en RvC-leden hun beslissing rond beloning bleven toelichten vanuit een eigen gelijk (en de politiek als een vervelend mugje bleven zien).

Kilian Wawoe tenslotte was duidelijk in zijn toelichting op beloningen en lonen. Topbestuurders zitten er niet omdat ze intrinsiek gemotiveerd worden door het geld. Vlucht naar buitenland is onzinnig en het argument dat goede mensen in de markt gevonden moeten worden is flauwekul (met alle respect). Tegelijk schetste hij dat de topbestuurders vanuit hun eigen wereld met HR-vergelijkingslijstjes met andere bedrijven en lonen topbestuurders bleven redeneren. Vergelijken met lager verdienenden (zoals het palet dat FNV voorstelde) was natuurlijk niet aan de orde: het gaat om de peer-group.

De RvC-leden zelf
Uiteraard ging de aandacht het meest uit naar van Slingelandt van ABN AMRO, maar de bottom line was dat we drie grijze heren zagen die allen aangaven dat ze een zorgvuldige afweging hadden gemaakt, maar gewoonweg wél met de realiteit van de markt mee moeten gaan. Een alternatieve redenering is dat als een goed werkgever beloftes gestand moesten worden gedaan. En ja, de publieke ophef hadden ze wat onderschat en heel misschien zou de beslissing iets anders worden: (lees salarisverhoging iets lager) maar allemaal stonden ze achter hun besluit. Ze zouden het de volgende keer weer zo doen.

Wat ontbrak - en de Kamerleden behoorlijk stak - was dat geen van hen uit zichzelf terugkwam op het feit dat zij een instelling vertegenwoordigden die met belastinggeld was gered. Deels komt dat omdat de heren na de redding ingevlogen waren, maar het tekent het onvermogen van de heren om een goede inschatting te maken van het politiek speelveld. Waarmee wat mij betreft vraagtekens kunnen worden geplaatst bij hun geschiktheid (zoals bedoeld in de wet financieel toezicht):

"Om te waarborgen dat de besluitvorming binnen de onderneming op een evenwichtige en consistente wijze plaatsvindt, wordt van een beleidsbepaler geschiktheid verwacht op de volgende aspecten (niet limitatief): 
• meewegen van alle betrokken belangen;
• schriftelijk vastleggen van de uitkomsten van besluitvorming; 
• expliciteren op grond van welke overwegingen een besluit is genomen; 
• uitvoeren van een risico-analyse met input van diverse betrokken belangen; 
• informeren van klanten en stakeholders over de voor hen meest relevante zaken die de besluitvorming beïnvloeden; 
• maken van duidelijke keuzes en gemotiveerde doelstellingen en blijk geven van voldoende afweging van alternatieven; 
• consistent handelen in lijn met doelstellingen en gemaakte keuzes; 
• onder (veranderende) omstandigheden gemotiveerd afwijken van genomen besluiten."

Mooiste redeneringen
Wat ik één de mooiste redeneringen vond was het geijkte marktargument: je kunt niet met te weinig geld de markt op want dan vind je niet de goede mensen. Los van het feit dat Wawoe dit al vakkundig had ontzenuwd, is het zo dat op dit moment de financiële sector überhaupt geen markt te noemen is. ECB en FED bepalen de rentestand en de rest van de sector probeert zo goed mogelijk de nieuwe regels in te voeren. We zitten in een laatste pruttelrestje groei en dat moet de vraag doen stellen of je dan wel mensen nodig hebt voor wie geld het belangrijkste is bij de te maken keuze. Alleen al die voorkeur maakt dat je de verkeerde mensen op het verkeerde moment zult benoemen. Dit tijdsgewricht vraagt om ander soort leiders.

Daarmee zijn we dan ook direkt bij het hoofdprobleem. Juist de regels rond geschiktheid en betrouwbaarheid van bankbestuurders maken dat in een te klein cirkeltje mensen wordt gekeken naar geschikte kandidaten om in de RvC van een bank te zitten. Vervolgens gaan die mensen in hun old-school modus verder met doen wat ze altijd deden: het bestuur dekken, de kant van de aandeelhouder kiezen. De realiteit van de recente financiële crisis en fundamentele gedragswijziging die dit vergt is bij hen niet doorgedrongen. En dat kun je zien. Daarmee veroordeelt de banksector zichzelf tot een versnelde neergang wegens gebrek aan lucht, open structuren en voeten op de grond.

Tegelijkertijd was ook te zien dat de heren uitermate verbaal vaardig en boerenslim sensitief zijn. Ze zetten een milde vorm van nederigheid neer maar ook het verhaal dat ze het niet anders zouden kunnen of willen. In feite zeiden ze dus tegen de Tweede Kamer: je kunt de boom in met het gevraag naar ethische afwegingen; wij maken de onze (in onze eigen realiteit) en laten ons de wet niet voorschrijven.

Het vervolg
Ik denk dat er, net als anderhalf jaar geleden, geen meerderheid in de Tweede Kamer bestaat om alsnog een amendement aan te nemen dat de loonsverhoging (in verband met de bonuscap) verbiedt. De verontwaardiging zal groot zijn en het verbale geschut zal uit de kast worden gehaald, maar de aandacht zal zich vast verleggen naar wat Minister Dijsselbloem allemaal wel en niet gedaan heeft. Ook die zal uiteindelijk met een welgetimed sorry uit het debat komen.

Als laatste nabrander komt dan de FNV met een petitie op 20 april en dat zal dan wel het einde zijn van een zeer terechte, zeer juiste en tegelijk hoogst onbevredigende episode in de Nederlandse bankgeschiedenis met het motto:
         All animals are equal, but some animals are more equal than others.


woensdag 1 april 2015

Verbazing over top ABN AMRO die de bancaire eed en tuchtrecht de doodsteek geeft

Zoals zo vaak bij politieke relletjes, moet je weten waar je moet kijken. In de zooi die ABN AMRO heet wordt nu door ABN AMRO een nieuw hoofdstuk geschreven met de titel: 'Moddersmijten en verongelijktheid'. En tegen die werkelijkheid kan geen toneelstuk op.

Bankiers schuilen achter de rug in plaats van in de wind te staan
Waar iedereen zich nu afvraagt of Dijsselbloem nu wel of niet heeft toegezegd dat hij de salarisverhoging zou steunen verbaast het me dat niet wordt gekeken naar de essentie: de top van de bank probeert te duiken voor een maatschappelijke discussie en de eigen verantwoordelijkheid door met de Minister af te spreken dat die hen in parlement en publieke opinie rugdekking gaat geven over bonustoekenningen.

Daarmee toont ABN AMRO zijn ware gezicht: er is geen greintje eigen moraliteit en zelfdiscipline aanwezig en men verschuilt zich achter elk soort gelegenheidsredeneringen dat maar te vinden is. Boeiend is dat men intern vindt in zijn recht te staan en het zelf geoorloofd is om die verongelijktheid vorm te geven door met modder te gaan gooien naar de Minister van Financiën.

Dat moge dan spannende discussies in het parlement opleveren, feit blijft dat kennelijk de top ook snapte dat de salarisverhoging maatschappelijk ongepast was en doelbewust besluit om zich daar niets van aan te trekken (en in te dekken bij de Minister).

De doodsteek voor de eed en het tuchtrecht
Het voorbeeldgedrag dat hier tentoon wordt gespreid is effectief de doodsteek voor de eed van de financiële sector en het tuchtrecht, die vanaf vandaag officieel in werking treden. Het is zonneklaar dat de top van deze bank de maatschappelijke discussie niet aanvoelt en niet open zélf tegemoet treed, maar probeert te duiken achter de rug van anderen.

De verantwoordelijke commissaris voor beloning is daarbij afgetreden, in naam omdat hij vond dat hij de maatschappelijk ophef verkeerd had ingeschat, maar intussen blijft hij stug volhouden aan tunnelredeneringen waarin de beloningen terecht zijn. Hij was het al niet eens was met het feit dat een veel hogere bonus eerder al geschrapt was.

Kortom, terwijl op lager niveau van de bank mensen zonder pardon worden ontslagen en onderworpen aan tuchtrecht onder de eed, is duidelijk dat alle toekomstige discussies en zaken rond eed en tuchtrecht vooral bedoeld zijn om het lagere volk te dresseren terwijl het hogere bancaire volk zich volstrekt in het eigen gelijk wentelt, met modder smijt en zich aan de eigen verantwoordelijkheid blijft onttrekken.

Ongelofelijk jammer
Dat de eerstvolgende bancaire affaire in Nederland uit de hoek van ABN AMRO zou komen kon voor iedereen al langer duidelijk zijn (zie deze voorspelling van begin 2014), maar het blijft ongelofelijk zonde dat een sector die op allerlei lagere niveaus oprecht zijn best doet om het beter te doen, zo door een paar in groupthink wonende, disfunctionerende bestuurders te kakken wordt gezet.


zaterdag 21 maart 2015

Verbazing over verkiezingsuitslag Provinciale Staten of niet?

Ik heb me toch een beetje verbaasd over de verkiezingsuitslag Provinciale Staten van deze week. Ik vermoedde dat we toch een verdere polarisatie zouden zien en winst voor Wilders. Wat er feitelijk gebeurde lijkt echter het uitgestelde demasqué van de PvdA te zijn, dat zich afspeelt tegen de achtergrond van de ontzuilde en gecommercialiseerde politieke markt.

Verkiezingen 2012: gedreven door antipathie
Onze vorige Tweede Kamer verkiezingen mondde gaandeweg uit in een strijd tussen VVD en PvdA. De kiezer rekende af met het CDA en vluchtte naar de zijkanten van het politieke spectrum. Veel van de dynamiek werd daarbij bepaald door antipathie. De linksen wilden voorkomen dat de VVD de grootste werd en de rechtsen dat de PvdA de grootste werd. Daarmee zagen beide partijen er groter uit dan hun feitelijke aanhang was.

Inmiddels zijn we twee jaar verder en is iedereen gewend aan de ongelukkige samenwerk-constructie tussen links en rechts. De kiezers van PvdA zijn daarbij misschien wel meer gedesillusioneerd geraakt dan die van de VVD omdat de PvdA zo nadrukkelijk het eerlijke verhaal had gepositioneerd bij de verkiezingen. Daarnaast is de netto afdronk van het beleid tot nu toe meer negatief op PvdA punten (een onzinnig leenstelsel, over de muur gegooide zorg naar gemeenten) dan op VVD punten (hypotheekrente aftrek heel langzaam afbouwen).

Provinciale Statenverkiezingen: terugkomen op het oude honk
De Provinciale Statenverkiezingen van dit jaar boden bij uitstek de gelegenheid bieden om een correctie aan te brengen op de stem van 2015. Kiezers hebben gezien dat zowel Samsom als Rutte vastgeplakt zitten aan de macht en aan elkaar. En konden zonder al te grote gevolgen (de coalitie moet toch al onderhandelen om de Eerste Kamer een meerderheid te krijgen) hun echte stem laten horen.

De verkiezingsuitslag lijkt te tonen dat de spijtoptanten die voorheen PvdA en VVD stemden nu terugkeren op hun honk. Daarbij krijgen de SP en D66 wat extra stemmen als tegenstem van de coalitie. In de kern resteert daarmee een landschap waarin voor CDA, PvdA, VVD, SP, D66/GL en PVV een hoeveelheid van circa 20 stemmen normaal is. De rest danst er wat omheen.

Meest opvallend vind ik verder dat de polarisatie die onder de vorige Tweede Kamer uitslag leek te liggen nu tot staan is gebracht. Het CDA neemt weer de middenpositie in en de polarisatie naar de flanken is gestopt. Het PVV-effect is wel uitgewerkt en de rol van Wilders is nu officieel die van de irritante nar in de Nederlandse politiek. Altijd goed voor een kwinkslag waarin een kern van waarheid zit, maar het blijft een nar.

Sinds wanneer hebben we de nieuwe normaal eigenlijk?
In diverse discussies na de Statenverkiezingen van deze week (ook vanmiddag weer in Kamerbreed) werd ook al geobserveerd dat er een nieuwe normaal ontstaat waarin er zes partijen even groot lijken. Wat mij opviel bij de discussie is dat er te weinig wordt gezien dat de tijd van grote blokken eigenlijk al langer geleden is verdwenen.

Laten we eens kijken naar de tabel met 2e kamer uitslagen (en 2015 PS ingevoegd)

1998 2003 2006 2010 2012 2015
CDA 29 44 41 21 13 23
PvdA 45 42 33 30 38 16
SP 5 9 25 15 15 18
D66 14 6 3 10 12 20
GL 11 8 7 10 4 8
VVD 38 28 22 31 41 25
PVV(LPF)CD 0 8 9 24 15 18
Unie55/AOV/PvdD 0 0 2 2 4 11
CU 5 3 6 5 5 7
SGP 3 2 2 2 3 4

Naast de PvdA kwam de SP op, naast de VVD kwam lijst Fortuijn, LPF en PVV en naast CDA kwamen D66 en GroenLinks in beeld. Deze ontwikkeling is echter door uiteenlopende omstandigheden gemaskeerd:
- in 2003 was er het Balkenende effect: temidden van crisistijd een zucht naar de zekerheid zoeken bij CDA
- in 2006 was er voor D66 het effect van de kabinetscrisis, waardoor de partij kleiner leek en SP kon profiteren,
- in 2010 waren de kiezers helemaal klaar met het CDA en Balkenende en schoven de stemmen flink naar rechts richting Wilders.

Mijn analyse zou zijn dat we door de combinatie ontzuiling, consumentistisch gedrag en een kiezer/politiek die zich richt naar het economisch frame van de politiek als een winkelitem feitelijk al vrij lang in een situatie zitten van een permanent heen en weer klotsen van kiezers tussen de zes bovengenoemde polen: CDA, PvdA, VVD, SP, D66/GL en PVV. Intussen blijft aan de zijkanten de kiezer honkvast op niet-ontzuilde idealen: SGP, CU en themapartijen voor ouderen/dieren.

Naar een nieuwe politieke aanpak en werkwijze?
Een boeiende vraag is of dit nieuwe spectrum van zes ijsschotsen met stemmers nu ook in de Nederlandse politiek gaat vragen om een andere aanpak, andere inrichting van kamers, verkiezingen enzovoorts?

Mij lijkt van wel, met name omdat de politiek zich de afgelopen jaren van een zo'n incidentgerichte en pragmatische kant laat zien. Alle onderwerpen kunnen onder het motto landsbelang tegen elkaar uitgeruild worden en het is echt niet (meer) te voorspellen of een partij een bepaald verkiezingspunt echt vasthoudt of toch uitruilt.

In zo'n veld van zes politieke kampen die allemaal met elkaar afspraken kunnen maken, uitruilen en wegonderhandelen kunnen we natuurlijk gewoon doorgaan op de onbevredigende weg van media-verkiezings-gekakel en politieke Miss-verkiezingen. Elke stem op één van de zes middenpartijen is daarbij in potentie uitruilbaar. Tenzij er natuurlijk meer duidelijkheid vooraf bestaat over mogelijke samenwerkingen over concept-regeerakkoorden ná de verkiezingen.

Ik kan me bij zo'n nieuwe benadering wel wat voorstellen en moedig de partijen graag aan om die weg te bewandelen. Zo'n werkwijze sluit ook beter aan bij de rol die Parlement zichzelf rond de formatie heeft toegeeigend. Er hoeft dan niet lang door Parlement worden gebakkeleid over wat de uitkomst van de verkiezingsuitslag betekent: de kiezer koos met de partij ook voor een voorkeurs-samenwerking.

Zou dit ook gaan gebeuren?
Ik ben benieuwd. Zeker is wel dat de PvdA voorheen vanuit eigen gepercipieerde kracht weigerde om voor de verkiezingen duidelijke uitspraken te willen doen over al dan niet samenwerken met andere linkse partijen. Wellicht is dat bij de volgende verkiezingen (en de ongetwijfeld nieuwe leider van de PvdA op dat moment) nu anders.

woensdag 18 maart 2015

Verbazing over gestuntel en kortzichtigheid van coalitie rond de Statenverkiezingen 2015

Ik herinner het me nog goed. Het waren de vorige Tweede Kamerverkiezingen en er was weer een verkiezingsdebat op tv. Zo'n debat dat me nog lang bleef heugen. Niet zozeer omdat Rutte 1000 euro beloofde, want dat was toen al een evidente leugen. Nee, het ging om zijn uitspraak rond het hebben van een meerderheid in beide Kamers. Gevraagd naar voorkeuren voor samenwerking gaf hij aan dat hij een coalitie wilde smeden die in Eerste en Tweede Kamer een meerderheid had, want dan kon je goed regeren. Ook breed draagvlak was belangrijk, gezien de uitdagingen waar het land voor stond.

Het leek me toen een mooi vooruitzicht: een partij die met oog voor het benodigd draagvlak de zaken in Nederland aan gaat pakken. In de praktijk toonde zich echter al snel de kortzichtige, machtsbeluste symbiose van VVD en PvdA. Ik blijf me daarover verbazen.

De werkelijkheid: Minderheidscoalitie in Eerste Kamer en alternerende gedoogpartijen
De rode potloden waren nog maar amper opgeborgen of er ontspon zich een uitermate onvruchtbare dynamiek waarin Samsom en Rutte zich samen rijk rekenden. Dankzij hun tweestrijd hadden ze bij toeval een Tweede Kamer meerderheid gekregen en zo ontstond een onverwacht perspectief om toch te gaan regeren, zonder breed draagvlak. Door de juiste partijen te kietelen en kruimels toe te werpen zou het vast ook moeten lukken om in de Eerste Kamer draagvlak te vinden voor hun beleid.

Mijn analyse na het regeerakkoord was dat deze coalitie in splendid isolation een regeerakkoord vol  illusiepolitiek heeft neergezet met te weinig zicht op het draagvlak in de samenleving. Nadien heeft de coalitie daarop tal van reparaties gepleegd: samenwerkingen met middenveld en gedoogafspraken met de constructieve drie, maar dat neemt niet weg dat in de kern van de zaak deze coalitie heeft nagelaten de werkelijke verbinding te zoeken met samenleving en andere politieke partners.

De dooddoener is telkens: we zijn het als coalitie niet met elkaar eens maar het land moet nu eenmaal geregeerd worden. Daarmee wordt elk onderwerp op adhoc basis uitruilbaar en ons nationale beleid een grabbelton die vooral de politieke instabiliteit reflecteert en minder beleidsconsistent is.

Helemaal schrijnend is het dan om vervolgens de coalitiepartijen zich tijdens deze Statenverkiezingen op de borst te zien kloppen dat dankzij het beleid en de meewerkende burger de economie nu toch weer opkrabbelt. Eerstejaar economie studenten weten al dat dat vooral het effect van onze open economie is en niet onze eigen verworvenheid.

De Provinciale Statenverkiezingen van 2015
Terug naar de verkiezingen van nu. Het lijkt erop dat vandaag het draagvlak van de coalitie nog smaller wordt en de steun van de 'constructieve drie' partijen niet meer genoeg zal zijn. De coalitie moet dus hetzij CDA, hetzij Groen Links erbij paaien (of geluk hebben dat de SP het inhoudelijk eens is met een zeker voorstel). Beide fristiboys Rutte en Samsom hebben al aangegeven dat ze hoe dan ook door zullen gaan, dus het is duidelijk dat zij in de puzzel/adhoc modus blijven zitten om op het pluche te blijven.

Wat mij echter verbaast is de kortzichtigheid van het duo. Je kunt als je het regeerakkoord maakt toch op de kalender zien dat ergens in 2015 de samenstelling van de Eerste Kamer gaat veranderen door de Provinciale Statenverkiezingen. En je kunt je toch realiseren dat een periode van grote wijzigingen in de economische structuur vraagt om een breder draagvlak dan een enkel zeteltje extra in de Tweede Kamer en een op-hoop-van-zegen gedoogconstructie met andere partijen? Dat had toch reden kunnen zijn geweest om met een bredere coalitie te gaan werken?

Nog verdere polarisatie en slecht voorbeeld
Ik irriteer me mateloos aan de 'iemand moet het land toch regeren' benadering van deze coalitie. Met verbale acrobatiek, misplaatste afstandelijkheid, en handige gelegenheids-rekensommen wordt zogenaamd regeringsverantwoordelijkheid genomen. In werkelijkheid zijn de coalitiepartijen echter vooral op gelegenheidsbasis hun macht aan het consolideren.

Zo ontstaat de paradoxale constellatie waarin op grond van de verkiezingsuitslag van vandaag er door de coalitie hard samengewerkt moet worden en de verbinding meer dan nodig is. Door de manier waarop echter de coalitie vooral vasthoudt aan de macht en niet echt het oor te luisteren wil leggen, wordt echter de polarisatie in onze samenleving verder gevoed.

Wat de Nederlandse coaltie c.q. politiek daarmee en passant aan de kiezer leert is dat OK is als je, zodra je de macht hebt, de wereld met oogkleppen op en weinig oog voor de maatschappij, naar je hand zet. Een les die, blijkens de recente integriteits-incidenten, ook inderdaad goed opgepakt wordt.

Nog steeds tijd voor de Nederlandse lente
Intussen blijf ik, wellicht tegen beter weten in, nog steeds hopen dat er een kentering mogelijk is en we dit voorjaar het begin gaan zien van een Nederlandse lente.

Verbazing over misplaatste efficiency-drive voor waterschappen

Zojuist heb ik met veel genoegen mijn democratische rechten uitgeoefend. Ik verbaasde me bij de  de voorbereiding daarvan nogal over de talloze efficiency en kostengedreven onzin die partijen rond waterschappen debiteren. Ik kan me niet vinden in de netto-conclusie van veel partijen dat die waterschappen moeten samengaan, fuseren of opgeheven moeten worden en zal u uitleggen waarom.

De aard van het waterschap: lokaal
In de kern van de zaak is een waterschap een lokale aangelegenheid. Dat is al eeuwen zo want je hebt ogen en handen op de grond nodig om snel ter plekke te zijn, de situatie te kennen en in te kunnen grijpen als dat nodig is. Die plaatsgebonden lokaliteit heeft ertoe geleid dat in de kern de bestuursstructuur van de waterschappen al eeuwen hetzelfde is. En hoeveel techniek of intelligentie je er ook tegen aansmijt, het is mijn overtuiging dat het lokale karakter in de kern aanwezig moet blijven.

De efficiency-fictie van de politiek
Gedreven door financiële noodzaak trekt de politiek op gezette tijden (en vooral als het wat slechter gaat) de efficiency kaart. Bestuurslagen moeten samengevoegd, opgeheven enzovoorts want het kan allemaal stukken efficienter. Het is dezelfde lariekoek als je in het bedrijfsleven ziet bij almaar fuserende organisaties. Ze geven hoog op van de efficiencyvoordelen maar onderzoek nadien wijst uit dat het geen bal uitmaakt, sterker nog: de organisaties worden duurder, stroperiger en het beoogde voordeel wordt niet gehaald.

Ook in de politiek is dat het geval: het onderzoek naar de privatisering toonde aan dat de natte efficiency-wensdroom van de politiek de leidende factor was in de discussie, welke volstrekt niet gerealiseerd is.

Hoe lokaler hoe beter
U zult niet verbaasd zijn dat ik voor het waterschap lokaal gestemd heb. Een partij die alleen in mijn waterschap actief is en zijn sporen verdiend heeft in het organiseren van lokale discussies en oplossingen. Het zal echter vrees ik, geen zoden aan de dijk zetten.

Bij het merendeel der politici is de kracht van de efficiency-fictie groter dan de realiteitszin. En de prijs daarvoor betalen we op een onbestemd moment in de toekomst waar we ontdekken dat het wegsnijden van lokaal reactie- en organisatievermogen voor een intrinsiek en fysiek lokale problematiek toch minder verstandig was.

maandag 9 maart 2015

Verbazing over VVD-uitglijers rond allerlei bonnetjes...

Vandaag mochten we ons vierdubbel verbazen over justitiële bonnetjes. Wat mij daarbij verbaast is dat het zo lang heeft moeten duren voordat Rutte besloot om de stuntelaar Opstelten aan te moedigen ontslag te nemen. Daar was natuurlijk al veel eerder reden toe. Verheugend is daarentegen dat we nu in Nederland toch een wat betere moraal krijgen rond bonnetjes.

Laten we de bonnen van vandaag en vorige week maar eens doornemen:
1. Allereerst waren daar de politie-mensen die minder vaak gingen bekeuren als onderdeel van een loonsonderhandeling.
2. Vervolgens kwamen we te weten dat VVD-raadslid Hooijmaijers vier jaar cel tegen zich hoorde eisen wegens te lichtvaardig omgaan met bonnetjes en toegestopte gelden.
3. Dan hadden we natuurlijk ook afgelopen vrijdag de hogere straffen nog vernomen die in de vastgoed fraude zaak zijn uitgesproken tegen bouwmannetjes, notaris etc voor valse bonnen en facturen
4. Er kwam op het Ministerie van Justitie een printscreen boven water die toch bevestigde wat eerder was ontkend: er is bijna 5 miljoen uitgedeeld aan crimineel Kees H in plaats van de 2 miljoen die gecommuniceerd werd met de kamer. Opstelten en Teeven stapten vervolgens op.

Er zal van alles in gang worden gezet. Het meest opmerkelijke zal daarbij zijn dat ook nu weer de reflex van Rutte om oude vriendjes (Opstelten) te beschermen als ze in opspraak raken morgen in de kamer licht bijgesteld zal worden. Ik verwacht dat Rutte (wederom, net als bij Verheijen) zal aangeven dat hij dat misschien niet had moeten doen.

Zo sleept dit kabinet zich voort van incident naar incident totdat straks de cello-tape op is en daarmee ook de geloofwaardigheid van windvaantje en fristiboy Rutte. Maar goed, laten we eerst eens kijken hoe consistent de burger reageert bij de komende verkiezingen.

zaterdag 7 maart 2015

Verbazing over onderzoek prominenten naar invoering euro

Ik verbaas mij heftig over een hele serie prominenten die een enquete willen houden over de invoering euro en hoe het allemaal zo gekomen is. Het enige waar ze wat mij betreft prominent in zijn is hun klaarblijkelijke onvermogen om zelf onderzoek te doen, te googelen en zich een mening te vormen.

Deze oude heer heeft zelf dat aloude zoekwerk al in een verder verleden gedaan omdat hij zich er zo aan ergerde dat alle politici (en wellicht ook prominenten) weigeren het echte verhaal te vertellen over Europa, de euro en het feit dat we als Nederland gewoon weinig keus hebben.

Mijn blog hierover kunt u hier lezen en bevat lezenswaardige verwijzingen naar kamerstukken en analyses die we destijds allemaal hebben willen negeren. Misschien aardig om eens te bekijken voor u allerijl petities gaat tekenen naar overbodig onderzoek.

zaterdag 28 februari 2015

Verbazing over windvaantje Rutte, integriteit en de casus Verheijen

Ik zat wat weken terug in de auto toen ik het duo Rutte en Zijlstra elk afzonderlijk het integriteits-incident rond Verheijen hoorde bagatelliseren. Het verbaast me dat de houtrot in de VVD zo diep zit dat zelfs deze twee ervaren bestuurders (die zich als een paling in een emmer snot overal uitwurmen) zich verlieten op zo'n old school bestuurlijke rugdekkingspoging voor één van hun makkers. En in eerste instantie ook Verheijen zelf nog dacht het vege lijf met een half excuus te kunnen redden.

Actie is reactie
Eens te meer bleek dat in dit media tijdperk je geen kruimels meer onder het vloerkleed kunt vegen. Van de weeromstuit leidde het downplayen van Rutte c.s. tot een tegenreactie. Een advocaat begon namens een door Verheijen benadeelde ondernemer een rechtszaak om eens verder te gaan over mogelijke steekpenningen. En zo etterde het geval door en kwam er steeds meer informatie boven water.

De top-VVD-ers beseften zich ook opeens dat ze eigenlijk gewoon de bal eerst hadden moeten doorspelen naar de met veel bombarie neergezette commissie Integriteit. En die heeft inmiddels zijn rapport af. Leest u gerust zelf ook even mee:


De meest bizarre frase in het rapport Integriteit vond ik die waarin de Commissie constateerde dat er van overtredingen of ernstig verwijtbaar handelen met betrekking tot die declaraties niet is gebreken. Het is soort Orwelliaanse kromspraak die de strekking lijkt te hebben: 'hij bedoelde het goed' of 'het is niet zo erg allemaal' terwijl drie zinnen later evident is dat Verheijen in strijd heeft gehandeld met het toetsingskader. Het is zoiets als zeggen: nee hoor, wij hebben rond die diefstal geen overtreding geconstateerd, maar constateren wel dat ie in strijd is met het Wetboek van Strafrecht. Onbegrijpelijk.

De mooiste passage vond ik die op pagina 9 over het Skutjeszeilen. Verheijen gaat gewoon midden in de zomer lekker een dagje op stap, neemt de dienstauto mee om in de slipstream van partijgenoot Nijpels op één dag 'diverse bijeenkomsten' te bezoeken en "bestuurders en betrokkenen' te ontmoeten. Wat me een prachtige eufemistische en correcte beschrijving lijkt van een dagje meedrinken en feesten als hoveling van bobo Ed Nijpels. Diverse bijeenkomsten bezoeken en veel bestuurders en betrokkenen ontmoeten: een frase om te onthouden.

Snel afserveren wegens de verkiezingen
Hoezeer ook door feiten geschraagd: in het rapport van de Commissie Integriteit wordt duidelijk dat snel en vakkundig op grond van voldoende feiten het kamerlid Verheijen wordt afgeserveerd. Het speciale verzoek van de partijvoorzitter om niet nog eens extra feiten te gaan onderzoeken die bekend zijn geworden is wat dat betreft ook zeer markant. Met minimale inspanning wordt strijdigheid met integriteitskader geconstateerd en dit verweten waarna het bloedende slachtoffer in het publiek weer snel terug op het bord van het hoofdbestuur wordt gelegd.

De onderliggende boodschap in het rapport is luid en duidelijk en Verheijen is dan ook inmiddels geheel zelfstandig opgestapt en mag (op zijn wachtgeld?) wachten op de rechtszaken en onderzoeken die nog komen gaan. Ongetwijfeld wil de VVD nog voor de Statenverkiezingen dit akkefietje in haar voordeel ombuigen. Wie weet gaat dat lukken, maar mij fascineert vooral wat er niet gebeurt en gevraagd wordt.

Hoewel het dossier Verheijen hiermee dan gesloten lijkt, lijkt me dit akkefietje juist het begin van een onderzoek met vele vragen:
- waarom blijft de VVD per incident spelen en wordt dit akkefietje niet gezien als startpunt van een breder onderzoek intern onder alle partijleden met dubbelfuncties?
- wat weet Verheijen van Rutte en Zijlstra dat ze hem zo snel zo ongeclausuleerd in bescherming namen (of in welk hockeyteam/bierdrinkclubje heeft ie met hen gezeten?)
- laat de kiezer Rutte met zijn volstrekte gelegenheids-excuus en tournure (eerst steunen, vervolgens snel afserveren) wegkomen?
- hoe diep zit de houtrot in de VVD werkelijk en hoe lang blijft dat onopgemerkt?

De VVD bepaalt de integriteits-standaard
Ik herinner me nog, een paar jaar geleden het verhaal van Reij. Rutte zette zich toen ferm en fier als leider neer. De VVD moet de integriteits-standaard in de politiek neer gaan zetten. Welaan, dat is gelukt en op meer dan één manier zou ik zeggen. Dat Rutte daarbij als een opportunistisch windvaantje draait hoeft eigenlijk niet meer te verbazen. Toch verbaast het me dat hij met dit soort opportunisme weg blijft komen.

Het eind van het verhaal wordt uiteindelijk natuurlijk volgende. Alhoewel Verheijen is afgebrand in de publieke sector, landt hij via de VVD-bestuurderscarrousel uiteindelijk (als die rechtszaken niet tot teveel gelazer leiden) via één van zijn contacten bij een private organisatie waar hij dan vast als oliemannetje gevraagd wordt om diverse bijeenkomsten te bezoeken en veel bestuurders en betrokkenen te ontmoeten.

Wat mij betreft: ik zie die Nederlandse lente nog steeds zitten.

Tussentijdse verbazing over pittig griepje in den lande

Had u dat ver-van-mijn-bed gevoel ook, toen u het bericht las dat de griepprik dit jaar niet werkte? Of het bericht dat er uit Amerika een zware griep naar ons onderweg was? Ik vond het wat zielig voor al die ouderen die meer gevoelig zijn voor griep, maar het leek me verder non-nieuws.

Inmiddels weet ik beter: dit is een serieuze griep die nu rondwaart. Deze oude heer was oprecht verbaasd door de enorme impact en hoopt dat ie-u bespaard blijft.

Zomaar wat verschijnselen.... 
Na afgelopen maandag een wat koeler dagje buiten en binnen te hebben doorgemaakt brak een serieuze griep door. Het begon met gesnotter bij de neus en nam al snel bezit van het hele lichaam. Twee dagen lang rillingen en niet in staat de eigen temperatuur te reguleren. Veel dorst 's nachts en veel zweten. Veel water drinken, paracetamol om de hoofdpijn weg te drukken. Gecontinueerd gehoest (een soort parasiterende verkoudheid lijkt namelijk te profiteren van de afgenomen weerstand). Enorme spierpijn. Vermoeidheid die zo'n beetje na een paar uur toeslaat en je probleemloos overdag weer enkele uren knock-out doet slapen. Darmsysteem volkomen ontregeld. Licht in het hoofd en duizelig. En een quotum van 5 a 6 echt functionabele uren per dag.

Griep-je?
Ik besef me nu dat waar ik vroeger ooit zei dat ik een griepje had gehad, dat meestal varianten zijn geweest van verkoudheid. Inmiddels ben ik bijna een week onderweg en enigszins aan de beterende hand. Maar al is deze influenza-jakhals (A/H3N2 om precies te zijn) in Vlaanderen al wel op zijn retour, hij tiert nog welig in Nederland.

En voor al wie dit blog rillend vanaf een schermpje lezen: pittig dingetje, deze griep, nietwaar?
Ziehier de RIVM-pagina over Griep.



vrijdag 20 februari 2015

Verbazing over big data - privacy - bank hype en verslappende aandacht

Ik verbaas me erover dat, als de vlag juist hangt, iedereen in Nederland en de media over elkaar heen buitelt wat betreft de privacy data van klanten die bij banken in het gevaar is terwijl inmiddels intussen:
- Opstelten gewoon tegen de rechten van de mens in, alle verkeersdata wil blijven opslaan,
- de simkaarten van jan en alleman al lang geleden gehackt en afluisterbaar zijn,
- ING Bank zachtjesaan gewoon doorgaat op de big data weg.

ING app over bezuinigen: handig bedachte data-collectie
Wat de ING betreft: die hebben een uitermate handige big-data actie lopen. Alleen hij wordt niet herkend door de media. Wat is namelijk de grootste uitdaging voor elk marketeer: hoe weet je wat de klant zoal doet als hij niet jouw produkt gebruikt?

Met de ING app 30-dagen meer geld overhouden challenge mag je bijhouden wat je zoal uitgeeft, waaraan en krijg je tips en advies hoe je dat in de perken kan houden. Daarmee doet ING een prachtige steekproef onder haar klanten en wordt voor hen duidelijk welk percentage van de betalingen ze al wel binnenboord hebben en welke betalingen nog op een andere manier worden gedaan.

Het is handig bedacht en zowel mooi meegenomen voor de klant (die kan bezuinigen) als de bank (die klantinfo krijgt die anders lastig in te kopen is).

Hallo eerder verontwaardigden... wakker blijven...!
Ik vind het slim bedacht van ING en het is ook uit hun zoektocht naar stagaires op dit gebied duidelijk dat ze full swing doorgaan op het big data pad. Om allerlei reden is dat natuurlijk ook hun goed recht, maar wat mij dan verbaasd is dat het thema privacy, als het zich in andere vormen aandient, kennelijk opeens veel minder hip en sexy is.

Wat dat betreft kon ik mij eerder deze week enorm vinden in de column van Kustav Bessems bij BNR die het ook opviel dat politici en Ministers vooral in beweging komen als er voldoende media-ophef is over onderwerpen en niet zozeer op grond van de zaak zelf.

Het is tekenend voor slappe hap democratie die we hier in dit land hebben. Politici (en soms ook media)  rennen dol achter elkaars lauwe scheten aan, slaan zich op de borst bij misplaatste stoere moties ('geen geld meer naar Griekenland') en missen compleet het benul om naar de bal te blijven kijken.


dinsdag 3 februari 2015

Verbazing over Drastische Draghi en Griekse boter op hoofd van Europese politici

Alweer bijna 5 jaar geleden schreef ik over Ben Bernanke en kwantitatieve verruiming die hij startte om de Amerikaanse economie een slinger te geven. Ik vroeg me af of hij briljant was of blunderde en zijn vingers zou branden en wees op het fundamentele verschil tussen de Amerikaanse centrale bank (meer genegen gas te geven) en de Europese (meer passend in de Duitse traditie).

Sinds vorige maand is dat verschil wat minder geworden en mag ik me verbazen over Drastische Draghi. Hij grijpt naar kwantitieve verruiming, wetend dat het niet de oplossing is. Maar hij heeft, naar zijn gevoel kennelijk, geen keuze want hij zit opgescheept met  Europese politici die nog steeds boter op hun hoofd hebben wat betreft de situatie in Griekenland.

Kernprobleem: wanneer en hoe schrijven we af?
Wat de Europese politici destijds rond de acceptatie van Griekenland in de Eurozone hebben gedaan was net zo dom als de overname van ABN AMRO door een gelegenheids-consortium van wankele partners. Gegrepen door overmoed werd een monetaire inlijving geaccordeerd die financieel technisch als een tang op een varken sloeg. De deskundigen wisten het allemaal, maar de 'leiders' hadden aan die inzichten geen behoefte. Die waren met een grand scheme bezig. Hubris. Overmoed. De prooi.

De pijn van de overmoed is in de financiële wereld intussen steeds meer genomen. Er zijn fikse bedragen afgeschreven aan nutteloze investeringen uit het verleden. Maar in de Eurozone doen de politici alsof hun neus bloedt. Ze houden met een fikse portie boter op hun hoofd vast aan de fictie dat het een gedegen keuze was om Griekenland erin te laten. Dat was het echter niet en er is geen reden waarom zij zelf ook niet als politici zouden afschrijven op die zaak.

Financiële geschiedenis wijst naar Brady bonds...
Als je een blik terug werpt in de financiële geschiedenis is het interessant om de jaren 30 te pakken, zeker gezien de inflatie-discussie en kwantitatieve verruimingsvragen. De jaren tachtig en het brady-bond construct zijn echter veel relevanter. Het is zonneklaar dat de route vooruit niet ligt in doormodderen in Europa met politici die hun kop in het zand steken. Er moet een leider opstaan die uitlegt dat QE niet de oplossing is en dat politici door de zure appel heenbijten.

Draghi is die leider duidelijk niet. Hij had simpelweg de poot stijf moeten houden en de politici moeten wijzen op de meer zinvolle route van afschrijvingen van schulden. In plaats daarvan geeft hij de verslaafde economie nog eens een biertje erbij. Iedereen weet dat dat - bij een zekere mate van dronkenschap - echt geen zoden meer aan de dijk zet. Hooguit wordt de economie comateus.

De Grieken: alfa en omega
Waar het monetaire plot van Europa startte met de politieke uitglijders rond Griekenland, is het niet meer dan passend dat het ook het begin vormt van de volgende ingrijpende kanteling in Europa. De Griekse kiezer voelt aan zijn klompen aan dat ze door elitaire politici van Europa aan een fictieve deal worden gehouden die niet eerlijk is. En het antwoord is/was: we doen niet meer mee, tenzij jullie een deel van de last op je nemen (en een deel van de schuld dragen).

Zoals al gezegd: er is monetair/financieel technisch alles voor te zeggen om richting Europese Brady Bonds te gaan en het zou zomaar kunnen zijn dat dat ook precies is wat de Griekse inzet is bij het rondje hoofdsteden. Hetzij pakken de Europese politici hun verlies (beseffend dat ze eerder overmoedig waren), hetzij worden ze geconfronteerd met een afbrokkelende Europese Unie.

Het is bijzonder cynisch dat waar Draghi gefaald heeft, het nu feitelijk de Grieken zijn die de Europese politici het alfa en het omega zullen gaan leren.

vrijdag 9 januari 2015

Verwarring en verbazing rond de aanslag in Parijs: het kleine doet ertoe

De gewelddadige aanslag in Parijs heeft velen, ook mij, geschokt. Tegelijk viel ik ten prooi aan allerhande verwarring en verbazing over de instant-emotie-reflex die opkwam rond het thema vrijheid. Ik hoorde grote woorden op alle fronten. Mooie woorden, maar het knarste. Over de vraag of 20 doden in Parijs belangrijker zijn dan ruim honderd. En hoe we erin kunnen slagen veel eerder de wakkerheid te vinden die nu pas na de aanslag zo naar voren treedt?

Elk leven is er één te veel
In hetzelfde nieuws waarin het ging over de aanslag op Charlie Hebdo, bleek dat Boko Haram ruim honderd mensen had vermoord. In beide gevallen is het heftig en onnodig geweld, zogenaamd in naam van een religie. Elk leven is er daarbij één te veel. Maar de spin-off en media aandacht van de aanval in Parijs is vele malen groter dan die in Baga, Nigeria.

Nu begrijp ik prima dat het hemd nader is dan de rok en nieuws van dichtbij eerder raakt dan van veraf. Maar het blijft verwarrend. Bij alle aandacht rond de 20 doden in Frankrijk laten mij de gedachten aan die ruim honderd slachtoffers niet los. Wie zorgt er voor hen, wie is solidair met hen, wie gaat er voor hen de straat op?

Waar ligt de grens van verontwaardiging?
Gaandeweg alle herdenkingen over Parijs bekroop mij een ontregelende gedachte. Want het is duidelijk dat met de moorden in Parijs een grens is overschreden die tal van mensen mobiliseert en wakker schudt. Dat is positief, zeker waar het ons doet beseffen dat ons leven en onze vrijheid van meningsuiting zowel bijzonder als broos zijn. En dat we die broze verworvenheden goed moeten beschermen.

Tegelijk vroeg ik me wel af of die wakkerheid en verontwaardiging lang stand gaat houden. Het past bij onze huidige media-logica dat ook publieke verontwaardiging even snel weer opkomt als hij verdwijnt. Ik moest denken aan het verschijnsel dat het publiek onder omstandigheden tijdelijk even de thermostaat lager draait om energie te bezuinigen, om na verloop van tij weer gewoon de kachel op te stoken.

Een andere vraag die me bekroop is of diegenen die al die morele posities innamen, ook diezelfde positie hadden ingenomen rond de publicatie van Tulband cartoons, enige jaren geleden. Of bij de uitgesproken Fatwa tegen Salman Rushdie. Moet het eerst tot een serieuze aanslag komen voordat duidelijk wordt welke waarden we willen koesteren en verdedigen?

Luister, kijk en handel op het kleine en schijnbaar onbetekenende dat wringt
De echte uitdaging lijkt me dat we in een zo vroeg mogelijke fase onderkennen wanneer, waar en hoe een maatschappelijke of sociale kernwaarde wordt bedreigd. Veel meer dan in de evidente gevallen als de moorden in Parijs, dienen we te leren luisteren, kijken en handelen naar het kleine en schijnbaar onbetekenende incident dat wringt.






woensdag 17 december 2014

Verbazing over de kerstboomcrisis.... die maximaal duurt tot het nationale dictee begint

Vandaag was het weer zo'n mooie dag dat je je heikneuter in eigen bloemkolen-land kan voelen. Drie uitgerangeerde PvdA-senatoren besloten om last van hun geweten te krijgen en stemden tegen een wet over de inrichting van de zorg. Ik verbaas me over zoveel lokaal electoraal geneuzel.

Geweten of last-minute profilering?
Het wetsvoorstel gaf aan dat wie geld heeft wel zijn eigen specialist kan kiezen en wie het niet heeft niet. Dat klinkt als een vrije keuze (want voor meer geld hou je vrije keuze) maar voor budgettair beperkten is dat geen keuze. En dus ligt er een verdere tweedeling op de loer.

Een tegenstem in verband met die tweedeling (of anderszins) klinkt mooi en nobel, maar het lijkt me dat dit ingegeven is door kinnesinne over lage plaatsen op kieslijsten en behoefte aan last-minute profilering. Een soort van inkeermomentje rond de reflectieve Kerst.

De reden daarvoor is simpel. Een weldenkend Eerste Kamerlid zou vele malen vanuit de rol van gezonde en hygienische regelgeving (bewaken van de institutie: regelgeving) aan de noodrem moeten trekken. Hoe vaak komt het niet voor dat er wetten worden doorgejast waarvan duidelijk is dat ze constructieproblemen hebben, overmatige bevoegdheden delegeren aan lagere goden danwel gewoon vernietigend worden weggezet door de Raad van State.

Denk aan discussies over sociaal leenstelsel. Dat lijkt me helemaal een toekomstige splijtzwam voor de samenleving. Of over de onzinnige bankierseed voor alle bankmedewerkers. Of allerlei andere variaties op dit thema (zie de jaarverslagen van de Raad van State voor wat er zoal mis is met de doorsnee wetten). Maar op allerlei momenten dat de bal voor de goal ligt hoor je de senatoren niet. Kortom: praatjes voor de vaak.

Repareren midden in de nacht
Dus wat gaan we doen als bloemkolen natie? We gaan gauw bij elkaar zitten, het lek in de dijk repareren in het midden van de nacht. De PvdA senatoren roepen opeens eendrachtig mee te willen werken aan een oplossing en voila, we doen een plas en alles wordt zoals het was.

Hoe mooi dit moment had kunnen zijn: een herbezinning op de rol van de Eerste Kamer. Een kritische blik op hoe we in de Nederlandse politiek te werk gaan. Een Nederlandse lente?

Het zal er niet van komen denk ik.

Deze hele kerstboomcrisis gaat als een nachtkaars uit en morgenavond zitten we gewoon weer allemaal naar het Nationale dictee te kijken.

zaterdag 13 december 2014

Verbazing over vervelende Post.NL portokaartjes, zelfs in de decembermaand !

Vandaag schets ik u een klein stukje praktische verbazing uit de alledaagse werkelijkheid. Het is de verbazing van het moeten betalen voor de troep die iemand anders maakt. En de verbazing over het bedrijf PostNL dat dit kennelijk normaal vindt als uitgangspunt voor commercieel verkeer.

Leest u even mee?

Hoera, post !
Ondanks de ver voortschrijdende technologische ontwikkelingen bestaat er nog iets als ouderwetse post. Toegegeven, het wordt minder en op maandag wordt er daarom al niet meer bezorgd, maar een persoonlijk kaartje of formeel stuk wil nog wel gewoon op de deurmat vallen.

Dit najaar kreeg ik daar een paar keer wat post van PostNL zelf ook bij. Een mooi gefrankeerde kaart met decemberzegel; daar leek mij niets mis mee. Maar jawel, volgens Post klopte die frankering niet en men vraagt doodleuk aan mij om als ontvanger opeens € 1,92 op te hoesten (zie ook de toelichting hier). Dat verbaast op verschillende fronten.


Ten eerste lijkt mij dat die correctie omtrent porto gewoon naar de duidelijk kenbare afzender gestuurd had kunnen worden. En ten tweede lijkt me dat het te betalen bedrag dan het verschil in porto moet zijn en niet een bedrag waarin ook nog administratieve verwerking lijkt te zitten. Dat vinden ze zelf eigenlijk ook, want de website waarop dit betalen allemaal moet gebeuren heet: porteninnen.postnl.nl en niet portenenadministratiekosteninnen.postnl.nl.

Helaas, post !
Wat mij verbaast en irriteert is dat PostNL in haar volstrekte overlevings- en bezuinigingsdrang niet meer de ruimte heeft om onvoldoende gefrankeerde stukken gewoon terug te sturen naar afzenders (met de tekst: onvoldoende gefrankeerd: probeer het nog een keer) maar simpelweg aanneemt dat het juist is om van de ontvanger te vragen om het falen van de verzender te corrigeren.

Daarnaast lijkt me dat in de porti van oudsher ook de administratiekosten van foute aflevering zitten begrepen en afwikkeling van port innen. Door die er doodleuk uit te halen wordt, afhankelijk van fouten van de verzender, de ontvanger dubbelop aangeslagen. De meest rationale consequentie (voor wie niet dubbelop wil betalen) zou dan zijn dat iedereen stopt met frankeren en we allemaal betalen bij ontvangst. U begrijpt: dat gaat niet werken op deze manier.

Nee dus !
Welnu, ik vind het natuurlijk hardstikke leuk om kerstpost te ontvangen, maar als ik per keer dat hetzij de afzender, hetzij PostNL een vergissing maak daarvoor het minimale bedrag van bijna twee euro moet ontvangen dan ga ik mijn NEE-NEE sticker op de deur uitbreiden met een derde NEE.


NEE: ook geen misplaatste achteraf-porto-betaal-kaartjes van PostNL in deze bus gooien.



zaterdag 15 november 2014

Verbazing over de politieke Piet-beeldenstorm tijdens intocht van de Sint

Vanavond luisterde ik naar het nieuws en mocht ik mij weer eens verbazen. In Duitsland was een heftige demonstratie en anti-demonstratie van ultra rechtse ideologen gemoedelijk verlopen. In Gouda daarentegen zijn er grimmige momenten ontstaan en 90 mensen opgepakt. Met name de anti-racisten wilden op het grote plein door het kinderfeestje heen schreeuwen. Het is om je rot te schamen.

Nederland is een mooi land, vol klagers, maar ook een gelukkig land. Zo'n gelukkig land dat we ons de luxe kunnen veroorloven om te gaan soebatten over Zwarte Piet. En begrijp me goed: ik heb geen enkele behoefte om de duistere eerdere pagina's uit onze geschiedenis of cultuur weg te poetsen. Sterker nog, ik kan me talloze nieuwe Piet-varianten voorstellen (waaronder ook een zwarte). Maar om nu een Piet-beeldenstorm op een kinderfeest te gaan ontketenen; dat gaat me wat ver.

Politiek is soms een Sinterklaasfeest, maar Sinterklaasfeest is geen plek voor politiek
Ik ben voor het recht op vrije meningsuiting, voor een open discussie, tegen racisme, maar ook voor het ruimte laten en respecteren van kinderfeestjes. Ik probeer me voor te stellen hoe je verontwaardiging over racisme zo groot kan zijn dat je besluit om een kinderfeestje te gaan verstoren om je boodschap te melden. Maar het lukt me maar met grote moeite. We gaan toch ook niet op kinderfeestjes rondlopen met allemaal flyers van politieke partijen of actiegroepen?

Ik vrees ik dat ik echt een oude en milde man aan het worden ben. De kleur van de Piet laat me eigenlijk koud. En ja, ik geef toe, ik vind dat de Nederlandse politiek veels te veel het karakter van een Sinterklaasfeestje is: grote verwachtingen, maar je moet nog maar afwachten of je alles van de Sint kado krijgt. Maar je moet de boel niet omdraaien.

Het lijkt me evident dat de verontwaardiging over Zwarte Piet vooral in Den Haag thuishoort en niet op een kinderfeestje.

dinsdag 4 november 2014

Verbazing over parlementaire kortzichtigheid studiekosten: tijd voor een nieuwe eed voor 2e Kamerleden

Ik verbaas me weer eens over onze landelijke politiek. Gisteren hadden ze Piketty op bezoek die uitlegde hoe het zit met inkomens-ongelijkheid en de sterkere tweedeling tussen have's en have-nots aan de horizon. En vandaag doet de Tweede Kamer zélf een duit in het zakje: een debat over studiefinanciering gaat ongetwijfeld leiden tot het afschaffen ervan.

Het netto effect hiervan is dat 
- het verschil tussen have's en have nots nog groter wordt 
- terwijl en passant een klassieke bruidschat wordt ingevoerd: wie in de toekomst gaat trouwen of samenwonen met iemand die studieschuld heeft, kan zich verheugen op een klassieke bruidschat aan de budgettaire consequenties waarvan niet te ontsnappen is. 
Meest verbazend is tenslotte de titel van deze exercitie: een sociaal leenstelsel.

Wie is er nu kortzichtig hier ?
Perverse prikkels. Dat was het sleutelwoord waarmee de politiek de bankiers met harde hand in het gareel sloeg. Teveel focus op korte termijn, te weinig evenwichtige aandacht voor alle belangengroepen in de samenleving. Het lijkt me evident dat je die etiketten al langere tijd ook op onze politici kunt plakken. Met een ontzettend polariserend en samenhang ondermijnend 'sociaal leenstelsel' tot gevolg.

Je zou haast willen dat de Tweede Kamer leden een eed zouden afleggen om ze dwingen tot een meer consistente en evenwichtige afweging waarbij ze niet slechts de korte termijn ijdelheidsbelangen van zichzelf, maar ook de lange termijn belangen van de samenleving in oog houden. Maar ja, zo'n eed, die is er al en zeg nou zelf, vind u hem ook niet wat inhoudsloos?

"Ik zweer (verklaar) dat ik, om tot lid van de Staten-Generaal te worden benoemd, rechtstreeks noch middellijk, onder welke naam of welk voorwendsel ook, enige gift of gunst heb gegeven of beloofd. Ik zweer (verklaar en beloof), dat ik, om iets in dit ambt te doen of te laten, rechtstreeks noch middellijk enige belofte heb aangenomen of zal aannemen. Ik zweer (beloof) trouw aan de Koning, aan het Statuut voor het Koninkrijk en aan de Grondwet. Ik zweer (beloof) dat ik de plichten die mijn ambt oplegt getrouw zal vervullen."

Nieuwe eed, nieuwe kansen.. !
Het lijkt mij zaak om die extreem kortzichtige politici in ons land in te tomen. De media lukt het niet, de kiezer lukt het niet (die wordt deels ten onrechte aangewezen als oorzaak van dit kortzichtige gedrag), dus dan moet het maar weer van deze oud-raadspensionaris komen.

Mijn voorstel is dat we de bankiers-eed gewoon integreren in de huidige eed. Dat verduidelijkt even wat beter wat de poitici horen te doen. Prettig bij-effect is dat de politici ook zelf eens kunnen proeven van de gerechten die ze anderen serveren. Daarbovenop voeren we dan ook het tuchtrecht in en dan eens zien of het beter wordt.

“Ik verklaar dat ik mijn functie als Tweede Kamerlid integer en zorgvuldig zal uitoefenen. Ik verklaar en beloof, dat ik, om iets in dit ambt te doen of te laten, rechtstreeks noch middellijk enige belofte heb aangenomen of zal aannemen. Om tot lid van de Staten-Generaal te worden heb ik rechtstreeks noch middellijk, onder welke naam of welk voorwendsel ook, enige gift of gunst heb gegeven of beloofd. 

Ik zal een zorgvuldige afweging maken tussen alle belangen die in Nederland bij de maatschappelijke discussie spelen, te weten die van de burgers, de bedrijven, de werknemers en de internationale gemeenschap. Ik stel in die afweging het belang van de burger voorop en zal hem zo goed mogelijk inlichten. 

Ik zal mij gedragen naar de wetten, de reglementen en de gedragscodes die op mij als Tweede Kamerlid van toepassing zijn. Ik zal geheim houden wat mij is toevertrouwd. Ik maak geen misbruik van mijn politieke kennis. Ik zal mij open en toetsbaar opstellen en ik ken mijn verantwoordelijkheid voor de samenleving. 

Ik zal mij inspannen om het vertrouwen in de Nederlandse politiek te behouden en te bevorderen. Ik zal zo het ambt van Tweede Kamerlid in ere houden. 

Ik zweer (beloof) trouw aan de Koning, aan het Statuut voor het Koninkrijk en aan de Grondwet. Ik zweer (beloof) dat ik de plichten die mijn ambt oplegt getrouw zal vervullen."


dinsdag 16 september 2014

Prinsjesdag: waarom ik de dubbel-teflon troonrede aan me voorbij laat gaan

Nu we zo'n twee jaar met dit kabinet onderweg zijn begint ondanks alles bij sommige in de zogeheten intellectuele elite het beeld bij het kabinet te kantelen. Het kabinet speelt het toch maar mooi klaar al die plannen uit het Fristi-akkoord rond te breien. En zo hoor je meer geluiden die ik vermoed ook vandaag weer te gaan horen.

Ik ben er echter weinig positief over. De rechtstaat brokkelt af en het gansche land verword tot één grote, onzaligmakende bak vriendjespoliek. Met dank aan de Fristi-boys Rutte en Samsom, die vandaag nog wat losse flodders toevoegen aan hun arsenaal suikerspin-patronen.

Fristi-akkoord en gemeentelijke decentralisatie versterken vriendjespolitiek
Zoals ik eerder op deze blog (hier, hier en hier)  al aangaf hangt het Fristi-akkoord van allerlei open eindjes, illusies en niet doordachte implementaties aan elkaar vast. Daarin is wezenlijk weinig veranderd, zij het dat Rutte en Samsom op handige manier jan en alleman hebben weten te paaien. En wellicht is dat de realiteit van de toekomstige politiek wel: niemand een meerderheid en iedereen paaien. Het brengt ons in een onverkwikkelijk landschap van nog incidenter-politiek dan we al zaten. In de kern wordt het daarmee nog belangrijker om op het juiste moment met de juiste vriendjes de juiste afspraken te maken.

Maar laten we ook door die dagelijkse blurrie heenkijken. Structureel worden gemeentes met een onmogelijke opdracht opgezadeld. Op lokaal niveau gaan op het gebied van zorg en welzijn verschillen ontstaan afhankelijk van de financiële situatie per gemeente. Het doet me allemaal heel erg denken aan het echec van de Amsterdamse deelraden. Opgezet omdat het zo mooi was om de politiek dicht bij de burger te zetten en opgedoekt omdat het op te laag niveau in de politiek niet meer lukt om professioneel te werk te gaan (lees: alles vriendjespolitiek werd).

Bij de dorpspomp
Intussen slaat iedereen bij de dorpspomp in Den Haag Frans Timmermans op de schouders die er met een volstrekt betekenisloze excuus-post in Brussel bekaaid vanaf is gekomen. Er wordt een wet ingediend over Zwarte Pieten, een  nieuw Deltaplan 2.0 voorgesteld en de AEX bereikt haar hoogste punt. Zo staan we ervoor.

Nee, echt jaloers kun je niet zijn op de Koninklijke familie die van dit zootje ongeregeld de ceremoniële baas moet spelen. Ik denk dat ik die dubbel-teflon troonrede dit jaar maar gewoon aan me voorbij laat gaan.


donderdag 21 augustus 2014

Verbazing over 'hard nieuws', 'harde reclame' en het onophoudelijk gebeuk op de menselijke emotie

Begrijp me goed. Ik heb zeer te doen met allen die in welke omstandigheden ook verkeren die onfortuinlijk, droevig of mensonterend zijn. Of dat nu oorlog, ziekte, tegenslag of wat dan ook is. We kunnen en mogen daar niet aan voorbijgaan. Maar ik verbaas me toch met lichte irritatie over wat er zoal via de reguliere media op me af komt.

Aangezien het een illusie is om te denken dat de zenders van al dat onheil zichzelf in de toekomst zullen  matigen is de consequentie dat we in de nieuwe P2P samenleving, naast een digitaal recht om vergeten te worden ook een digitaal recht moeten krijgen om verschoond te blijven van ongewenste media-uitingen die te zien zijn als doelbewuste aanslagen op ons lymbisch systeem. Waarvan akte.

Harde reclame voor ziekte ALS
Ik hoorde een interview vorige week met een man die werkt voor een goed doel dat gelden inzamelt voor ALS. Nu vooral bekend van de Ice-bucket challenge, maar voordien vooral van die harde reclame. Een reclame waarin dode mensen toestemming hebben gegeven om billboard-groot na hun dood in het openbaar te verschijnen om mensen te motiveren de strijd tegen hun ziekte voort te zetten.

Mediatechnisch gedurfd en, aldus de man, het zette de ziekte goed op de kaart. Al luisterend ontwikkel je ook enige sympathie voor de goede zaak, maar als ik dan toch weer zo'n grote foto zie van iemand die er nu niet meer is...? Het is me te gewoon net een tandje te hard.

Hard en snel nieuws
In een ander interview over snelle media (ik denk bij BNR), hoorde ik een media-expert schetsen hoe we steeds meer dat korte, rauwe en snelle nieuws hebben, zonder de klassieke filters van vroeger. Naast de rat-race van de media om het nieuws komt daar nog eens bij dat elke persoon zijn eigen journalist is. En zo landen er talloze onverkwikkelijke filmpjes, foto's op het web. En kunnen media kiezen om dat uit te zenden of niet.

De bottom-line hiervan is dat we, met dank aan de technologie, als publiek steeds meer op ons korte-termijn 'fight-or-flight' emoties en hersensysteem worden geraakt, door alle media. Het is een systeem dat is ingericht om in acute noodgevallen aan het werk te gaan, maar dat wordt nu doelbewust aan de lopende band gekieteld om allerlei commerciële of electorale motieven. En dat lijkt me een slechte zaak. Want als mensen hebben we balans nodig tussen lange- en korte termijn perspectieven.

Technische vooruitgang legt de bal bij de ontvanger
De feitelijke beperkingen van de technologie in pre-Internet tijdperk had tot gevolg dat er teveel gemanipuleerd kon worden en de bevolking te lang buiten de waarheid kon blijven. Dat was weinig verheffend. Maar één voordeel was er ook: de tijd voor technische verwerking hielp ook bij reflectie en in kader plaatsen van ontwikkelingen.

Met de toegenomen snelheid ligt er opeens bij de ontvanger van het nieuws de plicht om een extra filter in te bouwen. Je kunt er inmiddels gewoon op rekenen dat je vroeger of later onverhoeds geconfronteerd wordt met een bekende Nederlander of een onbekende zieke die in een indringende radiospot voorbij komt. Of dat je een stukje nieuws krijgt waar je even niet helemaal lekker van wordt.

Mijn zorg is dat we geleidelijk met zijn allen gewend raken aan dit korte termijn op de bal spelen van jan en alleman. De politiek is natuurlijk al incident gedreven en jaagt achter de gunst van de massa aan. tezelfdertijd jaagt die massa achter een soort Gesundes Volksempfinden aan. Met dank aan moderne media wordt steeds vaker het recht of de schandpaal in eigen hand genomen.

Reinheidsplicht van een zender en verschoningsrecht van de ontvanger...
Wat mooi is aan mens zijn is om onbevangen de wereld tegemoet te treden, vanuit een bepaalde openheid. Dat biedt ruimte voor verrassingen voor echte ontmoetingen. Zo'n houding kun je je echter in het toekomstig medialandschap niet meer veroorloven. Je krijgt teveel rotzooi op je af. En als je er wat van zegt, zou je bijna beginnen te denken dat je een oude krassende knar bent die niet meer mee kan met de tijd.

Ik denk dat dat niet het geval is. Juist de verschuivende rollen en nieuwe technieken van dit peer-2-peer tijdperk maken dat voormalige consumenten zich moeten realiseren dat ze ook producent kunnen zijn. En dat dat ook verplichtingen schept. De verplichting om niet zomaar alles in de wereld te slingeren en niet permanent op de medemens in te beuken met hard nieuws en harde reclame.

Tegelijk moeten we ons realiseren dat de ontvanger ook nieuwe rechten hoort te krijgen bij deze nieuwe techniek. Misschien duurt het nog even, maar naast het recht om digitaal vergeten te worden is er volgens mij ook zomaar plaats voor het recht om verschoond te blijven van te hard nieuws en te harde reclame.

vrijdag 20 juni 2014

Verbazing over salaris(verbazing) banken: lakmoesproef voor de eed

Deze week is er de nodige ophef over de verhoging van vaste banksalarissen in de subtop van ABN AMRO en Rabo met 20%. Ook zijn er de nodige partijen die zich niet verbazen: de verhoging is immers een logisch vervolg op de politieke bash-je-bank wraakactie waardoor een nationale 20% top op bonussen ontstaat.

Mijn persoonlijke conclusie is dat de banken in kwestie bij deze gezakt zijn voor hun eindexamen financiële eed voor de sector. Het bonusgereutel is te zien als een lakmoesproef die zowel de onvolwassenheid van de Tweede Kamer als die van de betreffende banken toont. Juist de recente eed (en eer) van een bankier zou namelijk met zich brengen dat hij/zij ook subjectief onrechtvaardige, doch juridisch adequaat vastgestelde regelingen, accepteert en niet met een slimmigheidje ontduikt.

De vervolgconclusie is overigens vrij desastreus. De eed voor de financiële sector is, alle goede voornemens en initiatieven van Chris Buijink van de NVB ten spijt, meer een schaamlap dan een erezaak. Immers: als de politieke context de bankiers raakt waar het pijn doet (in de portemonnee), dan vertonen ze onvolwassen uitwijkgedrag waarvoor een integere bancaire compliance officer niet zou schromen zijn bestuur of Raad van Commissarissen te waarschuwen.

Conclusie
Waar de hele samenleving op allerlei manieren de financieel-economische crisis ervaart en de tering naar de nering moet zetten in toenemende onzekerheid over de eigen baan- en inkomenspositie, kiezen bankiers met een riant salaris, benijdenswaardige inkomenszekerheid en bijpassend pensioenpakket vanuit een wereldvreemde ivoren toren benadering voor een graai in de kas van de eigen klanten, om het ervaren subjectieve leed - veroorzaakt door een eigen serie aan PR-fouten en bancaire overmoed - recht te trekken.

-----

De analyse: inhoudelijk
1. Bonussen werken niet; dat weten we al jaren (zie deze aparte blog). Ze zijn de weerslag van een denkfout waarin extrinsieke motivatoren als zwaarder worden gewogen dan intrinsieke. Dit leidt hoe dan ook tot abberaties in de onderneming omdat disbalans ontstaat in de factoren waarop een bonus wordt gelegd en die waarop dat niet gebeurt.

2. Eén van de abberaties die het bonus systeem oplevert is dat een bonus geen bonus meer is (letterlijk: extra-tje) maar inkomen. De permanente bonusafspraken worden gezien als inkomen en daarmee gezien als verworven inkomensrecht. Dat lijkt me een denkfout. Een bonus is geen vaste toekomstige inkomensclaim maar een conditionele toelage die afhangt van voorwaarden die door wet of werkgever gewijzigd kunnen worden.

3. Een morele of ethische claim op de werkgever om bij het wegvallen van de bonus gecompenseerd te worden in inkomen is een contradictio in terminis. De bonus is een extra, geen inkomen. Daaruit kunnen geen rechten worden ontleend.

De politiek/tweede kamer
4. De Nederlandse politiek is rechtstatelijk gezien in ontbinding: adviezen van de eigen institutionele risico-manager: de Raad van State worden genegeerd. Waarschuwingen op dit gebied worden genegeerd alhoewel er wel een obligatie discussie over het onderwerp rechtstaat is gevoerd. Men deed een plas en alles bleef zoals het was.

5. De teloorgang van politieke mores om acht  te slaan op het advies van de Raad van State raakt in het bijzonder ook de banken. Politici zijn op electorale bonusjacht en leggen de adviezen over de nieuwe structuur van DNB (kritisch), zorgplicht (niet doen), de eed voor individuele medewerkers bij banken (niet doen), de bonuscap 20% (niet doen) naast zich neer.

6. Temidden van dit politieke haantjesgedrag weet de Tweede Kamer niet de juiste aandacht te geven aan de zorgvuldige behandeling van een kerninstituut in onze samenleving: de Nederlandsche Bank. Het gestuntel rondom de opvolging van Wellink was van betreurenswaardig allooi.

Kortom, de Tweede Kamer houdt zich incidentgewijs bezig met wat zich voordoet en vergeet naar de bal te kijken. Het is een beetje als een huismeester die elk probleemsituatie in een pand oplost met hetzelfde rolletje ducktape. Je kunt je voorstellen dat de bewoners van dat huis steeds minder fiducie in hem hebben en het huis er niet echt beter van wordt.

De banksector
7. De banken staan er gekleurd op in Nederland. Niet ten onrechte. We hebben de afgelopen jaren overmoed gezien (SNS, ABN AMRO) onvoldoende interne controle (Rabo), overcomplexiteit (ING) en opportunisme (DSB, Icesave). Natuurlijk kunnen we dan wijzen naar de toezichthouder, maar die doet er in de kern van de zaak niet toe. Banken dienen voldoende zelfreinigend en zelfcorrigerend vermogen te hebben en dat was er niet.

8. Groot pluspunt is dat de banksector een Code Banken inrichtte, de eigen interne controlestructuren verbetert, meer aandacht heeft voor governance en risico's. De geformuleerde eed voor de financiële sector werd onderdeel van de regelgeving. Ik haal daar voor deze blog even deze 2 delen uit:
Ik zweer/beloof dat ik een zorgvuldige afweging zal maken tussen alle belangen die bij de onderneming betrokken zijn, te weten die van de klanten, de aandeelhouders, de werknemers en de samenleving waarin de onderneming opereert.
...
Ik zweer/beloof dat ik mij zal gedragen naar de wetten, de reglementen en de gedragscodes die op mij van toepassing zijn.
Van houdgreep naar dialoog, visiedocument en consultatie
9. De afgelopen jaren was lange tijd sprake van een uitermate ongezonde houdgreep waarin de politiek, media en bankiers elkaar gevangen hielden. Makkelijke maar onjuiste of uit Anglosaxische wereld geïmporteerde noties en denkbeelden (lees Kahneman) beheersten het debat. Een heel spectrum usual suspects kwam herhalend op televisie om hetzij het ene, hetzij het andere kamp schematisch neer te zetten. De polariserende rol van de media moet daarbij niet onderschat worden.

10. De afgelopen tijd was te zien dat er, met het aantreden van Chris Buijink bij de Nederlandse Vereniging van Banken (NVB), een nieuwe dialoog op gang kwam met de samenleving. Ik herinner me in het bijzonder een buitengewoon goed geleid debat door Felix Rottenberg in de Balie. Ook individuele bankiers mengden zich in het debat en brachten meer inzicht. Het meest recente voorbeeld zie je in dit stuk van de ING waarin men uitlegt hoe het zit met de geldscheppingsparadox voor banken.

11. Begin dit jaar werd duidelijk dat er ook wat zelfvertrouwen groeide bij bankiers. Zalm zette een smakeloos sexistische act neer als nieuwjaars-speech en toen die ook de Financial Times groeide en trots in Nederland over 'onze Gerrit' als had hij zelf de wereldbeker binnengehaald. Er was in mijn ogen te weinig aandacht voor een onderliggend probleem: de hele act en publiciteit ademde de sfeer van een organisatie waarin te weinig tegenspraak was georganiseerd, alle bankcode's en financiële eed ten spijt.

Bankieren, voldoen aan regels en dilemma's
12. Bankieren zit vol regels. Daar is feitelijk weinig spannends aan, alhoewel het best wel veel regels zijn en ze niet altijd even goed op elkaar passen. In de loop der tijd is zo het beroep compliance officer ontstaan om goed bij te houden en te volgen of de bank netjes aan de regels voldoet. Zulke compliance officers houden de bank bij de les en hebben een onafhankelijke positie zodat ze in geval van nood richting de Raad van Bestuur of Raad van Commissarissen kunnen om hun signaal af te geven.

13. In de praktijk lopen compliance officers ook tegen vragen aan op het grensvlak van recht en moraliteit. Stel dat in een bepaalde situatie een bank een plicht heeft om te voldoen aan een bepaalde controle of meldings-procedure, maar in de praktijk de commerciële jongens binnen de bank de klant te adviseren/informeren dat die plicht niet geldt als hij in plaats van één grote transactie in feite twee opvolgende kleinere transacties doet.

Aan de ene kant kun je zeggen: die twee opeenvolgende transacties zijn helemaal binnen de regels van het recht. Dus er niets aan de hand en de bank zou dit de klant kunnen adviseren. Aan de andere kant is duidelijk dat de bedoeling, de geest van de wet, ondergraven wordt. Dat is nou typisch zo'n moment waarop de eed van de financiële sector juist de compliance officer een duwtje in de rug kan geven. Daar staat immers met zoveel woorden de norm om je te gedragen naar de wetten en regels van het land, met een afweging van alle relevante belangen.

In de hier geschetste situatie moet je als bank je - in mijn ogen - verre houden van adviezen of handelingen die beogen om de toepassing van de wet te ontlopen. Het is niet aan een individuele bankmedewerker om met een slimmigheidje de wetstoepassing in de praktijk te onlopen. Wet is wet en daar heb je je aan te houden, zowel naar de letter als naar de geest.

Toegepast op de bonussen en salarisverhogingen
14. De discussie over bonussen en daaropvolgende salarisverhoging is in de kern van de zaak een compliance discussie. Er is een wet met een bepaald effect. Die heb je te respecteren, ook als het alleen een wet is die komt vanuit nationaal perspectief. Al het bankieren is Europees en het voelt voor bankiers logisch onrechtvaardig aan dat Nederland gaat afwijken met een 20% bonuscap. En al helemaal als je in een land zit waar de wraakstemming bij de politiek nog zo onvolwassen heftig is. Maar goed, een wet is een wet en als je die niet bevalt moet je maar proberen de wet te wijzigen.

15. De context en geest van de wet over maximale bankbonussen is dat de governance van banken door eigengereide belonings-structuren is ontspoord en maatschappelijk ongewenste neven-effecten heeft veroorzaakt. Dit vertaalt zich in een maximering, die inderdaad een zeker strafkarakter heeft. En hoe arbitrair en onrechtvaardig die straf-exercitie ook is; het is óók de consequentie van een belabberd PR-beleid en het disfunctioneren van de sector in de afgelopen jaren.

16. Ondernemingsgewijs kun je nu twee dingen doen.
A- Je incasseert als bank je verlies en vertelt je medewerkers dat de bonussen naar het 20% niveau gaan zonder verder iets te veranderen. Dat kan pijn doen in de portemonnee van je medewerkers maar die leg je dan uit:
- dat de gouden tijden in het bankwezen definitief voorbij zijn,
- dat de sector de billen heeft gebrand en op de blaren moet zitten,
- dat een bonus geen inkomen is maar een extra-tje,
- dat de leiding van de bank zich conform wet én de eed financiële sector te houden heeft aan de wet, hoe onrechtvaardig ook,
- dat het uitermate slecht voorbeeldgedrag zou zijn om de toepassing van die wet te ontlopen door de salarissen van de bonuskrijgers evenredig te verhogen,
- dat het bonus-offer, geplaatst in de context van de ontwikkelingen in de samenleving van dit moment (flexibilisering, werkloosheid, baanonzekerheid etc), relatief is
- dat het de medewerkers uiteraard vrij staat om op te stappen en ander werk te zoeken als deze bonus nu datgene was wat hen aan de bank bindt.

B- Je bent boos op politiek, staat onder druk van managers die ten onrechte een inkomensclaim neerleggen en dreigen op te stappen en denkt: ik trek mijn eigen plan en verhoog de salarissen. Kortom, waar de politiek besluit om beloning af te pakken van de medewerkers van de instelling haal je het zelf terug van de klanten. Daar kun je dan duizend rechtvaardigingen aan hangen (waarvan ik de onderliggende verontwaardiging overigens volledig onderschrijf) maar het blijft weinig passend gedrag.

De consequenties
17. Hoe begrijpelijk de stap van ABN AMRO en Rabo ook is; ze toont aan dat de antenne voor de maatschappelijke context van banken uitermate slecht ontwikkeld is. Het is duidelijk dat bij de betreffende banken de governance niet op orde is en ook de Raad van Commissarissen niet functioneert. Men heeft dan wel de eed van de financiële sector ondertekend maar men handelt er niet naar of men is bedrijfsblind geworden en miskent de ontwikkeling in de samenleving.

18. Alle energie die door de rest van de banken wordt gestoken in het wél netjes voldoen aan de reputatie als bank en het naleven van de financiële eed gaat verloren. Alle aandacht gaat uit naar de partijen die zich niet conform de eed gedragen en als geheel wordt de banksector weer drie stappen terug gezet. Dat is buitengewoon jammer, want er ontspon zich net het begin van een gesprek.

19. Het hoofdsignaal is: banken laten zich gewoon aan niemand iets gelegen liggen en die mooie consultaties en toekomstvisies van de Nederlandse Vereniging van Banken zijn inderdaad meer een schaamlap dan een erezaak. De NVB is natuurlijk ook niet bij machte om de grootbanken écht bij de les te houden.

De weg vooruit: eerste casus in tuchtrecht?
20. Natuurlijk gaan we de komende dagen met zijn allen weer veel verontwaardiging over dit thema zien, maar laten we een stap vooruit denken. Hoe breng je dit tot een oplossing?

Mijn suggestie zou zijn dat ABN AMRO en Rabo hun besluit aanhouden en zelf inbrengen als proefcasus voor de tuchtrechter die er zou komen bij de beoordeling van de toepassing van de eed voor de financiële sector voor bankiers. Stel je open op voor de kritiek in de samenleving en laat zien dat je bereid bent erop terug te komen als de (onafhankelijke!) tuchtrechter anders besluit.

Het zou dé lakmoesproef zijn die toont of de eed ook werkt in de praktijk.